Catch: Gold Panda, Gaslamp Killer, Sampha e.a.

Genre
Dance
Gepubliceerd op

Van Nederlandse namen wemelt het overigens niet vanavond. De Amsterdamse Tukker Pascal Pinkert is onder de naam Dollkraut een van de weinige die de vaderlandse eer hoog moet houden. Dat lukt vooral in de tweede helft van zijn set. Zoals het een goede beat betaamt komt Dollkraut namelijk als een diesel op gang. Een nog vrij lege Pandora ziet een liveband die vaak wat te veel zit opgesloten in zijn eigen experimentele echo’s en die door zijn eigen kunstzinnigheid tot kluizenaar lijkt te zijn veroordeeld. Als Pinkert en de zijnen (een bassist en een drummer) in de tweede helft van hun show meer melodie in de mix brengen maakt dat hun muziek direct duizendmaal boeiender en bezwerender. Catch komt dus niet per se te vroeg voor Dollkraut, maar Dollkraut wel wat vroeg voor Catch.


Het is namelijk nog wat vroeg om te dansen. Er moet eerst – hoewel je dat normaal gesproken in omgekeerde volgorde doet – gedroomd worden. En in wiens warme armen kan dat nu beter dan in die van de sensationele Sampha. Van protegé van SBTRKT, Solange en Drake groeit de Londenaar langzaam maar zeker uit tot poster boy. Deze week kwam, zag en overwon Sampha al in een uitverkocht Paradiso en ook vandaag klopt alles aan de set van de superster in spe. Sampha, die wordt bijgestaan door een driekoppige band, geeft een show die geen moment bedacht overkomt, maar waarover wél is nagedacht. De minimalistische lichtshow met maximaal effect past door zijn pastelkleuren perfect bij het palette dat zijn stembanden de schilder bieden. Sampha maakt de grootste gebaren op de kleinste manieren, bijvoorbeeld door zijn solovertolkingen van hits Too Much en (No One Knows Me) Like The Piano. Op gezette tijden komt de Brit achter zijn piano vandaan om het publiek te bespelen of om samen met zijn bandgenoten op één drumset te spelen in een verrassende versie van Without (zelfs zo’n trommelgimmick kun je bij Sampha serieus nemen). Met een extatische climax in de vorm van Blood On Me wordt eens te meer duidelijk dat Sampha alles in zich heeft om elke festivaltent en elk poppodium plat te spelen.


We hadden na de show van Sampha ook bevredigd naar huis kunnen wederkeren, maar dat zou ook zo zielig zijn geweest voor de andere acts. Sampha’s stadsgenoot Romare is namelijk een hartstikke sympathieke jongen. Archie Fairhust is een hippe gast die elektronica maakt zoals hippe gasten dat doen. De hitgevoelige tracks worden ten gehore gebracht door Fairhust en twee andere muzikanten en klinken een beetje zoals lasagne: laagje voor laagje is het niet veel bijzonders, maar het geheel is best lekker. En best lekker, daar is Catch ondertussen aan toe: de lichtvoetige producties van Romare krijgen de voetjes voor het eerst vanavond echt van de vloer. Het wiel wordt hier niet uitgevonden, maar rollen doet het wel.


Sampha dompelde zich bij vlagen doelbewust onder, Mount Kimbie verdrinkt zich. Het Britse duo, dat de afgelopen jaren meermaals te gast was op Pitch, verliest zichzelf in veel te harde instrumentalen die de subtiele soundcapes schel en schreeuwerig doen klinken. Verstaanbaar is het grotendeels nieuwe materiaal niet en de drumpartijen oogsten vooral bewondering vanwege hun volume. Qua geluidsniveau wordt geen gas teruggenomen, maar precies halverwege hun show vinden de Britten de balans. Wat daarna volgt is een demonstratie van hoe het ook kan. Mount Kimbie komt met oude favorieten als Carbonated ineens over als een Grote Band. Toch is het terecht dat de heren meermaals hun dank uitspreken richting het publiek. Dat wordt namelijk met de minuut enthousiaster, hoewel daar niet altijd evenveel reden toe is. Met een nipte overwinning op zak neemt Mount Kimbie niet alleen afscheid van Catch, maar ook van hun geluidsman Jim. Ze vinden het zelf zonde, maar wij vinden het zo gek nog niet.

Mocht het nog niet duidelijk zijn dat Catch een veelzijdig festival is, dan wordt dat op brute wijze bevestigd door de gevarieerdste dj van allemaal, The Gaslamp Killer. Nadat de behaarde, bebaarde barbaar wat hapklare brokken Childish Gambino, Kendrick Lamar en Kanye West heeft opgediend, scheurt hij de volledige Encyclopedie der Dansmuziek aan stukken om vervolgens de meest knotsgekke knipsels te serveren. De rode draad is de manier waarop William Benjamin Bensussen die lappendeken live in elkaar naait. Dat dat zo goed lukt is knap, want Bensussen staat geen seconde stil. Zijn duivelse dansroutines verraden dat de muziekselectie niet volledig willekeurig is; de dj kent de muziek van maat tot maat op zijn duimpje. En dat werkt aanstekelijk. Als The Gaslamp Killer - kort nadat hij heeft verkondigd dat zijn opa uit Istanbul en zijn oma uit Syrië komt – een Pakistaanse band draait die J Dilla covert, lijkt de Ronda daadwerkelijk in de rondte te draaien.


Zo wild als de set van The Gaslamp Killer was, zo wonderschoon is die van Gold Panda. De Brit-in-Berlijn speelt een organische show waarin de verandering zo subtiel zijn dat je niet of nauwelijks doorhebt dat er iets verschuift. Zoals zijn visuals vormen de tracks Derwin Schlecker, die gelijke delen slim en sexy zijn, een samenkomst tussen het synthetische en het natuurlijke. Op een kaalgeslagen bodem van beats plant Gold Panda kleurrijke melodieën die zoet zijn, maar nooit zo zoet dat de synths het glazuur van je tanden slijten. De onverstoorbaar ogende dertiger is daarmee de personificatie van Catch, dat op zijn derde editie eens te meer aantoont hoe het een droomwereld en een dansvloer tegelijkertijd kan zijn. Ergens in het grijze gebied tussen clubshow en concert denken we bevangen door wietdampen, de geur van zweet en twee dagen zwakke zonnestralen aan de festivalzomer.

Door Dirk Baart / Fotografie: Het Rijk Alleen

Gezien: 24 maart 2017, TivoliVredenburg, Utrecht