Home Festival Treviso 2016

Genre
ALL
Gepubliceerd op

Eenmaal gearriveerd constateren we al snel dat Home van deze beide grote festivalnamen wel iets weg heeft. Het festivalterrein nabij het vliegveld van Treviso herbergt meerdere podia (in tenten en de open lucht), allerlei ludieke ‘verschijnselen’ (kunst, straattheater, steltlopers e.d.) en vele eetgelegenheden, kraampjes en kermisattracties. Ook is er dit jaar voor het eerst een heuse camping (de zogenaamde Home Garden, met duizend bezoekers per dag uitverkocht). Het festival zelf trekt dit jaar 88.000 bezoekers.


Veel aan Home is hetzelfde als op menig andere Europees festival. Maar veel is ook anders. Aan de muziekprogrammering zie je het Italiaanse karakter af. Het merendeel van de ruim honderdzestig acts is van Italiaanse huize. Grote internationale namen (The Prodigy, Martin Garrix, Editors) fungeren als publiekstrekkers, maar er zijn ook net iets minder grote als bijvoorbeeld Enter Shikari, Pendulum (DJ Set) en 2ManyDJs. Ook het weer is zeer Italiaans. Begin september is de herfst hier nog ver weg. Het is bloedheet en doet uitermate zomers aan. Het programma begint dan ook niet voor een uur of zeven, daar voor is het te warm. Alle festivalavonden zijn heerlijk zwoel.

Naar Europese begrippen zijn de entreeprijzen van Home ongekend laag. Een dagkaart kost 22 euro. Voor het hele festival, de volle vier dagen dus, hoef je slechts 70 euro neer te leggen. Enige bevreemding wekt het omslachtige kassasysteem op het terrein. Wil je iets te eten of drinken kopen, dan moet je eerst in de rij voor de kassa, daar je bestelling doen en betalen, waarna je een bonnetje krijgt, waarmee je in een nieuwe rij kunt gaan staan om je consumptie te ontvangen. Het terrein wordt bijna fanatiek schoongehouden. Elke vorm van afval (plastic, papier, bekers, flesjes, organisch etc) wordt gesorteerd in allerlei bakken die verspreid op het terrein staan. De toiletten behoren – dankzij een ingenieus doorspoelsysteem – tot de schoonste en meest comfortabele die we ooit op een festival gezien hebben.


Op de eerste dag, de rustigste qua bezoekersaantal, lijken de festivalgangers vooral geïnteresseerd in eten. Men dromt massaal samen op het middenterrein om gezeten aan lange houten tafels vol overgave Italiaans eten naar binnen te werken. Met name focaccia, piadine en panini. De beroemde pasta ontbreekt vreemd genoeg in het aanbod. De muziek laat men een beetje links liggen. In de tenten die het verst van het middenterrein afliggen, spelen de meeste artiesten voor een handjevol belangstellenden. Alleen voor het grote Clipper-podium is het redelijk druk, zeker wanneer de Britse Editors – in grootse vorm – min of meer dezelfde ijzersterke show neerzetten die ze enkele weken geleden ook in Boedapest op Sziget brachten. Die eerste avond verloopt enigszins mat. Als dit nu de Italiaanse festivalcultuur is, vragen we ons na afloop zorgelijk af …

Het blijkt gelukkig – is dat ook Italiaans? – toch heel anders in elkaar te steken, zo merken we de volgende twee dagen, wanneer Home begint te bruisen en een heel eigen sensuele, elegante gedaante aanneemt. Uitbundig en met veel oog voor het mooie en aangename in het leven, precies eigenlijk zoals we van de Italiaans volksaard mogen verwachten. Het is alsof je ineens in een festivalversie van de woorden La Bella Italia bent gestapt. De Italiaanse festivalcultuur blijkt duidelijk net een graadje meer een kwestie van ‘uitgaan’, stijl en zien en gezien worden dan wij in Noordwest Europa gewend zijn.


Het naburige Venetië is bovendien niet voor niets de stad van de maskers. Ineens lijkt het ook alsof die eerste dag maar een vermomming was, en nu pas de ware (flanerende) aard van het festival getoond wordt. Vooral de vrijdag en zaterdag sprankelt Home als een goed glas prosecco, de mousserende wijn afkomstig uit de regio rond Treviso. Dat schilderachtige welvarende stadje met z’n prachtige middeleeuwse architectuur, waar modeketen Benetton ooit begonnen is, ligt op drie kilometer afstand van het festivalterrein en is alleen al een dagbezoek waard.

Het programmaboekje van Home is wat slordig in die zin dat het stelselmatig een half uur achterloopt en niet vermeldt uit welk land de optredende acts vandaan komen. Daarmee verzuimt de organisatie het internationale karakter van het festival reliëf te geven. Overigens is dit pas het tweede jaar dat Home überhaupt internationale acts op het programma heeft. In ieder geval lijkt bijvoorbeeld niemand in het publiek te weten wie The Jacques zijn, een steengoed en piepjong post-Arctic Monkeys-bandje uit Bristol, dat zodoende voor anderhalve man en een paardenkop staat op te treden op het kleine La Grande V Stage, waar verder eigenlijk alleen Italiaanse acts spelen. Voor het Australische Dub FX daarentegen stroomt vrijwel meteen daarna de grote Isko-tent behoorlijk vol. Terecht ook: rapper en ‘freestyle-muzikant‘ Benjamin Stanford (echte naam), ooit begonnen op straat, zet eerst solo, dan met band een aanstekelijke, viriele show neer, met lekker lome reggae-, hiphop- en dubstepgrooves. Dub FX staat trouwens op 22 oktober in de Melkweg.

We krijgen op vrijdag en zaterdag ook Italiaanse bands te zien die voor niet-Italiaanse oren best de moeite waard zijn: Il Teatro Degli Orroriop hoofdstage, met z’n duistere, energieke en drukke muziek, Italiaanse geestverwanten van Jesus Lizard en The Birthday Party. Of de mannen van Après La Classe, een soort van Mano Chao-imitatie, die met hun feest-ska de Isko-tent op stelten zetten. Grappig: als je geconfronteerd wordt meteen popcultuur waar je weinig van weet (en de taal niet beheerst), valt des te meer op wie hun voorbeelden zijn. Zo heeft de razend populaire rapper Fabri Fibra (zaterdag op het grote Clipperpodium) duidelijk naar Eminem geluisterd. Net als de Nederlandse popcultuur is de Italiaanse een ‘geleende’.


Ook anders dan wij gewend zijn ontbreekt op het hoofdpodium een (of meerdere) scherm(en) waarop je de verrichtingen van de sterren in close up kunt volgen. De tronies van Keith Flint en Maxim Reality van The Prodigy van dichtbij bekijken is er hier dus niet bij. Het maakt de bonkende muziek van de groep iets minder explosief, woest en opruiend, knallers als Omen, Firestarter en Smack My Bitch ten spijt. Martin Garrix, de onbetwiste en uiterst succesvolle publiekstrekker van de zaterdagavond, is op zijn DJ-verhoging beter zichtbaar. Zijn’ t-shirt (met daarop het +x-logo’tje) zie je overal gedragen op het festivalterrein. De handelaren staan ze prominent te verkopen buiten de poorten van het festival. Zowel op The Prodigy als Martin Garrix reageert het publiek wild en uitzinnig.


Vlak voor Martin Garrix speelt Eagles Of Death Metal, de groep die de aanslag op Bataclan overleefde. Hun concert ontroert, je kijkt toch naar mensen die ternauwernood aan een vuurpeloton zijn ontsnapt. Hun show toont aan dat conservatieve Amerikaanse rock anno 2016 nog best bestaansrecht heeft. Zanger/potsenmaker Jesse Hughes kraamt tussen de nummers vooral hippiekreten over liefde uit. Zeker geen rechtse Trumpiaanse taal. Zijn gitaarsolo’s – maar ook die van de man met de ZZ Top-baard naast hem – zijn dwars en eigenwijs en staan voor een prettig soort weerbarstigheid. Tot tweemaal toe prijst hij Italië (‘the last three days here brought us back to life’) en hij zingt zelfs een stukje O Sole Mio. Hughes heeft gelijk: het is in Treviso bijzonder goed toeven.

Zondag, de laatste dag, is een beetje meer familiegericht. Vrijwel alle acts zijn nu Italiaans, de sfeer is relaxed en loom. Uitermate aangenaam ook. Er is nog steeds heel veel publiek, maar voor internationale gasten valt er muzikaal weinig te halen. Wil Home een gerenommeerd internationaal festival worden en die aspiratie hebben ze, dan zullen er veel meer niet-Italiaanse acts op het programma moeten komen. Maar tegelijkertijd maakt de geringe afstand tot wereldattracties als Venetië (26 kilometer) en Padua (45 kilometer) en natuurlijk Treviso zelf (3 kilometer) een bezoek aan een paar dagen Home heel aantrekkelijk. Ideale combi: stedentrip-festival. Maar ook aan soepel transport naar en van die trekpleisters kan nog wel wat gewerkt worden.

Door Tom Engelshoven / Fotografie: Davide Carrer

Gezien: 1 t/m 4 september 2016, Home Festival, Treviso