Lowlands dag 2: Disclosure, Noel Gallagher e.a.

Genre
ALL
Gepubliceerd op


Het is zeer aangenaam wakker worden met RY X (India, 12:15). De Australische singer-songwriter, echte naam Ry Cuming, is bij het grote publiek misschien beter bekend als zanger van The Acid, maar bracht dit jaar zijn solo-debuut uit. Zijn liedjes zijn een kruisbestuiving tussen breekbare gitaarsongs en fraaie elektronische arrangementen, aangevuld met Cumings prachtige en warme stem. Een combinatie die de goedgevulde India vanaf minuut één in vervoering brengt. Op ieder ander moment had het optreden misschien snel saai geworden, maar vanmiddag valt alles op zijn plaats. Het publiek is doodstil tijdens de nummers, zoals het hoort, maar geeft Cuming na iedere song een steeds groter wordend heldenapplaus. Daar is hij duidelijk van onder de indruk, waardoor hij steeds met net iets meer bezieling gaat spelen. Zo beïnvloeden artiest en publiek elkaar enorm positief, wat bij prachtige nummers als Howling voor nog een extra laagje kippenvel zorgt. Fantastisch begin van de zaterdag. (RvdZ)


Had Matt Corby (Heineken, 13:00) maar wat van de passie die de meisjes op de videoschermen in de tent uitstralen. Tussen shots van de Australische singer-songwriter door zien we de ene na de andere verliefde blik zijn richting opgaan. Het lijkt hem niks te doen. In een slakkengang (alsof ‘ie óók een kater heeft) wandelt Corby over het podium en zingt hij behoorlijk voorspelbare liedjes. Soms een beetje funk, dan weer wat soul, maar nergens de verrassing. Zonde, want Corby heeft een prima, lekker rauwe stem. Met spannendere songs zouden we onze kater zo zijn vergeten. (JH)


We gaan voor het half uurtje!, roept maniakale frontman Simon van De Likt (X-Ray, 13:30) de bomvolle X-Ray in. Bij voorbaat kan je al zeggen dat het veel te weinig tijd is voor deze Rotterdamse electrorap. Het merendeel komt voornamelijk op basis van hitje Ja Dat Bedoel Ik maar heb je een beetje je research gedaan, dan weet je dat de fundering van de X-Ray het moeilijk gaat krijgen. En dat gebeurt ook. Adrenaline ten top voor de drie heren. Producers John van Beek en Giorgi Kuiper rammen de beats er zo hard mogelijk doorheen en Simon (pseudoniem van Jordy Dijkshoorn) springt op het podium rond er als Duracell-konijntje met te veel Brinta achter de kiezen. Het tempo is belachelijk hoog, maar de X-Ray lust er wel pap van. En natuurlijk, daar zijn de rode hotpants al. Simon heeft zo zijn eigen imago hoog te houden, of het er nu uit ziet of niet. Stukje opdrukken, even crowdsurfen of op de schouders van mede-Rotterdammer Immanuel Spoor; de frontman gaat alle kanten op vanmiddag. En ondertussen gewoon doorknallen, hard doorknallen. Maar wederom, dit was veel en veel te kort. Jawohl! (NL)


We weten inmiddels wel dat indiefolk-collectief Whitney (Charlie, 14:00) niet vies is van drogerende middelen, maar drummer/frontman Julien Ehrlich mag het wel eens wat rustiger aan doen: bad boy Julien heeft namelijk veel te veel zitten blowen voor de voorstelling, foei! Misschien mag zijn tourmanager hem dan eens een oorveeg en een strenge preek aanbieden in plaats van een whiskeyfles, hier tijdens het optreden in de volgepropte Charlietent. Ehrlichs concentratie ligt namelijk nog in de kleedkamer en zijn al niet bijzonder sterke falsetto klinkt vandaag nog iets fragieler dan normaal. Sterker nog, tijdens Bob Dylan-cover Tonight I’ll Be Staying Here With You beginnen zijn gilletjes, gemiste noten en vroeg gestaakte uithalen behoorlijk op de zenuwen te werken. En dan hebben we het nog niet eens gehad over Ehrlichs ritmefouten of die afschuwelijke loei die zijn microfoon gedurende de eerste vier(!) nummers veroorzaakt. De mannen van Whitney moeten het vandaag van hun intense bromance (die plotse kus tussen Ehrlich en gitarist Josiah Marshall begint wel een beetje een oude truc te worden) en onnodig veel geintjes over molly-overdoses hebben. En dat is niet genoeg om met een voldoende weg te komen. Blijkbaar weet die tourmanager toch beter wat die gasten van Whitney nodig hebben dan wijzelf, want na een paar flinke slokken Jack Daniel’s speelt de band een mooie aangepaste versie van Light Upon The Lake, om te besluiten met uitstekende vertolkingen van Follow en hit No Woman. Toch hebben we Whitney al eens veel beter zien optreden. Geen rock & roll-junkies worden, hè jongens? (DC)

Die miljoenen views op YouTube zeggen heus wel iets (al heb je nog altijd gasten die geloven dat er een loods Indiërs ingehuurd wordt), maar het blijft toch een abstract getal, zo’n tellertje onder een video. Vandaag laat Broederliefde (Heineken, 14:45) zien hoe hun ongekende populariteit er in het echte leven uitziet: een uitpuilende Heineken die van voor naar achteren uit zijn plaat gaat en letterlijk elk couplet mee kan blèren. En dat zijn echt niet alleen de kids: ook dertigplussers blijken de weg naar YouTube te kennen. Extra mooi van zo’n optreden, ten opzichte van een Muse of een Sum 41 bedoel ik, is dat het voor Broederliefde de belangrijkste show van hun leven is. Dat is er dus niet eentje by the numbers. Publiek en artiest genieten evenveel en stuwen elkaar met hun genot naar de zoveelste hemel. Zelfs die sitdown is niet eens echt stom. (KK)


Een jaartje of acht zijn we ze kwijt geweest, het Franse producersduo Cassius (Bravo, 14:50). Een hoog ‘Oh, die van dát liedje’-gehalte vanmiddag in de Bravo dus. Sound of Violence is zo’n liedje. Begin deze eeuw vaarden de twee mee op de trends van landgenoten Daft Punk en Justice. En blijkbaar vier je de terugkeer op het podium met een nagemaakte vulkaan - inclusief LED-schermen - en palmbomen als decor. Maar jammer genoeg voor Cassius zijn de visuals zo’n beetje het hoogtepunt van de set op Lowlands. Het is allemaal ontzettend vlak en de twee producers - getooid in trainingspak - hebben zichtbaar moeite de boel interessant te houden. En dan hebben we het nog niet eens over de hoeveelheid schoonheidsfoutjes gehad. Nee, dit is niet de middag van Cassius. Zelfs de hits helpen hier niet. (NL)

What a time to be alive, what a time to eat a bamischijf.’ Het is een befaamde tekst van rapper Donnie (Bravo, 15:00) die het niveau van zijn show aardig weergeeft. En dat bedoelen we niet eens negatief. De Jeugd Van Tegenwoordig-meesterbrein Bas Bron produceerde zijn debuutalbum Mannelogie en qua stijl doet hij ook wel wat denken aan die groep. Zijn teksten zitten vol zelfspot en zijn ook erg vermakelijk, maar de beats komen niet zo goed uit de verf vanmiddag, waardoor het optreden een beetje vlak blijft. Dat wordt ietwat verbloemd door de gigantische trukendoos die wordt opengetrokken, zo gooit Donnie met bierblikjes, voert hij een telefoongesprek met een gigantische rubberen telefoon en komt er een gierende gitaarsolo voorbij. Donnie maakt er een vermakelijk rommeltje van, maar echt beklijven doet het geen moment. (RvdZ)


Er heerst toch wel een beetje spanning in de Alpha. Zou Andrew Stockdale Wolfmother (Alpha, 15:45) wel écht volledig hebben gereanimeerd? Kort gezegd: ja. Opener Dimension neemt meteen alle twijfels weg. De Australische rockformatie is terug. En hoe! De Alpha krijgt hier dé rockshow waar het eigenlijk al veel te lang op heeft moeten wachten. De band weet precies hoe een set geopend moet worden op een festival; New Moon Rising, Woman en White Unicorn knallen al vroeg de tent in. Natuurlijk wordt het nieuwe werk er netjes in verwerkt maar dit is gewoon simpelweg wat je wil van het drietal. Maar is het dan tegenwoordig echt de grote Stockdale-show? Nee. Bassist/toetsenist Ian Peres springt alle kanten op vanmiddag, zijn basgitaar als contrabas gebruikend en ondertussen gewoon op de toetsen van zijn orgel rammend. En drummer Alex Carapetis beukt vrijwel zijn volledige voorraad drumstokken er in korte tijd doorheen. ‘Dít is rock ’n roll!’, horen we achter ons. De dame in kwestie kon niet meer gelijk krijgen. Hier kunnen nog veel zogenaamde topacts een puntje aan zuigen. Straight forward rammen. En Stockdale heeft ook nog eens zichtbaar plezier op het podium van de Alpha. Fijn om de frontman weer als vanouds te zien. Afsluiter Joker And The Thief knalt nog één keer een lading kwaliteit van de bovenste rockplank de Alpha in. Wolfmother is terug dus komt alles goed met de rock.(NL)

De naam Otherkin (Charlie, 15:45) behoeft misschien enige introductie. Welnu, Otherkin is een vierkoppige band uit Ierland, die qua sound ergens in het midden zit tussen grunge en punk. Songs hebben makkelijk te onthouden namen als Ay Ay en So So en hebben eigenlijk allemaal wel een eenvoudig mee te zingen hook. Op papier een ideale festivalband dus en de heren maken dat helemaal waar. Zanger Luke Reily wint zieltjes met wat woordjes Nederlands, ‘Jullie zijn sexy, Netherlands!’, en doet al na een paar nummers zijn shirt uit. Ook de rest van de band zit vol energie, evenals het publiek. Er kon vandaag nog niet veel gerockt worden op Lowlands dus grijpt het publiek de kans voor een dikke moshpit met beide handen aan. De gekte bereikt zijn hoogtepunt als Reily zelf het publiek even induikt en het voor elkaar krijgt om drie sitdowns in één nummer te organiseren. Stiekem heeft Otherkin eigenlijk helemaal niet zo veel nummers die echt blijven hangen, maar in het moment slaat iedere song in als een bom. Een van de leukste ontdekkingen van het festival tot nu toe. (RvdZ)

Wolfwat? Otherwie? Bij Kamasi Washington (India, 15:45) moet je zijn op deze Lowlandszaterdag, anders mis je een van de beste optredens van dit weekend. De jonge saxofoonvirtuoos toetert er een uur heerlijk op los in een bloedhete India. We krijgen in vier nummers een bondige samenvatting van het drie uur durende en evenveel schijven tellende meestwerk The Epic voorgeschoteld. Eerst een kwartier lang op jazzreis met Change of The Guard, een spannend experiment waarin een onwijs aanstekelijke eenvoudige melodie zich door verschillende tempowisselingen heen ontwikkelt. Dan worden al onze stoutste funkdromen waargemaakt met een keytar-jam door Brandon ‘Professor Boogie’ Coleman, zo opzwepend dat het klinkt alsof Prince weer gewoon ergens op de bühne mee staat te bass-slappen. Dan wordt vaderlief Ricky Washington erbij gehaald voor het soulvolle Cherokee en krijgt ieder bandlid op het podium de ruimte om de overvloed aan talent te laten zien in afsluiter The Rhythm Changes. Er staan nog drie minuten op de klok? Geen probleem: die worden met klasse voorbij geïmproviseerd. Het publiek hoeft zich geen moment te vervelen, want Kamasi Washington en band vuren non-stop pure klasse en talent op Lowlands af. (DC)

Zijn debuutalbum moet nog verschijnen maar er hangt al lange tijd meer dan genoeg buzz rond de Britse Rag ’n’ Bone Man (Lima, 16:45). Het puilt uit van de vrouwen (en meegesleurde vriendjes) bij de Lima. Het pseudoniem van Rory Graham heeft de afgelopen tijd genoeg indruk gemaakt om de tent uit te laten puilen. Soulvolle bluespop met een goeie lading elektronica. ‘Hij heeft wel wat weg van Sam Smith’, horen we naast ons. Oké, qua stem misschien, maar qua uiterlijk is Rag ’n’ Bone Man de uiterste nachtmerrie van Smith. We zien een forse man inclusief imposante tatoeages en een goeie baard. Not your typical singer of love songs. Maakt het wat uit? Helemaal niks. Want persoonlijk zouden we eerder voor Rory Graham kiezen, mochten ze tegelijk spelen. Qua stage presence valt er alleen nog wel wat bij te spijkeren. Echt spannend wordt het geen moment. Geen ramp natuurlijk, maar voor een man met een dergelijke geschiedenis (hiphop, drum ’n bass) zou je toch wel iets meer pit verwachten. Alles is tot in de puntjes uitgewerkt. Net iets te veel dus. Human, dat al regelmatig voorbij is gekomen op de Nederlandse radio, wordt netjes overgebracht door Graham en zijn uitstekende liveband. Een optreden waar over een paar jaar nog wordt gesproken wordt het geen moment. Erg is het zeker niet. Van Rag ’n’ Bone Man komen er nog meer dan genoeg uitstekende shows. (NL)


Wat we nu gaan krijgen is uniek. Een dubbelrecensie. Jawel. Twee stukjes in één stukje. Niet zomaar natuurlijk. Hef (India, 17:30) en Sevn Alias (India, 18:05) zijn allebei rapper, staan strak na elkaar geprogrammeerd en als je ‘-n Alias’ wegdenkt rijmt het behoorlijk. In hun podiumpresentatie hebben de twee ook veel gemeen. Ze zijn relaxed, lijken niets te bewijzen te hebben. Bij Hef werkt dat. Die doet dit al honderd jaar (zij het zelden voor zoveel publiek), heeft alles onder controle en wordt alleen maar gaver van die al die niet gespeelde achteloosheid. Bij Sevn Alias is het een ander verhaal. Niets ten nadele van zijn arbeidsethos, maar sinds 3voor12 ‘misschien wel de beste hiphopshow op Noorderslag ooit’ schreef (een nogal boude bewering die zijn eigen leven ging leiden) is het misschien iets te hard gegaan. Sevn lijkt het voor lief te nemen. Ja, er is een grootse opkomst met en drumband en ja, hij heeft al zijn rappende vrienden opgetrommeld (padoem-pats), maar vervolgens doet hij alles op zijn elfendertigste. Hoe sympathiek hij ook overkomt, echt helemaal los krijgt hij het vandaag niet. Misschien wordt het tijd voor een pas op de plaats. (KK)

De Staat (Alpha, 17:35) heeft al op ontelbaar veel Nederlandse festivals gestaan dit jaar, maar het publiek is ze duidelijk nog niet zat: de Alpha staat goed vol. De band speelt heel slim op ieder festival een iets andere setlist, waardoor het zelfs voor de mensen die ze al veel gezien hebben dit jaar nooit saai wordt. Die setlist vandaag is een perfecte balans tussen nieuw en oud werk, maar dat is niet het enige geweldige. Alles klopt vandaag namelijk bij De Staat. De band laat geen steek vallen en speelt op de hoogste versnelling. Make The Call, Leave It All is het enige rustpuntje, verder is het devies springen tot je er bij neervalt. Natuurlijk komt het hoogtepunt weer bij Witch Doctor. In plaats van een grote draaikolk om zanger Torre Florim heen vormt het publiek deze keer vier of vijf kleinere, maar allesvernietigende, draaikolken die door de tent heen razen. Als de storm neergedaald is kunnen we niks anders doen dan concluderen dat dit niet alleen maar een Lowlands-hoogtepunt was, voor De Staat was het misschien zelfs een carrière-hoogtepunt. (RvdZ)

Terwijl De Staat (nep)geld uitspuugt op het podium, puilt de Heineken uit voor één van de revelaties van 2016. Jack Garratt (Heineken, 18:20) heeft in korte zo’n reputatie opgebouwd, dat al die aandacht vrij logisch is. De winnaar van de BBC Sound Of 2016 heeft hoge ogen gegooid met zijn indrukwekkende kunsten op het podium. Indrukwekkend, want hij trekt alles uit de kast en doet het volledig in zijn uppie. Drums, gitaar en toetsen; en dan ook nog een beschikken over een dijk van een stem. Een multitalent ten top. Opener Coalesce ramt meteen een kleine aardbeving door de Heineken. Publiek gewonnen, iedereen zit in de broekzak van Garratt. Tot groot onbegrip van de Brit zelf. ‘Why are there so many people here, what are you doing?’, schalt hij de tent. Wij snappen wel wat iedereen hier doet, Jack. Want wanneer je het lef hebt om de Fresh Prince Of Bel Air te mixen met Justin Timberlake en Craig David én het werkt ook nog eens, dan doe je toch echt wel iets goed. Natuurlijk laat hij wel eens een steekje vallen maar de Heineken vergeeft Jack Garratt alles vandaag. Als blijk van waardering heeft hij nog altijd Worry achter de hand. De tent neemt het dankbaar in ontvangst. ‘My name is Jack Garratt and I hope it will be for a very long time’. Wij ook, Jack! (NL)


Terwijl het verantwoorde deel van het Lowlandspubliek zich in de Alpha opmaakt voor een ongetwijfeld hoogstaand Sigur Rós, wandel ik naar Sum 41 (Bravo, 18:40). Andere kant van het terrein, andere kant van het muzikale spectrum. Totaal geen spijt van. De Canadese poppunkers hebben er zin in, en de aanwezigen in de Bravo ook. Al ver voor de verwachte afsluiters In Too Deep en Fat Lip wordt er uitgebreid gesprongen, geschreeuwd en geklapt. Natuurlijk zit de show vol met poppunkclichés (‘Welke kant van de tent kan het hardst schreeuwen?’), maar Sum 41 speelt vanavond heerlijk vlot en gewoon retestrak. Deryck Whibley zingt goed en heeft zoveel energie dat ik hem zelfs de flauwe gitaarfragmentjes van Smoke On The Water en Seven Nation Army vergeef. (JH)

Sympathiek jong bandje, The Academic (Charlie, 19:20). Misschien zelfs iets te lief. De vier Ieren hebben overduidelijk goed rondgekeken terwijl ze hun indierock schreven. Na een paar nummers zijn er flarden doorgekomen van vroeg-Radiohead en af en toe wat hey’s en ho’s uit de tas van Mumford & Sons. Het is jammer dat de jongens niet het scherpe randje van bijvoorbeeld The Libertines hebben meegepakt. Het zorgt ervoor dat de nummers catchy zijn, met iedere minuut wel een momentje om mee te klappen of te zingen, maar het aan pit ontbreekt. Single Different is sterk, maar de rest van het materiaal is niet heel lang na het optreden weer vervlogen. De tracks van The Academic kruisen alle hokjes aan. Nu nog iets brutaler en ze zijn niet alleen meer sympathiek, maar ook veelbelovend. (JH)


We hadden niet verwacht dat Sigur Rós (Alpha, 19:30) de grootste tent van het festival helemaal vol zou krijgen, maar dat het zó leeg zou zijn is teleurstellend. Bij aanvang is de Alpha ongeveer halfvol, gaandeweg wordt het wel iets drukker, maar het duurt niet lang voordat het weer leegloopt. Zonde, want de IJslanders zorgen met een sterke lichtshow en dito visuals voor een overdonderende show. Dat het geen onvergetelijk concert wordt komt vooral omdat het buiten nog wel erg licht is en de Alpha veel te massaal is voor deze band. In een kleinere tent op een laatste tijdstip was het een enorm hoogtepunt geweest. Nu zit er in ieder nummer wel één moment dat de tent eventjes doet opleven maar wordt het als geheel nooit de magische ervaring waar je bij deze band wel op hoopt. Alleen bij Kveikur, het dreigende titelnummer van de laatste plaat, waan je je even in de nacht. Als de climax van dat nummer losbarst wordt het toch nog even een magische avond, maar wel een die nog veel magischer had kunnen zijn. (RvdZ)

De meeste nieuwe artiesten kiezen voor de Metallica-methode: eerst een paar degelijke albums maken, de kritische pers voor je winnen en langzaam steeds toegankelijker klinken tot je een mega-act bent. Jett Rebel (India, 19:45) doet het andersom. Werd vanaf het moment door alles en iedereen op handen gedragen, zou de nieuwe Prince worden (wat natuurlijk onzin was, dat is Kanye West al) en hoefde alleen maar op dezelfde voet door te gaan om huge te worden. Dat deed hij niet. Hij maakte een maffe plaat vol lofi-liedjes en pleegde zo min of meer commerciële zelfmoord. Vandaag presenteert hij, onder schuilnaam naam Don’t Die On Me Now, alweer een nieuw album. De tomtom heeft zijn werk gedaan; de India staat vol nieuwsgierige fans. Zij krijgen een prima show, maar eentje zonder al te veel verrassingen. De nieuwe Jett Rebel is als de oude, aangevuld met een paar mierzoete vredesliedjes met teksten zo letterlijk dat het haast ironisch lijkt. Niet vechten, lief doen, dat is de boodschap. Daar heeft hij een punt. (KK)


Met de handpalmen gespreid komt hij op, als heuse popmessias tegen wil en dank: Noel Gallagher (Bravo, 20.45). Alsof het hem allemaal nog wat interesseert, komt de zelfbenoemde Halfgod wel weer even een show spelen in Nederland. Flitsende fotografen, stemgeluid te laag in de mix? Noel lacht het allemaal weg. Hij is immers de Grote Gallagher, en hij kan alles aan. Noel speelt op automatische piloot, maar is zelfs in die modus nog een uitstekende performer. Dat denkt hij niet alleen zelf, dat ís ook nog gewoon zo, hoe graag je het tegendeel zou willen bewijzen. Het beste materiaal van zijn twee uitstekende soloplaten wordt vanavond afgewisseld met greatest hits van Oasis, en werkelijk ieder nummer luistert prima weg en wordt met oog voor detail gespeeld. Noel is daarbij qua stem is ook nog eens in topvorm. Met gespeelde tegenzin begint hij nog lol in dit optreden te krijgen ook: Gallagher is duidelijk verwonderd over twee witblonde broertjes van een jaar of zes die aan het hek naar zijn show staan te kijken. ‘Are you all alone? Are you Disclosure?’ Hij draagt wat nummers aan de jongste aanwezigen op en hint met een soepel bruggetje over broederschap voor de honderdste keer naar een Oasis-reünie (You Know We Can’t Go Back). En voor de honderdste keer word je ook weer verleid om met Don’t Look Back In Anger mee te blèren. Noel kwam, zag, en overwon weer eventjes vandaag, zonder enige moeite. (DC)


Het Lowlands-publiek is massaal uitgelopen voor King Gizzard & The Lizard Wizard (Charlie, 21:10). De Charlie puilt uit, maar zodra opener Robot Stop losbarst breekt er een moshpit uit die ook de mensen net buiten de tent naar binnen zuigt. Zo staan er dus veel meer mensen dan er eigenlijk in passen in de tent, waar het er dan ook nog eens bijzonder hard aan toegaat. Gelukkig is het concert het bijna verplet worden waard. De Australische psych-rockers leunen voor een groot deel op laatste album Nonagon Infinity, een verzameling van negen nummers die naadloos in elkaar overlopen en ook nog eens een infinite loop vormen, het begin van het eerste nummer is hetzelfde als het einde van het laatste. Dat album speelt de band vanavond in zijn geheel, naadloos aangevuld met een paar oudere, veelal rustigere, nummers. Een uitstekende formule, die van het concert in feite één lange trip maakt. Enige minpunt is dat de laatste paar nummers het moordende tempo niet helemaal vasthouden, maar zodra Robot Stop ook weer als afsluiter wordt ingezet en de loop compleet maakt is de euforie zo groot dat dat meteen vergeven is. Een optreden dat ook wel eindeloos door had mogen gaan. (RvdZ)

Een flinke regenbui zorgt ervoor dat de X-Ray aardig vol staat op het moment dat Islam Chipsy & Eek (X-Ray, 21:15) op punt van beginnen staan. Ze hebben geen idee wat ze krijgen, laten zich noodgedwongen verrassen en blijven niet zelden tot het eind van de show staan. Met staan bedoel ik dansen. Mooi man, die Egyptische bruiloftsmuziek vol maffe klanken die onze westerse oortjes niet gewend zijn, behalve misschien dankzij Cairo Liberation Front, de polder-chaabi’s die deze sound hier over het voetlicht brachten, waarvoor dank. Die twee drummers op het podium zijn er misschien iets te veel aan. Je krijgt er een Slagerij van Kampen/Safri Duo/Blue Men Group-gevoel van (afhankelijk van je leeftijd) en die associatie moet je even naar de achtergrond denken - wat kan, als je je best maar doet. Wat dacht je? Dat muziek beleven enkel genieten is? Werken zal je! Als het lukt, is het genot des te groter. Persoonlijk hoogtepunt van deze editie, voor wat het waard is. Verder nog iets? Ja, een grijsaard met kerstlampjes. Leuk om te zien. (KK)

Je zou ze ondertussen al bijna de huisact van Lowlands kunnen noemen. Disclosure (Alpha, 21:45) stond sinds het verschijnen van debuutalbum Settle al drie keer in Biddinghuizen. Na een afwezigheid in 2015 zijn ze nu terug, als headliner. Een meer dan terechte sprong voor het Britse duo. Er passen simpelweg niet nóg meer mensen in de Alpha. En dat is niet eens wijten aan de regenbuien voorafgaand aan de show. Dit is puur en alleen voor Disclosure. En terecht overigens. Zodra White Noise ingezet wordt, hebben de heren voor de meeste mensen hun positie als headliner al waargemaakt. Het blijkt slechts het begin van een set met een flinke zooi goeie hits. Geen gastmuzikanten vandaag, de broertjes Lawrence doen het helemaal alleen. Maar eigenlijk hebben ze Sam Smith en Gregory Porter ook helemaal niet nodig. Het zit vanavond simpelweg zo goed in elkaar. Knetterharde visuals zorgen voor de juiste ondersteuning waarbij alles uitstekend op elkaar is afgestemd. Voorspelbaar? Misschien. Maar je hoeft eigenlijk ook geen verrassingen te verwachten van de twee heren. Disclosure is gewoon Disclosure en daar moet je het mee doen. De kolkende massa in de Alpha vindt het allemaal prima. Alle overgebleven - of reserve - energie wordt besteed aan de headliner. Met een dik uur aan opzwepende, energieke factoren als resultaat. En dan is dé hit nog niet eens geweest. Want uiteraard wordt Latch netjes bewaard tot het einde, tot groot genoegen van Lowlands. Drie keer is scheepsrecht voor Guy en Howard Lawrence. Disclosure ís een echte headliner. (NL)


Het is goed dat M83 (Heineken, 22:00) vanavond weer eens in Nederland staat – hun festivalprimeur in de Lage Landen, welteverstaan – want we waren de Franse act alweer bijna uit het oog verloren. Laatste album Junk kon, op topsingle Do It, Try It na,niet zo bekoren en klassieker Hurry Up, We’re Dreaming is alweer vijf jaar uit. Dan zou je ook bijna vergeten dat de band rondom Anthony Gonzalez eigenlijk een bijzonder sterke live-act is. M83 heeft het stadiongeluid met behoorlijk wat jaren ’70-invloeden goed in de vingers en speelt met overgave en een bewonderenswaardige serieux. De kleurrijke decorlichten matchen prima bij de arenasynthesizers en de outer space-sound van de fantastische meezinger Intro, het mooie We Own The Sky en herkenningspunt Midnight City. Het is dan wel duidelijk te horen dat de nummers van Junk (het matige aftelspelletje Go! bijvoorbeeld) minder goed ontvangen worden dan ouder werk, maar M83 heeft genoeg ervaring om een grote tent als deze mee te nemen in intergalactische extase, zelfs tijdens zwakkere nummers. Maandagmiddag gooien wij Hurry Up, We’re Dreaming weer eens in de speler. (DC)

De tent staat aanvankelijk halfvol voor techno/ambient-duo Weval (Bravo, 23:00). Wie hier komt om direct te beuken, mag het geduld nog even een aantal uren bewaren. Deze act bewijst zich namelijk als een die de tijd neemt, alles goed uitbouwt en iedere keer weer eigen werk probeert te herontdekken in live-sets. Vanavond niet met drummer, maar met fantastische lichtshow inclusief prisma-effecten gelijkend aan de albumhoes. Het duo opent met The Battle en rijgt ouder werk daar subtiel en dansbaar aan vast. Something, Detian, Gimme Some:het zijn allemaal bedwelmende nachtcomposities met een kenmerkend geluid. Als de liefhebbers van het nachtprogramma zich in de Bravo verenigen, wordt het inzetten van ellebogenwerk noodzakelijk om wat dansruimte te behouden. Het begint te knallen hier in de bomvolle tent, en het is knap hoe Merijn Scholten Albers en Harm Coolen op een van hun grootste shows tot nu toe een breed dancepubliek bekoren. Wat ons betreft mag dit duo ons vaker op de grote festivals de nacht in sleuren. (DC)

Door Dave Coenen, Joey Huisman, Klaas Knooihuizen, Niels Lahuis en Reinier van der Zouw / Fotografie: Luuk Denekamp

Gezien: 20 augustus 2016, Lowlands, Biddinghuizen