Red Hot Chili Peppers gemakzuchtig in Ziggo Dome

Genre
Rock
Gepubliceerd op


Wie de Red Hot Chili Peppers een beetje kent, weet dat optredens van de band vol zitten met speelsheid, impulsiviteit en inside jokes. Vanavond is dat niet anders, want dat speelse karakter komt bij opkomst direct tot uiting in de vorm van een jam, die zich opbouwt richting Can’t Stop. Wat volgt is een aaneenschakeling van liedjes die weer even doen beseffen hoeveel iconische momenten Anthony Kiedis en zijn vrienden hebben opgebouwd in pak ‘m beet 30 jaar tijd. Ondanks dat we altijd moeten kijken naar wat we wel krijgen en niet naar wat we niet krijgen, is het vanavond wel heel opvallend dat er een flink aantal klassiekers mist in de setlist.


Desalniettemin is de show van prima kwaliteit. Anthony Kiedis, wiens vocalen nog wel eens balanceren op een flinterdun draadje, lijkt vandaag weinig moeite te hebben met anderhalf uur aan energieke liedjes. Datzelfde geldt uiteraard voor Flea. Ondanks de toenemende kou heeft hij in ieder geval wél de zomer in zijn bol, gezien zijn kanariegele coupe. Voor Chad Smith oogt dit optreden als ‘another day at the office’. Hij heeft zijn typische mouwloze blouse aan en draagt zijn pet achterstevoren. De stille kracht. Meer uitgesproken in zijn doen en laten is de jonge Josh Klinghoffer. De druk op hem was ten tijde van het vorige album I’m With You ongekend hoog. Wie zou John Frusciante in godsnaam kunnen vervangen? Een aantal jaar later is wel duidelijk dat Klinghoffer de ideale vervanger is. Hij speelt met (minstens) dezelfde energie als Frusciante, maar is vooral goed in staat om de extreem hoge achtergrondzang te evenaren. Chapeau.


Tegenover het ontbreken van enkele grote hits op de setlist staat de toevoeging van enkele onverwachte songs. Zo slaat Wet Sand van Stadium Arcadium in als een bom, gooit de outtro van Goodbye Angels (The Getaway) daar nog een schepje bovenop en brengt The Power of Equality (Blood, Sugar, Sex, Magik) oude herinneringen naar boven. Dat alles wordt extra spectaculair als de honderden, cilindervormige lampen die aan het plafond zijn bevestigd als een golf meedansen met de muziek. Wat betreft aankleding biedt dit een extra dimensie aan de muziek en in combinatie met de gekleurde videoschermen krijgt ieder nummer meer nadruk op zijn eigen karakter. Combineer dat met het geweldige geluid dat de Ziggo Dome te bieden heeft en eigenlijk valt er over het algemeen weinig te klagen.


Toch is het zonde dat de Red Hot Chili Peppers een afstandelijke houding lijken aan te nemen tegenover het publiek. Flea maakt zo nu en dan een tamelijk onverstaanbaar babbeltje tegen de duizenden mensen in de zaal, maar de bandleden praten voornamelijk tegen elkaar en lachen vooral om zichzelf. Hierdoor ontstaat lichtelijk het gevoel van buitensluiting. Als de tijd tussen de nummers dan ook nog eens wordt ingevuld met weinig toevoegende jams, dan groeit het gevoel dat de heren een onderonsje houden waar de toeschouwers amper deel van mogen uitmaken. Natuurlijk hoort dit bij de nonchalante podiumstijl van de Peppers, maar het voelt nog altijd ‘flauw’ aan. Bij vlagen is de band zelfs rommelig bezig, door bijvoorbeeld een intro van The Who’s Baba O’ Riley in te starten, maar deze wordt al na een paar seconden lacherig afgekapt. Hetzelfde gaat op voor het subtiele Encore, afkomstig van de nieuwste langspeler om over te gaan in Goodbye Angels. Zonde, want de kans is aanwezig dat het publiek blij wordt gemaakt met een dode mus. Speel ze dan gewoon allebei.


De duizenden bezoekers van de Ziggo Dome verlaten na een kleine twee uur de zaal en wijzen hun vrienden en vriendinnen op ‘die ene solo’ of dat ene, specifieke nummer. Gelijk hebben ze, want er waren vanavond moeiteloos hoogtepunten aan te wijzen. Under The Bridge schittert vanavond door afwezigheid, maar een koukleumende straatmuzikant buiten de immense dome weet hier slim op in te spelen. Hierdoor komen veel concertgangers toch nog aan hun trekken. Duidelijk is wel dat de Red Hot Chili Peppers best wat nutteloze jams mogen schrappen en eigen historie wat meer mogen omarmen. Al met al zetten de heren een strakke show neer, die alleen het de band zo kenmerkende oprechte speelplezier mist.

Door Mitchell Bakker / Fotografie: Luuk Denekamp

Gezien: 8 november 2016, Ziggo Dome, Amsterdam