Sziget: bruisende editie, ideale Lowlands-generale

Genre
ALL
Gepubliceerd op

Károly Gerendai (oprichter en managing director van Sziget) draait er ook dit jaar zijn hand niet voor om. Het totale budget van het zevendaagse mega-evenement in Boedapest is twintig miljoen euro, zo vertelt de bonkige Hongaar op zaterdagmiddag, gezeten in een zweterige circustent op het festivalterrein, ten overstaan van de verzamelde internationale pers. De helft van dat bedrag gaat naar de artiesten, de andere helft naar ‘aankleding’, niet pop-gerelateerde activiteiten en faciliteiten op het terrein. En oh ja, er komt nog vijf miljoen bij van sponsorgelden. Uit zijn woorden kun je opmaken dat de allergrootste namen op het affiche (Rihanna en Muse) een miljoen euro vangen. Hoger dan dat gaat Sziget nooit, zegt hij, bij het binnen hengelen van begeerde acts.


Minimaal zoveel geld voor visuals en services als voor de muziek dus. Het totaalconcept van Sziget als Island Of Freedom moet van het festival een unieke ‘experience’ maken. Meer dan gewoon een festival dient Sziget een ideale vakantiebestemming te zijn, aldus Gerendai. Een missie waarin ook deze vierentwintigste editie, ondanks wat lagere temperaturen dan normaal, glansrijk slaagt. Je kunt Sziget ook de grootste muzikale camping van Europa noemen.

Met een record bezoekersaantal van 500.000 festivalgangers heeft het festival qua capaciteit zijn limiet bereikt. Voor de duidelijkheid: men telt hier de dagaantallen bij elkaar op. Bij Rihanna op de ‘nulde dag’ zijn naar verluidt 100.000 mensen geweest. Meer mensen kunnen er eenvoudig niet bij, aldus directeur Gerendai, en er worden ook geen pogingen ondernomen om Sziget nog groter te laten groeien.

Er zijn zestienduizend medewerkers, de elektriciteitsvoorziening werkt volledig op groene stroom en dit jaar is de veiligheid – in samenwerking met de Hongaarse antiterrorismedienst – in het bijzonder (en merkbaar) verbeterd rond de toegang tot festival. In vergelijking tot vorig jaar moeten de bezoekers nu door metaaldetectorpoortjes bij de ingang en zijn er politieafzettingen en betonblokken bij de aanvoerwegen. Elk polsbandje is bovendien voorzien van een persoonlijke barcode, zodat precies bekend is wie het festival hebben betreden.


Gerendai schat dat er per dag vijftig procent Hongaren en vijftig procent buitenlandse bezoekers op het terrein aanwezig zijn. Een terrein, dat moge bekend verondersteld worden, dat zich bevindt op een reusachtig amandelvormig eiland (Sziget betekent letterlijk eiland) in de Donau, waarop rond om de zestig podia gekampeerd kan worden en dat vanuit de stad in vijfentwintig minuten bereikt kan worden met een metro-achtige trein (de groene HEV-lijn).

Ook dit jaar is Nederlands weer – we chargeren, maar toch – de voertaal op Sziget. Met 18.000 ‘Hollanders’ leiden we het klassement, maar Frankrijk, Duitsland en Italië volgen. De UK laat zich niet onbetuigd (getuige de felgele hesjes met opdruk Let’s Get Sziget Fucked). Australië, Zwitserland, Turkije en Israël worden steeds ruimer vertegenwoordigd, en wij noteren ook veel meer Belgen dan voorheen. Al met al zijn er bezoekers uit 102 verschillende landen. Ook Russen, Amerikanen en Oekraïners. Het meest verbazingwekkend is wellicht hoe harmonieus de verschillende nationaliteiten met elkaar omgaan. Met haar vaak door grote merken gesponsorde podia is Sziget veel te commercieel om door te gaan voor Woodstock-Aan-de-Donau, maar de sfeer van peace, love and understanding is wel degelijk aanwezig. Plus: een bijzonder prettig aanvoelende vrijgevochtenheid.


Het is eenvoudigweg onmogelijk om recht te doen aan de caleidoscoop van cultuur, eten, drinken, flaneren, dansen en alle soorten vormen van eigentijds chillen waarvoor de Italianen de uitdrukking Dolce Far Niente hebben uitgevonden. Daarvoor is de experience te bruisend, te kleurrijk, te multidimensionaal. Er is een wirwar van festivalactiviteiten, variërend van bungee jumpen, volksdansen, opera, theater, wijnproeven, pingpongen, schaken, gamen, psychologische hulpverlening, pottenbakken, circus, salsales, yoga. Of bezoek gewoon The Beach, een afgezet strandje aan de Donau. Of struin – typerend voor het festival – na zonsondergang van het ene podium naar het andere over lommerrijke laantjes onder met lampionnen behangen bomen.

Maar muziek is en blijft op Sziget – in het jargon van festivalorganisatoren – de hoofdgeleider. Dat gezegd hebbende: wie op voorhand het programma bestudeert, zal niet er niet helemaal gerust op zijn. Zeker mensen met een gevoelige neus voor smaakmakende acts zullen de programmering niet altijd even scherp vinden. In vergelijking tot Lowlands staan er opvallend veel min of meer commerciële pop-acts op het programma.


Vooral het Main Stage, dit jaar vernoemd naar de op 15 juli bij een auto-ongeluk omgekomen hoofdboeker Dan Panaitescu, wordt bevolkt door acts die naar mainstream rieken. De dag wordt daar ook geregeld afgesloten door een DJ. Zoals dit jaar David Guetta en Hardwell, allebei natuurlijk toppers in hun genre, die enorme mensenmassa’s op de been brengen en hen – wellicht voorspelbaar, maar toch – een opzwepende avond bezorgen.Je zou ook kunnen zeggen dat Bastille de ideale Main Stage-act is voor Sziget. Mooie jongen als zanger (Dan Smith). De band strooit makkelijk in het gehoor liggende klanken in het rond. Poppy, licht alternatief, melodisch, dansbaar, vaagjes tropical en tribal tegelijk. Paar hits in de achterzak (Pompeii), nieuw album te promoten (Wide World), iedereen blij, vooral de meisjes en jonge vrouwen gaan er helemaal in op. Aan Bastille kun je geen buil aan vallen.


Maar net zo makkelijk kun je beweren dat Manu Chao – weer een jaartje ouder - met zijn aanstekelijke, maar toch langzamerhand wat al te voorspelbare Iberische Sesam Straat-ska de gedroomde Main Stage act voor Sziget is. Of Muse, die met hun imponerende greatest hits show de zwoele zaterdagavond afsluiten en precies de goede mix leveren van muzikale virtuositeit, spierballenvertoon en emotionele zeggingskracht. Of Kaiser Chiefs, ook al zo voorspelbaar, maar gezegend met een uniek podiumdier als frontman (Ricky Wilson die er de moed en de vaart inhoudt) plus een reeks onverwoestbare podiumknallers (I Predict a Riot, Ruby, Oh My God, jammer genoeg voor Ricky zijn die al weer heel wat jaartjes geleden geschreven). Of Years & Years, met een vertederend roodharig knulletje als zanger en elegante confectie-synthipop. Niet vals gezongen! Best aangenaam op de maandagmiddag. Of Tinie Tempah (foto), met z’n opwindende dance-hiphop en een energieke springerige show vol Caribische ritmiek en rookpluimen.


Maar Sziget heeft ook het lef om een a-typische act als Sia tot headliner op de Main Stage te bombarderen. De show van de Australische zangeres (schrijft liedjes voor de Rihanna’s, Adele’s en Beyoncé’s van deze wereld, de leftovers brengt ze zelf uit) is eigenlijk een gedurfd muziektheaterstuk, waarbij het Australische enigma als een zoutpilaar (maar enorm sterk en emotioneel) staat te zingen met haar gezicht grotendeels bedekt door de pony van haar pruik. Ze laat haar songs (en neuroses) uitbeelden door o.a. een (fenomenaal expressieve) danseres en danser. De opgevoerde pantomime plus muziek boeit beslist, maar doet ook verlangen naar een iets kleinere (theater-) ambiance, waar ze de aandacht kan opeisen die ze verdient (en niet wordt gehinderd door kletsende dronken festivalgangers).

Wie alvast zijn/haar Lowlands-bril zet, kan Sziget ook beschouwen als een ideale generale repetitie voor ’s Neerlands meest gerenommeerde smaakmakers-festival in Biddinghuizen dat dezer dagen plaatsvindt. Tussen Sziget en Lowlands bestaat immers programmatisch een behoorlijke overlap. Goed nieuws: Op Sigur Rós na, wier op zich prima IJslands sfeer-rock een beetje wegsmelt in de Hongaarse zon (hopelijk staan ze op Lowlands geprogrammeerd na de schemering) behoren de ‘Lowlandsgangers’ op Sziget tot de uitblinkers.


Loepzuiver zingt de Scandinavische nymf Aurora haar synthi-folkpop. Leuk ook om te zien hoe een vertederd Noors excentriekelingetje een Hongaars bloemstuk in ontvangst neemt. Veel volk komt af op de emo/pretpunk van Sum 41 (foto), die ook een mopje Seven Nation Army spelen en Queens We Will Rock You in versneld tempo. Noel Gallagher en zijn High Flying Birds musiceren de sterren van de hemel, maar de brok in de keel komt pas echt wanneer Noel een greep doet uit het bijouterieën-kistje van Oasis. Champagne Supernova, het door iedereen mee geblèrde Wonderwall en – majestueus - Look Back In Anger, heerlijk om de man uit Manchester ze met stalen kop te zien vertolken.

Chvrches brengt een enorme mensenmassa op de been in de gigantische grote A38-tent om te genieten van hun bonkige synthipop met een gothic (light)-sausje. Alles draait om zangeres Lauren Mayberry. De Schotse ontwikkelt zich op haar plateauzolen met rasse schreden tot een heuse diva. In diezelfde A38 is ook het optreden van Oscar And The Wolf ijzersterk. De bariton van de rondzwierende Max Colombier is sensueel en meeslepend, verleidt tot dromerig en broeierig meedansen vanuit de heup en maakt hem soms tot een jeugdige Belgische nazaat van de goede oude Leonard C. uit Montreal. Het wat gelikte The Neighbourhood (Amerikaanse neefjes van Little Dragon en The 1975) trekt de A38 ook verrassend vol en stelt eigenlijk helemaal niet teleur.


Maar dé Sziget-shows waarop Lowlands zich alvast kan verheugen zijn die van The Last Shadow Puppets en John Coffey. Natuurlijk schmiert Alex Turner en natuurlijk moet zijn compadre Miles Kane soms op zijn tenen lopen om zijn hoogbegaafde other half bij te benen (lukt hem wonderwel), maar wat wonderschoon klinkt de georkestreerde ‘barockpop’ van The Last Shadow Puppets tegen een achtergrond van rood velours, dat niet zou misstaan in een sleazy nachtclub in een Britse arbeiderswijk.

John Coffey bewijst op het brave Europe Stage (daar gebeurt zelden iets, die ene veiligheidsbeambte daar schijt ineens zichtbaar peuken) dat een festivaloptreden echt geen risicoloze standaard-exercitie hoeft te zijn. De toegestroomde meute verandert het veldje voor het podium als bij toverslag om tot NL-Stage, waar men opgehitst door brulkikker David Achter de Molen al gauw een vervaarlijke pit vormt. Er wordt later tijdens de show gegild door geschrokken niet-Nederlandse aanwezigen, als het publiek woest van links en rechts op elkaar afstormt (de zogenaamde Wall of Death). Ook krijgt Achter de Molen de verzamelde meute zo ver dat ze als een uitzinnige horde een rondje om de geluidstoren rennen. De ophitsende punkrock van de band vormt de perfecte soundtrack bij deze vloedgolf van menselijk vlees. En het mooie is: John Coffey knarst, schuurt en graaft diep, maar het blijft feest.


Rest me nog te zeggen dat het allerbeste optreden van Sziget wat mij betreft komt van Editors in de A38-tent. De betrekkelijke stroefheid van hun shows in de HMH afgelopen winter is in de tussenliggende maanden helemaal weggespoeld. Wat een diepgang heeft deze set. Perfect vallen de songs van hun laatste album In Dream nu op hun plek naast ‘oudjes’ als Munich, Racing Rats en Papillon. Retestrak, energiek en duister, melancholiek en monumentaal, wat frontman Tom Smith en zijn band op Sziget laten zien is ronduit fantastisch. De icing on the cake bij een uitstekende editie van wat mij betreft – wederom en nog steeds - het meest aangename, bruisende en onderhoudende festival ter wereld.

Door Tom Engelshoven / Fotografie: Rockstar Photographers

12 t/m 17 augustus 2016, Sziget, Hongarije