The Dillinger Escape Plan uitgerekend

Genre
Metal
Gepubliceerd op


Optredens van The Dillinger Escape Plan staan bekend om hun ongebreidelde energie, gewelddadige karakter, verwondingen en grilligheid. Dat laatste element heeft in de uitverkochte Jupiler Stage vooral zijn weerslag op de lichtshow. Die wordt ruim vijf kwartier gedomineerd door vier onregelmatig knipperende, witte lampen. Geen wonder dat verschillende mensen al na een paar nummers de zaal verlaten. Want waar de complexe muziek al veel van de bezoeker vraagt, zorgt het stroboscopische geknipper voor heel veel extra impulsen. Gedaan met opzet. En dan valt bij openingstracks Limerent Death en Panasonic Youth ook het geluid nog enorm tegen, met een hoofdrol voor een veel te hard uitgemixte bassdrum.


Ongemakken of niet, de zaal ontploft bij de eerste tonen van de band. Er vliegen bekers bier door de lucht, de voorste rijen bewegen woest en hoofden, armen en vuisten doen verwoede pogingen om de verspringende ritmes bij te houden. De vijf leden gaan minstens zo te keer. Spierbundel en frontman Greg Puciato stuitert het podium rond en brult, kermt en schreeuwt. Het duurt niet lang voordat hij zich ontdoet van zijn roodzwarte houthakkersbloes, zo druk maakt hij zich. Billy Rymer slaat zich ondertussen door de moeilijkste polyritmische drumpartijen heen. Bebaarde gitarist Kevin Antreassian zoekt juist de rand van het podium op, terwijl Ben Weinman wild met zijn gitaar zwaait en die zelfs bijna verliest. Ook beklimt hij regelmatig een flightcase en brengt steeds een hangende batterij speakers in beweging. Alleen bassist Liam Wilson houdt zich wat afzijdig.


Ondanks de woeste vertoning speelt de band uitstekend. Dat is bij de complexiteit van het songmateriaal absoluut een prestatie. Met het geluid op orde, gaat de set van hard en extreem (Sugar Coated Sour) tot jazzy (When I Lost My Bet). Er klinkt zowel materiaal van Dissociation als werk van de overige vijf platen. Een enkele keer waagt de groep zich aan ingetogen of poppy werk. Juist in tracks als Symptom Of Terminal Illness en Black Bubblegum valt op hoe goed Pucatio zingt, hoe groot zijn bereik is en hoeveel zijn stem doet denken aan die van Mike Patton, korte tijd invalzanger van The Dillinger Escape Plan.


Als de show halverwege is, slaan band en zaal bij het maniakale Hero Of The Soviet Union helemaal op tilt. Weinman duikt op zijn rug het publiek in, terwijl hij doorspeelt. Het publiek stagedivet en gaat enorm te keer in de pit. Bij het vocale hoogtepunt One Of Us Is The Killer zingt het publiek enthousiast mee. En net als bij die song valt tijdens Nothing To Forget en non-album single Happiness Is A Smile op hoe goed The Dillinger Escape Plan is in het brengen van uiterst ingewikkelde muziek die toch weet te pakken, helemaal als Weinman de muziek opsiert met pianospel. De publieksreactie overweldigt. Niemand voelt zich dan ook aangesproken als Pucatio tijdens het refrein van Farewell, Mona Lisa zingt: ‘There's no feeling in this place.’.

De reguliere set eindigt met Prancer net zo heftig als de show begon. Veel heeft de groep tot dan toe niet gesproken. Hier en daar een songaankondiging, maar geen woord over het naderende einde. En als de heren terugkeren voor een toegift volstaat een simpel ‘We’ll play some more songs, fuck it.’. Eerst klinkt het swingende Mouth Of Ghosts, inclusief pianopartijen, waarna de zaal tijdens afsluiters Sunshine The Werewolf en 43% Burnt echt afgebroken wordt. Er sneuvelt zelfs een monitor. Met een podium vol zwetende en afgematte fans neemt de band afscheid van Tilburg, met in het achterhoofd de woorden die de band op 10 januari op Facebook postte: ‘Never say goodbye, because goodbye means going away, and going away means forgetting.’

Door Wouter Dielesen / Fotografie: Niels Vinck

Gezien: 27 januari 2017, 013, Tilburg