achtergrond

Een historie in honderdtallen: OOR #200 (1979)

In het kader van de duizendste OOR doken we eens grondig de archieven in, op zoek naar eerdere (ongemerkt gepasseerde) jubilea. OOR #100, 200, 300 et cetera – wat waren dat voor edities en wat zeiden ze over de (muzikale) tijd waarin we leefden? Zie hier: OOR #200 van 18 april 1979.

DE WERELD

In New York richt Donald Trump zich nog gewoon op het lokale vastgoed als Groenland zich als autonoom land afsplitst van Denemarken en in hoofdstad Nuuk zijn eigen regeringszetel vestigt | In Londen raakt de Anti-Nazi League slaags met de politie | In het Verenigd Koninkrijk wordt Margaret Thatcher verkozen tot de eerste vrouwelijke premier.

DE COVER

De Nederpop beleeft anno 1979 een hoogconjunctuur – het zijn de gloriedagen van Herman Brood, Gruppo Sportivo en Kayak – en dus wijdt OOR een vrijwel complete editie aan de Nederlandse popmuziek. ‘Een hommage’, aldus de verantwoording voorin. Op de cover, gehuld in Ambonese vlag en gefotografeerd door Anton Corbijn: drie leden van Massada, het Nederlands-Molukse collectief dat door het gebruik van veel percussie en latinritmes als het ‘Nederlandse Santana’ wordt beschouwd. Aan de vooravond van de release van hun tweede album Pukul Tifa reist OOR (‘om foto’s te maken’) samen met een aantal groepsleden af naar Kamp Vught, het voormalige concentratiekamp dat dan al sinds de jaren vijftig dienst doet als huisvesting voor Ambonezen (en in 1992 zal worden afgebroken). Er blijkt nog familie te wonen van zanger Johnny Manuhutu en zijn drummende broer Eppy, en ‘hoewel we niet aangekondigd zijn, worden we er ontvangen met een hartelijkheid die in de Nederlandse samenleving uitgestorven lijkt’. Toch vertrouwt kamphoofd Jack, door de Massada-leden vanwege zijn baard en kale hoofd gekscherend ‘de Isaac Hayes van Vught’ genoemd, de OOR-delegatie niet helemaal. Of men maar even tekst en uitleg wil komen geven op zijn kantoor. ‘Het is duidelijk dat hij bang is voor negatieve publiciteit. Nu de rust binnen de gemeenschap is teruggekeerd, wil men dat ook zo houden (…) Als duidelijk wordt dat het hier een degelijk muziekblad betreft, kunnen we gewoon onze gang gaan.’ Overigens gaat het interview met Massada amper over muziek. Het wordt vooral een mooi gesprek over identiteit, afkomst, idealen, integratie, discriminatie en het machismo van Molukse mannen. ‘Die zijn veelal hier grootgebracht en hebben dezelfde harde mentaliteit gekregen als sommige Hollanders.’

DE PLAAT

Ook in de albumrubriek – die dan Elpee-Oase heet – expres véél Nederlandse platen, maar de Toekomstige Klassieker du jour is toch echt Brits. In de recensie van Live At The Witch Trials, het debuutalbum van The Fall, memoreert Paul Evers hoe zanger Mark E. Smith tijdens een optreden in Londen werd bekogeld met bierblikjes en zelfs lijfelijk werd aangevallen. ‘Waarmee opnieuw bleek dat men voor de rock & roll van de toekomst nog lang niet openstaat. Alles wat vreemd is wordt argwanend benaderd; wat de boer niet kent, dat vreet ie niet.’ Waarna Evers zich stort op deze eerste plaat van ‘een van de meest onorthodoxe bands die er in Engeland rondstappen’. Hij stelt vast dat Smith ‘sterk emotioneel zingt en teksten vol desillusie, woede en frustratie schrijft’, terwijl zijn band een ‘erg hypnotiserend geluid’ voortbrengt, dat connecties heeft met Captain Beefheart en The Velvet Underground. ‘Het is een moeilijke plaat, omdat The Fall een moeilijke band is.’ Toch ziet Evers het wel goedkomen met Smith en de zijnen. ‘Veel draaien, deze plaat, en een heel bijzonder gevoel wordt je deel.’

DE PODIA

Op de nieuwspagina bespeuren we een curieus berichtje over het voor 4 juni geplande Pinkpop-festival. ‘Het optreden van de Nina Hagen Band is op losse schroeven komen te staan, nu de bandleden hebben vernomen dat zij in Nederland niet al te gunstige kritieken hebben gekregen. Men is daar nogal geïrriteerd over. Joe Cocker is zoek en in plaats van Culture wordt waarschijnlijk Peter Tosh aangetrokken. Pinkpop is nog doende met het aantrekken van een minder fameuze buitenlandse groep.’ Tja, het moet inderdaad niet al te gek worden met die bekende namen. Elders in OOR vermeldt de Mojo-advertentie de komst van Iggy Pop (met The Human League als voorprogramma) naar Paradiso en Thin Lizzy naar de Jaap Edenhal. Kate Bush staat eind april 1979 twee avonden achtereen in Carré. OOR’s Alfred Bos maakt intussen werk van zijn taak als liverecensent: hij gaat de langzaamaan doorbrekende band Japan maar liefst drie keer zien – in Groningen, Wageningen en Leiden – en doet verslag. ‘David Sylvian, na Magazine’s Howard Devoto de tweede man van de nieuwe vereniging Geplaagde Tijdgenoten, is een intrigerende persoonlijkheid. Beminnelijk, maar o zo koel. Het achteloze gebaar waarmee tijdens openingsnummer Don’t Rain On My Parade een roos uit het publiek wordt aangepakt en weggeworpen, past alleen de van zichzelf overtuigde.’ Gezien zijn slotzin weet Bos na drie keer Japan genoeg. ‘Deze band wordt waanzinnig populair, dat is duidelijk.’

DE VRAAG

OOR-redacteur Jan Libbenga spreekt toetsenman Robert-Jan Stips, die dan net uit de populaire band Sweet d’Buster is gestapt. ‘Mij viel indertijd de eer te beurt [tweede Sweet d’Buster-album] Friction te bespreken’, begint Libbenga behoedzaam. ‘Tijdens een redactievergadering werd mij evenwel verweten die plaat te positief te hebben besproken, omdat er nummers op voorkwamen waarvan het tempo net iets te laag lag om ervan te kunnen genieten. Hebben jullie dergelijke kritiek vaker gehoord?’ Stips: ‘Vooral na Herman Brood. Je hebt dus nu ook een heleboel bands die op dat tempo zitten van ta-ta-ta-ta-ta. Dat is een te gek tempo, maar iedereen doet het en dan denk ik: moet ik daar nu ook aan gaan toegeven?’

DE KANTLIJN

Onontbeerlijk in het pre-internettijdperk: een nieuwsrubriek. En de nieuwsredactie van OOR heeft anno 1979 blijkbaar korte lijntjes met de sterren én schuwt de roddelbladaanpak niet. Het bericht over de aanstaande nieuwe plaat van David Bowie (Lodger) wordt bijvoorbeeld besloten met ‘de manager van Bowie heeft inmiddels bevestigd dat hij volgend jaar op tournee zal gaan’. Elders wordt gemeld dat twee leden van The Doobie Brothers zijn opgestapt. ‘John Hartman geeft de voorkeur aan een studie en wil bovendien paarden gaan fokken.’ Scorpions-gitarist Michael Schenker is ingestort ‘wegens drugs, drank en vrouwen’ en in Zwitserland worden ‘de banden gemixt van de nog te verschijnen live-lp van Queen’. Verder zien we – het blijft tenslotte een Nederpop-editie – een foto van de groep Streetbeats. Onderschrift: ‘Dit zijn de Streetbeats. Geheel rechts zien we drummer Ron Spaan. Door een ongeluk maakt Spaan niet langer deel uit van de band. Zijn vervanger is Hansje van Maurik.’

.

Deel dit artikel

Meest gelezen artikelen

Pearl Jam brengt nieuwe single 'Dance of the Clairvoyants' uit
nieuws

Pearl Jam brengt nieuwe single ‘Dance of the Clairvoyants’ uit

Pearl Jam kondigde op 27 maart zijn nieuwe album Gigaton aan. Nu geeft de band ook een eerste voorproefje van ...
Eefje de Visser: 'Het dancepubliek is zó positief, ik hou van dat optimisme'
interview

Eefje de Visser: ‘Het dancepubliek is zó positief, ik hou van dat optimisme’

Ze zeggen dat empatische mensen sterker geneigd zijn dialecten en accenten over te nemen. Als dat waar is, dan zit ...
The Strokes derde headliner op Best Kept Secret
nieuws

The Strokes derde headliner op Best Kept Secret

The Strokes zullen de zaterdag van Best Kept Secret headlinen. Dat kondigde de nieuwe festivaldirecteur Maurits Westerik woensdagavond live aan op ...

Een historie in honderdtallen: OOR #200 (1979) (achtergrond) | OOR