Zou Patti Smith weten dat Banga Nederlandse straattaal is voor ‘slet’ en dat vermelding op een zogenaamde Banga-lijst jonge tieners tot zelfmoord kan drijven? Vast niet. De 65-jarige Godmother Of Punk heeft de elfde studioplaat uit haar bijna veertig jaar beslaande carrière vernoemd naar het hondje van Pontius Pilatus. Die bleef tweeduizend jaar trouw wachten op zijn baas in het boek De Meester En Margarita van de Russische auteur Michail Boelgakov. April Fool, ook een liedje op de plaat, is een eerbewijs aan een andere Russiche schrijver, Nikolai Gogol (geboren op 1 april, 1809). Patti: ‘Het verwijst naar dode zielen, verschoten jassen en roestige fietsen. Bovendien speelt Tom Verlaine (Television) er prachtig gitaar.’ Dode zielen, het wemelt ervan op Banga.
Amerigo Vespucci en Seneca krijgen songs toebedeeld. This Is A Girl betoont eer aan Amy Winehouse. Een mooi, gedragen liedje. Maria is een elegie voor de gedoofde filmster Maria Schneider. In Fuji-San richt ze een opbeurend woord tot de slachtoffers van de Japanse aardbeving. Patti trekt zich het lot van de wereld aan. Bijna pauselijk lijkt ze de mensheid te willen behoeden en zegenen. Voor de verjaardag van Johnny Depp – nog levend! – schreef ze Nine. Aarde en natuur moeten met respect behandeld worden en kunst is heilig, daarover gaat het tien minuten durende Constantine’s Dream. Een mooie cover van Neil Youngs After The Goldrush sluit de plaat af. Het is al met al een overdadig werkstuk, waar Patti haar poëtische bezweringen (vaak boven psychedelische jams) toch best knap in balans weet te houden.