Hij knokte twee decennia lang voor erkenning met The Frames (mogen we het al een cultband noemen?), maar brak door met Falling Slowly uit de film Once, dat een Oscar won voor beste filmsong in 2008. Uitgevoerd met Markéta Irglová, waarmee hij The Swell Season en ook een stelletje werd. Beide omgangsvormen bleken niet lang houdbaar, dus debuteerde Glen Hansard in 2012 op zijn 42ste als soloartiest met Rhythm And Repose.
En die plaat deed het goed, de Ier is eindelijk onder zijn eigen naam een alom gewaardeerde singer-songwriter. Terecht natuurlijk en Didn’t He Ramble zal daar niks aan veranderen. De plaat bevat niet de meest spannende muziek die Hansard ooit maakte, maar wel veel degelijk vakwerk. Het knappe is de eenvoud van de liedjes; ze zijn spaarzaam gearrangeerd en Hansard zingt en speelt geen noot teveel. In het charmante Wedding Ring klinkt hij Dylanesque, de blue-eyed soul van Winning Streak en Her Mercy brengen onmiskenbaar Van Morrison in herinnering en zijn Ierse folkroots zijn alom aanwezig. ‘You can’t just get what you want without a little work a day’, constateert hij droog in Paying My Way. Op Didn’t He Ramble draait het eens niet om een allesverzengende liefde, veel liedjes hebben een bijna opbeurend karakter. Glen Hansard zit op zijn 45ste goed in zijn vel, maar heeft nog altijd genoeg te vertellen.