Eeuwige discussie in het colofon van verslaggevers en fotografen voor de OOR-website: wat is dat eigenlijk, een OOR-band? Hij laaide recent weer op toen onze eindbaas Thomas Snoeijs het verzoek om een recensie van de Ziggo Dome-show van popster Zara Larsson afwees. Waarom gaan we dan wel naar Lady Gaga, las ik op Whatsapp.
Soms is het puur gevoelsmatig, of iets of iemand een OOR-act is. Bij sommige bands twijfel je er echter niet aan. Klinkt het mainstream met een flinterdun laagje indie, ligt de nadruk op optredens in plaats van albums, hebben ze minimaal één snaarinstrument en is er een duidelijke frontman die zingt met een licht accent, een lichte grom, een lichte rasp in zijn stem? Dan is het duidelijk een OOR-band.
Kingfishr is er zo eentje. Dit drietal uit Ierland is aan een opmars bezig en speelt dit jaar, na een fijne livereputatie op te hebben gebouwd, naar schatting drieduizend festivalshows. Er moest, kortom, een debuutplaat komen en die is er nu in de vorm van Halcyon. En het is een schot in de roos, want Kingfishr vult het gat dat ontstond toen Mumford & Sons besloot om alleen nog maar ontieglijk slechte platen op te nemen.
De heerlijk diepgevooisde Eddie, gitarist/banjospeler Eoghan en bassist Eoin mikken op zowel de easy listeners als de muzikale fijnproevers met een perfect geproduceerde blend van pop, rock en folk. En er zit precies genoeg variatie in deze songpareltjes: net wanneer je denkt dat het allemaal wat begint te kabbelen, komt er een Dylanesque harmonicasolo voorbij of gooit Kingfishr het tempo, volume en het hoopgehalte naar een War On Drugs-niveau. Kortom, een fijn debuut voor alle OOR-lezers.