Al in de zestig, zo’n veertig jaar achter de bas bij de Red Hot Chili Peppers en nu alsnog toe aan een soloalbum. Dat is het verhaal van Honora, de plaat waarmee Michael Balzary – Flea dus – zijn liefde voor, vooral, jazz etaleert. Die liefde werd hem bijgebracht door zijn stiefvader, die nogal eens bevriende jazzmuzikanten over de vloer had voor jamsessies. Flea pakte toen ook de trompet op, en dat instrument is ook op Honora prominent aanwezig.
Niet dat hij op dat instrument in de buurt komt bij een Miles Davis of een Wynton Marsalis, maar de verhalen die hij op die manier wil vertellen, komen wel over. Ook dat is jazz. Niet dat het daarbij blijft trouwens, bij jazz. Nick Cave (saai) en Thom Yorke (spannender) zijn via de zangmicrofoon te gast in aardige afwijkingen van dat stramien. Dat krijgt gestalte dankzij een puike groep muzikanten, van wie gitarist Jeff Parker (Tortoise en allerlei jazz-achtige projecten in Chicago) de boel sierlijk linksaf doet slaan. De covers zijn best verrassend en ook weer losgezongen van de jazz: nummers van Jimmy Webb, Frank Ocean en, heel fraai, Maggot Brain van Funkadelic, hertaald voor blazers (met fraaie trompet van de baas zelf). Toch ook weer een gevalletje cirkel rond: tenslotte werd Freaky Styley (1985), de tweede Chili Peppers-plaat, geproduceerd door Funkadelic-man George Clinton.