Het is verbazingwekkend – maar ook een teken van creativiteit en vakmanschap – dat BIG|BRAVE elke keer de grenzen van het eigen muzikale landschap oprekt zonder hele gekke bokkensprongen te maken. Ongehoord bijna, maar altijd met de focus op de kern: indringende, dronende en zoemende rock. Dat kan gaan van een verstilde countryrockplaat (Leaving None But Small Birds) tot een abstracte soundtrack van een film die niet bestaat (OST).
In Grief Or In Hope, hun tiende plaat alweer, klinkt als het ultieme destillaat van hun eigen discografie tot nu toe. De band stroomlijnt de muziek iets meer, waardoor het bijna gestructureerd klinkt (de terugkerende hum van Robin Wattie in Skin Ripper is zowaar de aanzet tot een refrein), maar komt ook weer met prachtige vondsten. De galm en de hint naar een kerkklok maken Holding Tongue bijna sacraal, terwijl de overstuurde dubbass in Verdure (een knipoog naar hun single Feral Verdure uit 2014) niet zou misstaan bij The Bug. En het subtiele gebruik van autotune in An Uttering Of Antipathy laat zien dat ze niet bang zijn voor moderne productionele foefjes. Dat dit onmetelijk prachtige Canadese muziekuniversum nog maar lang verder mag uitdijen.