De Amsterdamse kunstenaar, dichter en zanger Dirk Polak is al zijn hele leven geobsedeerd door het montagespeelgoed Meccano. In 1978 debuteerde zijn band Mecano met de punksingle Face Cover Face, maar in de jaren daarna ontwikkelde hun muziek zich richting artwave, met de donkere, heldere stem van Polak als middelpunt. Een paar jaar geleden wilde hij stoppen met muziek maken, al zou Mecano Unlimited (zoals de band sinds tien jaar heet) nog wel wat afscheidsconcerten doen. Tijdens het repeteren hiervoor ontbrandde het heilige vuur echter weer.
De optredens werden steeds beter en de bandleden kregen er weer zin in. Geen afscheid dus, maar het ijzersterke album Modus Vivendi, met alle muzikanten in topvorm. Tien songs die overlopen van melancholie, gegoten in fraaie melodieën met intelligente teksten. Nummers die stevig zijn (Utopia) of midtempo (Noble Bliss), maar soms ook rustig, zoals Climate Change met zijn sfeervolle vioolpartijen. Variatie is troef hier. Zo draagt Polak de tekst van de titeltrack voor begeleid door een rauwe gitaar en een drumgeluidspectrum dat na de slotwoorden ‘Depressionists of the world unite’ als een lang experimenteel outro doorgaat. Meest indrukwekkende nummer is Tons Of Work, vergezeld van een surrealistische zwart-wit-video. Het opent met een stemmig piano-intro, maar daarna steelt fraai trompetwerk de show. Met dit hoogtepunt uit hun lange carrière kunnen festivals (zoals ESNS) eigenlijk niet meer om deze unieke band heen.