Old punks never die, gaat het gerucht. In Amsterdam loopt er in elk geval eentje rond die al jarenlang ijvert om de vaderlandse punkgeschiedenis levend te houden: Oscar Smit, ook actief als dj en OOR-recensent. Sinds 2017 brengt hij DIY-publicaties uit onder de titel De Paradiso Punkjaren en om het verschijnen van een geheel vernieuwde en uitgebreide heruitgave van deel 1 te vieren is er nu een vinylcompilatie met twintig tracks, zeg maar de aanbevolen soundtrack bij de boeken.
De albumtitel spreekt voor zich: dit is de oerknal van de Nederpunk. En dan niet zozeer de ‘bekende’ canon, maar louter zeldzaam of niet eerder uitgebracht werk. De kwaliteit is – uiteraard – wisselend. Staccato geventileerde boosheid van matige live- of demokwaliteit voert de boventoon, veel veredelde pubrock ook, maar vrijwel alles wat dat ontstijgt is meteen ook de moeite waard. Dummies A Go Go bijvoorbeeld, van The Dummies (met de latere OOR-journalist Swie Tio!), een energiek, rinkelend wavepopliedje dat nog nét de Buzzcocks schampt, maar eigenlijk nauwelijks punk te noemen is. Of het hilarische Baby Punker van Snifters, een gruizige Nederlandstalige klaagzang vanuit het perspectief van, jawel, een punkersbaby.
Ook verrassend goed: Return Of Giant Bugs van Bugs (wiegende instrumentale dub in Ghost Town-schemerlicht), de straffe Gang Of Four-achtige postpunk van een pril Eton Crop (zelfs de catchphrase is in stijl: ‘The government knows what’s good for the people’), protestsong Den Haag van Ketchup (Sophie Straat avant la lettre) en de lekker militant bonkende en zagende aanpak van Rondos en Tändstickorshocks (beide opvallend genoeg uit Rotterdam). Waarna de sentimenten van 1980 op het eind nog even mooi worden verwoord door Paul Tornado (‘Paranoia / Het hoort bij deze tijd’) en Tedje & De Flikkers (‘Flikker Van Agt het raam uit’). Kortom, een feest der herkenning voor wie er destijds bij was en een licht buitenaardse luisterervaring voor alle punks van nu.