Johnny Delaware, pseudoniem van John Kuiper, zou naar eigen zeggen de geschiedenis kunnen ingaan als ‘the biggest dickhead alive’. Die kans lijkt ons klein, maar je mag groot dromen, toch? Het vierde soloalbum van de zanger, liedjesschrijver, multi-instrumentalist en producer uit South Dakota, bekend van de bands Susto en The Artisanals, is een meditatie over sterfelijkheid en zingeving, ‘dedicated to all the dreamers’.
Kriebels – en niet op de goede manier. On God’s Time tapt uit hetzelfde vaatje als voorganger Para Llevar (2024): makkelijk in het gehoor liggende indierock, indiepop en Americana in een seventiessfeer, weelderig gearrangeerd en atmosferisch geproduceerd. Zonovergoten, mellow en filmisch zijn adjectieven die je erop kunt loslaten (Sue Lee Of Big Sky: lekker). Eenvormig en glad ook (Regret Town: bah). De langharige, in leder geklede baardman maakt strohoedje-en-houten-kralenarmbandjesmuziek. Passend in een strandtent waar ze ‘probably some Luis Miguel song’ draaien ‘as the waves crash under the sunset’, liefst met ‘mezcal in a Mason jar’, maar thuis zet je Delaware’s platen niet zo snel op. En als je muziek alleen tot haar recht komt in zo’n specifieke setting, dan word je natuurlijk nooit de grootste eikel op aarde.