De moeder van Carson McHone hield een dagboek bij voor haar pasgeboren dochter. Het eerste dat ze erin schreef, was een citaat van de negentiende-eeuwse transcendentalist Ralph Waldo Emerson: ‘De hemel is onder ons, alledaags uitgedost in zulke drievoudige of tienvoudige vermommingen dat de slimsten worden bedrogen en niemand vermoedt dat de dagen goden zijn.’
Verderop in het dagboek vulde ze Emersons woorden aan: ‘En de dagen liggen voor ons, voor ons, om naar eigen inzicht te besteden. Creëer er maar op los.’ Het vierde album van Carson McHone, een singer-songwriter en dichteres uit Austin, opent en eindigt met deze pennenvruchten. Ze nam het op met onder meer manlief Daniel Romano en het draagt onmiskenbaar de signatuur van de grillige Canadese genrekameleon en multi-instrumentalist. Sterker nog: het kan worden gezien als een companion piece voor Romano’s eigen Finally Free (2018).
Pentimento – een kunstterm die verwijst naar een spoor van eerder schilderwerk dat door de bovenste verflaag heen schemert – is een gelaagde luisterdichtbundel waarin van alles samenkomt: op Britse leest geschoeide folk (denk aan Nick Drake en Bridget St. John), Beatlesque gitaarpop met tamboerijn en handgeklap, hypnotiserende psychedelica à la The Incredible String Band, spoken word en veldopnamen van vogelgekwinkeleer, kindergebabbel en golven op een grindstrand. Dat klinkt allemaal nogal poëtisch, arty-farty, highbrow en hipster, en dat is het ook.