Het duurde even voordat Laura Veirs toe was aan het opnemen van haar veertiende soloalbum. Ze hertrouwde, moest haar evenwicht vinden in een samengesteld gezin, bouwde een studio in de achtertuin en had toen de rust om voor Temple Songs te gaan zitten. Ze schreef en produceerde het album geheel zelf en speelde ook alle instrumenten in, behalve de saxofoon.
Veirs blijft tekstueel dicht bij zichzelf en zingt over oude relaties (New Life Over There) en nieuwe (Feeling Returns). River’s Song is een Nick Drake-achtig liedje voor een van haar kinderen. Waar voorganger Phone Orphans (2023) kaal was en Found Light (2022) juist meer aangekleed, houdt Temple Songs daar het midden tussen. Het fundament wordt gelegd door een akoestische gitaar en Veirs’ zang, die beurtelings op de tast en zelfverzekerd klinkt.
Daaroverheen zwerft vaak een elektrische gitaar die dromerige motiefjes speelt, zoals in Arc Still Bends en Golden Seams. In Pulse fungeren drums als een hartslag en gaat een vervormde gitaar een duel aan met een jazzy saxofoon. Die duikt ook op in Out From Undercover, slepend ditmaal. No Masters is een liedje over onder iemands juk vandaan kruipen en autonoom keuzes maken. Dat is precies wat Veirs doet op het emotioneel geladen, intieme Temple Songs. Even gevoelig als krachtig geeft ze een boeiend inkijkje in haar leven.