De mondharmonica is terug. In Den Haag althans, waar Mees Vullings die bluesharp aan zijn lippen zet en een raar leven vol duivelse voodookrachten bezingt. Dat doet hij dus ook in Heath, een livesensatie die met veel decibellen rock, psychedelica en een grote liefde voor The Allman Brothers combineert. Maar Vullings heeft dus nog een band.
Eentje die nog iets meer richting dampende bluesrock gaat, al is ook hier de psychedelica en die typerende voodoo-gekte nooit ver weg. Het swingt, rockt, funkt en lijkt soms over de straten van New Orleans te paraderen, terwijl overleden paradijsvogels als Screamin’ Jay Hawkins, Paul Butterfield en Lester Butler goedkeurend vanuit een juke joint in de hel meekijken of inhaken tijdens het walsje Joe’s House Of All-American Family Entertainment. Deze vogel komt dus gewoon uit Den Haag en zijn band is ouderwets sterk. En helemaal van nu. Rauw, rijk aan harmonieën en zowel in de tragere tracks als tijdens de hypnotiserend sterke, smerige bluesrockers bijna uiteenspattend van speelplezier en adrenaline.