Na de officieuze trilogie The Houston Kid (2001), Fate’s Right Hand (2003) en The Outsider (2005) nam Americana-veteraan Rodney Crowell met dezelfde band een vierde album op. Toen hij het beluisterde, raakte het hem niet. Een herhaling van zetten. In de kluis ermee en niet meer naar omkijken. Nu, zo’n twintig jaar later, heeft hij het album alsnog op de markt geslingerd. ‘Voor mij was de tijd er rijp voor’, verklaart de ex-schoonzoon van Johnny Cash die beslissing. ‘Ik hoorde een plaat die ik niet spuugzat was. Ik was mezelf niet langer spuugzat.’
Voor ons had het niet gehoeven, deze verlate release. Wij hadden het prima zonder Then Again kunnen stellen. Whatcha Gonna Do Now #2, waarin Crowell over een beat rapt en mede Houstonian Lyle Lovett het refreintje croont, zorgt voor plaatsvervangende schaamte. Are You One Of Us?, een ‘muzikaal debat’ met mentor Guy Clark, is gekunsteld gezongen en glad. De oude opnames zijn aangevuld met twee recentere tracks. Het protestlied Go Light A Candle maakt pijnlijk duidelijk dat de versleten Emmylou Harris uit de buurt van een microfoon moet worden gehouden en het eerbetoon If I Could Speak To Leonard doet qua pretentie en hoogdravendheid niet onder voor het werk van de ‘Rabbi poet Buddhist Monk and sage’. Net als Leonard Cohen wordt Rodney Crowell door velen op een te hoge verdieping van de Tower Of Song geplaatst. De tijd zal leren of de 75-jarige zo’n artiest is die in het aangezicht van de dood leegverkoop houdt.