De slechts 19-jarige Dominic Harrison uit Londen is er weer zo een van het type wonderboy met een gouden toekomst op de festivals de komende jaren. Als de voortekenen ons niet bedriegen en we al het Britse chauvinisme even opzij schuiven.
Maar klinkt hij echt zo furieus op dit debuut en is alles even vlijmscherp wat er uit zijn pen en strot vloeit? En geloven we deze als Yungblud opererende ‘razende Roeland op roze sokken’? Moet ik als ouwe lul dit album wel bespreken of is er hier weer sprake van een generatieconflict als ik wat cynisch constateer dat zijn album wel erg veel energie en opzichtige, gemakkelijk scorende opstandigheid bezit? Natuurlijk is het flauw te concluderen dat al dat geschreeuw van hem niet eens genoeg wol oplevert voor een nieuw paar roze sokken. Oké, we pakken het even anders aan. Zijn muziek dan. De songs die Yungblud met elektronica, een gitaartje, een berg samples en een batterij drumcomputers produceert, bezitten wel degelijk exact het geluid waar het ontevreden deel van zijn generatie graag op losgaat, zo viel op diverse podia reeds te constateren. In die zin staat Yungblud wel degelijk voor punk anno 2018. ‘I’m an anarchist’, maar nu dan met een volle backing track en ritmebox. The Sex Pistols zijn dood, of bijna toch. Een groot deel van zijn liedjes zijn wel degelijk echt heel pakkend (I Love You, Will You Marry Me is geen toevalstreffer) en bezitten refreinen om mee te brullen. Maar origineel? Mwah. Daarvoor is er te veel gejat en hoor ik gewoon te vaak een opgeschoten mannelijke versie van M.I.A. met ADHD.