Aan Dave Gahan zal het vanavond niet liggen. Nog voor eerste liedje Welcome To My World goed en wel is ingezet geeft de prima donna van Depeche Mode al een staaltje van zijn niet geringe danskunsten en draait hij zijn eerste sierlijke pirouettes in de afgeladen Ziggo Dome. Gahan heeft er zin in en dat is maar goed ook, want ondanks het imposante decor – mede gecreĆ«erd door de vanavond toekijkende Anton Corbijn – en een oeuvre waar we heel diep voor buigen is een Depeche Mode-concert tegenwoordig toch vooral ook een voorspelbare aangelegenheid geworden.
Dat houdt in: een eerste uur waarin de nadruk wordt gelegd op recent werk (in dit geval laatste album Delta Machine) afgewisseld met oudere, ‘obscuurdere’ singles (tijdens de Delta Machine Tour onder meer het nog altijd geweldige Black Celebration en Policy Of Truth) en een enkele hit (het al als derde gespeelde Walking In My Shoes) die de stemming erin moet brengen. In de tweede helft volgen steevast de monumentale klassiekers die elkaar in hoog tempo afwisselen en het concert langzaam maar zeker de gewenste climax moeten geven. Ook het schijnwerpermomentje voor Ā“tweedeĀ“ man Martin Gore ontbreekt niet. In de Ziggo Dome blijkt nog maar eens hoe populair de belangrijkste songschrijver van de synthpop-veteranen is. Gore wordt hartstochtelijk toegejuicht, ook al zakt de boel in als hij slechts begeleid door piano een vlak nieuw liedje als Slow neerzet en oudjes But Not Tonight en – later in de toegift – Shake The Disease in een nogal lelijk musical-jasje hult.
Maar dan is daar altijd Gahan nog die zijn statisch opgestelde maatjes achter hem op sleeptouw neemt en Depeche Mode eigenhandig over de dode punten heen danst. En zingt. Want Gahan mag dan een intrigerende podiumpersoonlijkheid zijn, een charismatisch frontman die continu schakelt tussen het gracieuze van de vrouw en het stoere van de man, hij is bovenal nog altijd een groot zanger. Dat blijkt vooral in het tweede deel van de twee uur durende show als de bariton steeds indringender door de Dome galmt en we meer en meer in de greep van Depeche Mode komen. Gahan, waarschijnlijk de enige vijftiger met eyeliner die we serieus kunnen nemen, weet hoe hij een zaal van dit formaat moet verleiden, opzwepen en aan de voeten moet krijgen. Zijn gebaren en uithalen zijn theatraal en vol pathos, maar als het “echt“ en “authentiek“ voelt, zo blijkt in de Ziggo Dome maar weer es, heeft irritatie of achterdocht geen schijn van kans. Sterker, het is genieten om Gahan zo bezig te zien, getekend door het leven en (drugs)verleden maar tegelijkertijd gedreven als in zijn beste jaren.
Dat gevoel zweeft tegen het einde vaker door de zaal. De eerste uithaal van een elektrificerend Personal Jesus (Ā“Reach out and touch faith!Ā“) pompt de adrenaline de hoogte in en vormt de opmaat voor de gedroomde finale waarin de Ā“usual suspectsĀ“ voorbij komen. I Feel You hebben we (qua geluid) wel eens beter gehoord maar blijft ook op 80% een kraker van formaat, Just Can’t Get Enough klinkt zoals het op het schoolfeestje in de jaren tachtig klonk, dus goed, en afsluiter Never Let Me Down Again laat de nostalgiemeter volgens verwachting uit zĀ“n kassie knallen. Een concert uit het (Depeche Mode-)boekje, inclusief de voor de hand liggende setlist en een zinderende finale.
Door Raymond Rotteveel / Fotografie: Dimitri Hakke
Gezien: 7 december 2013, Ziggo Dome, Amsterdam

