concert

Down The Rabbit Hole dag 1: de krachtpatserij van QOTSA

Down The Rabbit Hole viert haar eerste lustrum! En zoals het ‘s lands meest avontuurlijke festival betaamt, wordt er dit jaar opnieuw geëxperimenteerd met allerlei manieren om het immer groeiende terrein te vernieuwen en te verbreiden. In 2014 stonden we nog knus met zevenduizend man te juichen tijdens Nederland – Mexico naast de Hotot, nu is de tent vervangen door een groot buitenpodium, is het Vuige Veld vervangen door het opzettelijk lelijke opblaaswalhalla Avant Garden en is er een nieuw podium in het bos. Wie dat nog niet verfrissend genoeg vindt, kan altijd nog op een surfplank gaan staan en windsurfen. Want dat kan ook gewoon, op Down The Rabbit Hole. Maar goed, tussen al dat randvermaak zouden we bijna vergeten dat er een ontzettend veelzijdige line-up met headliners van Lowlands-formaat op ons te wachten staat. Tijd voor de grootste en op papier al meest complete editie van Down The Rabbit Hole tot nu toe.

Het is nog best vroeg en vooral bloedheet, maar we besluiten het campingterrein en zijn kipnoedels in knakworstvocht achter ons te laten en een kijkje te nemen bij de Bossa Nova. Precies, een stage die niet vernoemd is naar een konijnenras, maar gewoon is wat je denkt: een prachtig nieuws bospodium. De eer die Luwten (14:30, Bossa Nova) heeft om het podium te openen is vandaag niet twijfelachtig: al lang voor Tessa Douwstra & co. hun opwachting maken, zitten de tribunes rond het podium bomvol. Meer dan terecht, zo bewijzen de Nederlanders binnen een mum van tijd. Live, aangezet met extra elektronische toetsen en hier en daar een bombastische shoegazebreak, klinkt de vorig jaar verschenen debuutplaat van Luwten zo mogelijk nóg fraaier. Douwstra moet even bukken om in de zon haar stemapparaat te kunnen lezen, maar heeft al snel de juiste noot gevonden voor een uitgesponnen uitvoering van het meerstemmige In Over My Head. Hoogtepunt is daarentegen een nog niet uitgebracht nummer waarin Douwstra haar gitaar even links laat liggen (met zo’n goede begeleidingsband is dat geen enkel probleem) en het op een dansen zet. Haar voorbeeld krijgt al snel navolging. Eerst dansen er drie mensen op de open plek, dan doet een man of tien stofwolken opwaaien op wat plotseling een dansvloer is. Van een valse start is dit weekend geen sprake, Luwten is niets minder dan een vroeg hoogtepunt. (DB)

Tegelijkertijd in de derde tent Fuzzy Lop: KOKOKO! (14:30, Fuzzy Lop). De band zou eigenlijk tegelijkertijd met Curtis Harding spelen, maar nu hij is vertraagd stroomt de tent al snel vol. De vijf mannen in felgele overalls uit Congo bespelen allerlei onherkenbare instrumenten, gemaakt van straatafval. De focus op percussie maken de nummers erg dansbaar en perfect voor het warme weer. Je kunt zien dat de band niet altijd duidelijk heeft waar de nummers eindigen, of waar ze veranderen. Dat, in combinatie met het feit dat de mannen het publiek continu in het Frans instructies geven, zorgt ervoor dat we aan het eind van de set allemaal gebukt op de houten vloer zitten en de band eigenlijk niet weet welke beat ze nu in moeten zetten. Dat maakt het feestje dat hier op de vrijdagmiddag wordt gevierd in de Fuzzy Lop eigenlijk alleen maar authentieker. Geen ingestudeerde trucjes, gewoon spelen en we zien wel. (MR)

Direct daarna speelt Elias El Gersma (15:30, Future Fuzzy Field), direct naast de Fuzzy Lop, op het kleine Future Fuzzy Field. Het wordt al snel duidelijk dat dit niet de setting is waar de man die bekend is van Yuko Yuko helemaal thuis is. Terwijl zijn instrumentale tracks spelen, kruipt Elias over de grond met een mondharmonica in zijn hand. De eenvoudige drumcomputer en nonchalante zanglijnen door een heftige stemvervormer zijn een perfecte soundtrack voor zijn dramatische bewegingen in zijn eighties-outfit. Toch komt het hier vanmiddag niet helemaal over. Een act als deze hoort eigenlijk in een kleine donkere tent, niet op een veldje vol met mensen die nog nagenieten van KOKOKO! of Luwten. (MR)

Ze mogen dan een dagje ouder worden, de heren van De Jeugd van Tegenwoordig (15:30, Hotot), rustiger worden ze er niet van. Twee maanden terug brak Willie Wartaal zelfs zijn enkel tijdens een optreden. Even lijkt het erop dat WiWa er vandaag niet bij is, maar nadat Vjeze Fur, Faberyayo en Bas Bron het bal geopend hebben met Watskeburt?! rolt de rapper – à la Kurt Cobain anno 1992 – doodleuk het podium op in een rolstoel. Hij was bijna dood, maar als ‘ie dit weekend drie keer gepijpt wordt komt het allemaal wel goed. Natuurlijk mocht Deze Donkere Jongen niet ontbreken, want de Amsterdamse formatie is special guest op Down The Rabbit Hole: later dit weekend volgen nog podcasts, talkshows en dj-sets. Niet voor niets dus, dat Down The Rabbit Hole (‘da’s veel te lang’) prompt wordt omgedoopt tot Jeugdfest. Wat volgt is een hete hitparade die evenveel wegheeft van een uit de hand gelopen vrijmibo als van een low-key cabaretvoorstelling. Zelfs als het wat verwaaide geluid op het nieuwe openluchtpodium ervoor zorgt dat De Jeugd er wat harder voor moet werken, doen de hoofdstedelingen dat op routine. Nieuwe single Gemist geeft met zijn moshpits antwoord op de vraag of de band nog relevant is, terwijl ‘iedereen die wel twee enkels heeft’ springt op de snoeiharde Formule en het onvermijdelijke Sterrenstof ervoor zorgt dat we deze zomer toch nog een volkslied mochten meezingen. (DB)

De contrasten worden niet uit de weg gegaan op het kersverse buitenpodium: waar rolstoelmessias Willie Wartaal constant het veld liet ontploffen, is het ingetogen meedeinen met Leon Bridges (17:30, Hotot). Hij is met zijn 27 jaar en twee langspelers vol retro- (Coming Home) en neo-soul (Good Thing) de Gregory Porter van een jonge generatie en een act die je makkelijk inpakt met korte, eenvoudige, warme poppy soul. Maar meer dan ‘gewoon goed; zijn Leon Bridges en zijn band echt niet. Er wordt weinig verbinding gemaakt met het publiek, ruimte voor een overtuigende solo is er alleen in het slicke Bad Bad News, en ook de dansmoves van de niet al te charismatische frontman en zijn achtergrondzangeressen zijn zeer spaarzaam. Maar wat maakt het uit? De avond valt, Down The Rabbit Hole is een beetje opgewarmd en de bondige nummers doen samen met het bezielde stemgeluid van Bridges het werk. Leon Bridges is zowel live als op plaat het boegbeeld van de 7, de dikke prima. Die constante houden is iets wat veel jonge artiesten hem niet kunnen nadoen. (DC)

Het lijkt erop dat Saul Adamczewski er lustiger op los neukt dan het gemiddelde konijn. Als paddenstoelen schieten de telgen van zijn immer uitdijende Fat White Family de grond uit. Na bescheiden Nederlands succes voor The Moonlandingz en Insecure Men dient Warmduscher (18:45, Fuzzy Lop)zich nu aan op Down The Rabbit Hole. Een gelukkig huwelijk tussen punk, krautrock en soul? Nee, het heeft meer weg van een knotsgekke affaire. De band wordt geleid door Craig Louis Higgins Jr., die met zijn eigen projecten al eens in het voorprogramma van Kasabian stond maar in Warmduscher doorgaat voor cowboy Clams “Disco Face” Baker. Een soort komedie over de Verenigde Staten lijkt het wel, die de continu kauwgom kauwende Higgins hier opvoert met zijn kompanen, waaronder Childhood-gitarist Ben Romans-Hopcraft. De pit die een uurtje eerder begonnen is door Ploegendienst (17:00, Fuzzy Lop) – rapper Ray Fuego plus punkband is precies zo’n goed idee als je dacht – keert al snel terug. Het enige probleem van Warmduscher? Dat het geen moment zo gevaarlijk wordt als zijn moederschip. (DB)

Black Rebel Motorcycle Club (19:30, Hotot) maakt bluesrock die klinkt zoals je verwacht en bestaat uit bluesrockers die eruitzien zoals Jamie Hewlett van Gorillaz ze zou tekenen. De zwarte zonnebrillen zijn net zo prominent aanwezig als de zware baslijnen en steeds dunnere haardossen lopen naadloos over in grijze bakkebaarden. Inderdaad, Black Rebel Motorcycle Club bestaat al een tijdje: twintig jaar om precies te zijn. En inderdaad, hun hoogtijdagen liggen alweer even achter de Amerikanen. Toch was hun recente achtste, Wrong Creatures, een prima plaat waarop grootste grooves gecombineerd werden met stiekeme shoegaze-invloeden. Kortom, alle ingrediënten aanwezig voor een show die prima uit de verf komt in een pikdonker poppodium. De band zelf lijkt zich er ook niet van bewust te zijn dat het bijna dertig graden is. Leren jacks en lange broeken zorgen voor grimassen die er ongetwijfeld ook een beetje bij horen. Net als de bandleden bezwijkt de lome show onder de hitte. De dynamiek maakt plaats voor spierballenrock die nog leuk was toen je fan was van The Black Keys, maar die nu stiekem best snel saai wordt. En dan helpt het niet dat er geen plek is voor zelfspot (alleen die naam al) en zanger Robert Levon Been plichtmatig het publiek in duikt. Black Rebel Motorcycle Club is de ideale opwarmer voor Queens of the Stone Age, maar vandaag helaas vooral omdat die vrijdagheadliner vanavond kan laten zien hoe het beter kan. (DB)

Wanneer stoppen we nou eens met presentatoren op festivals? Hopelijk spreekt Jorja Smith (Teddy Widder, 20:30) geen Nederlands, want ze krijgt een classic ‘ze-is-niet-alleen-mooi-maar-kan-ook-nog-eens-goed-zingen’ van de vrouwelijke (!) aankondiger van het tweede podium naar haar hoofd geslingerd. Gelukkig onthaalt het publiek de net 21-jarige Londense stukken warmer, en voel je meteen al dat deze show niets minder is dan een bezegeling van haar status als wereldster. Tuurlijk hebben featurings op Drakes More Life en Kali Uchis’ Isolation daarbij geholpen, maar Jorja Smith is al sinds haar vroege tienerjaren een uitstekend songwriter en zangeres, wat ze definitief bewijst op haar onlangs verschenen debuut Lost & Found. Vocaal is Smith live wat rauwer dan op plaat, maar nog steeds ijzersterk, waardoor vergelijkingen met Amy Winehouse uit het Frank-tijdperk en Jill Scott absoluut op hun plaats zijn. Muzikaal volgen de R&B-hits elkaar op, met als hoogtepunt dagdroom-anthems Teenage Fantasy en Blue Lights. Uitstekende covers van TLC’s No Scrubs (nieuw arrangement!) en Frank Oceans Lost (in een 2-step uitvoering!) zijn cadeautjes die de set constant prikkelend houden. En wie had gedacht dat funky hiphop en UK garage ook nog even zouden worden gechanneld in dit uur? Jorja rapt met haar Londense tongval Lifeboats naar een hoger niveau, daarna jamt haar vierkoppige band op niveautje Thundercat. On My Mind, geproduceerd door 2-step-expert Preditah, is de afsluiter, die de prachtstem van Smith combineert met dansvloermateriaal. En zo heeft dit optreden haast alles: sterke songs, balans, vocale klasse, een sublieme band… en ja, naast dit alles ziet Jorja Smith er ook nog eens heel goed uit. Maar dat is een bijzaak. (DC)

We snappen best dat een mens weleens wat anders wil dan moeilijke crossovers tussen dance en punk maken. Dat doet LCD Soundsystem tóch altijd beter. Daarom staat Joe Goddard (20:30, Fuzzy Lop)vandaag niet op Down The Rabbit Hole, maar onder ’s mans eigen naam, waarvan we niet weten of die op z’n Frans of Engels uitgesproken dient te worden. Op zijn vorig jaar verschenen soloplaat Electric Lines knipt hij de navelstreng niet helemaal door, maar zoekt hij wel wat meer het midden dan hij in z’n samenwerking met Alexis Taylor & co. doet. Het pakt op Down The Rabbit Hole uit, mede omdat dat festival de kunst van de schemering verstaat. De dag over laten lopen in de nacht, dat doe je het best door de nacht vroeg te laten beginnen. Aanvankelijk wordt Goddard nog vergezeld door een zangeres, maar later draait hij in z’n eentje steeds hardere beats en steeds diepere baslijnen. Net als je denkt dat de set, die laveert tussen house en techno, een beetje saai begint te worden, schudt de labelbaas van Greco Roman de Groene Heuvels op met z’n hardste drop. Zoals het een dj betaamt sluit ‘ie af met z’n meest melodieuze. After dinner-dip? Music Is The Answer. (DB)

Als de zon ondergaat over het meer, staat in de Hotot een act waarvan de verwachtingen behoorlijk uiteenlopen: MGMT (21:30, HOTOT). Nu de band een behoorlijk sterke comeback heeft gemaakt met nieuwe album Little Dark Age, zou de show nog wel eens een verrassing kunnen worden. Maar al snel wordt duidelijk dat het de grote meerderheid van het publiek vooral komt voor de nummers van debuut Oracular Spectacular uit 2007. Ook de band ziet dat, maar de heren komen in hun nieuwe stijl sterk over. Dat zorgt er af en toe wel voor dat nummers niet overkomen op het publiek. Zanger Andrew VanWyngarden is hier duidelijk niet om het publiek op te zwepen – ondanks de pakkende beats- maar leeft een beetje in zijn eigen wereld. Ze spelen helemaal binnen de lijntjes en zijn in hun houding een beetje onverschillig. Dat wordt gelukkig flink gecompenseerd met spectaculaire visuals, planten en een grote opblaaspop, maar het blijft een beetje ongeloofwaardig op zo’n groot podium. Bij het spelen van Electric Feel komt het publiek dan toch een beetje los, net als bij de daaropvolgende nieuwe hit Me And Michael. Maar het echte feest, hoe voorspelbaar ook, is wanneer Kids wordt ingezet. Geen show die zal bijblijven, maar voor veel mensen waarschijnlijk gewoon wel waar ze op hoopten. (MR)

Terwijl de zee van achterhoofden zich weg van de Hotot beweegt, begint Parcels (22:30, Fuzzy Lop) al in de Fuzzy Lop. Deze Australische band bestaat uit vijf jongens van begin twintig die tegenwoordig in Berlijn wonen. Ze blazen eigenlijk al vanaf het allereerste nummer de hele tent omver. De muziek is ongelofelijk groovy en de vijf spelen vol overgave en enthousiasme, waardoor de hele tent wordt aangestoken en er nóg harder gesprongen wordt. Het is de beste chemie die je kunt wensen: het publiek is overweldigd door de band en de band door het publiek. Met hun lange pony’s, snorren en kleurrijke kleding lijken deze jongens helemaal thuis te horen in de jaren zeventig en ook muzikaal gaat het die kant op. De manier waarop ze nummers zo dansbaar en toegankelijk maken, doet denken aan The Whitest Boy Alive, maar dan met meerstemmige nummers vol bizarre baslijntjes. Dit is absoluut een band die, als het eerste album binnenkort uitkomt, flink gaat doorbreken. (MR)

Nee serieus, Down The Rabbit Hole, stop met die lompe aankondigingen van artiesten die dat niet nodig hebben. Bij Jon Hopkins (Teddy Widder, 22:30) wordt een dieptepunt bereikt als hij, middels een soort mantra dat net zo goed van een te dramatische Amerikaanse predikant had kunnen zijn, wordt aangekondigd. Eigenlijk verschilt zijn werk bizar weinig van trance uit de jaren nul, en slepen zijn visuals je net zo hard mee in een buitenwereldse trip als de supermanpilletjes op Sensation White. In het begin zoekt Hopkins nog een beetje naar richting als hij zijn op techno leunende materiaal langzaam afwisselt met de langzamere tracks van zijn laatste plaat Singularity, maar beukepos Everything Is Connected breekt – bijna in volledige speelduur van elf minuten – de set mooi in twee. Wat volgt: subtiel aan elkaar gemixte trance-techno, een beetje fout doch kleurrijk versierd door fantasy-visuals en twee in Star Trek-pak gehulde vrouwen die een lichtstaaf-choreo uitvoeren op het podium. Hoogtepuntje? Toch weer de compleet door de blender gehaalde klassieker Open Eye Signal. Hopkins, bescheiden en haast timide van zichzelf, kan met zijn beukset prima zelf het gaspedaal intrappen en het publiek hondsdol maken. (DC)

Vlak voor Queens of the Stone Age (23:30, Hotot) aan zijn headlineset begint, is er nog geen vuiltje aan de lucht van Down The Rabbit Hole. Terwijl het veld volloopt voor de band uit Palm Desert, is er zelfs een vallende ster te zien aan de hemel boven Beuningen. Dan pakken donderwolken zich echter samen. Grace Kelly’s Singin’ in the Rain wordt ruw onderbroken door een snoeihard openingssalvo dat even doet vermoeden dat we hier niet met Josh Homme maar met Metallica’s James Hetfield van doen hebben. In moordend tempo razen A Song for the Deaf, Go With the Flow en Sick, Sick, Sick over de heuvel voor de Hotot. Daarna laat een van de grootste headliners die Down The Rabbit Hole ooit had daarentegen horen van meer markten thuis te zijn. Nieuwe singles Feet Don’t Fail Me en The Way You Used To, geproduceerd door Mark Ronson, worden zo strak gespeeld als hun voorgangers en brengen wat schwung in een show die verder vol serieus spierballenwerk zit.

Want dat is het vooral dat de klok slaat vanavond: badend in rood licht banjert Josh Homme over het podium, dat meter voor meter op zijn naam lijkt te staan. Hij is een coole krachtpatser, zo’n rockster die voor je gevoel allang tot het verleden zou moeten behoren. Dat doet Homme vanavond niet, hoewel het vooral de oudjes zijn die Down The Rabbit Hole weten te verenigen. Natuurlijk is No One Knows het hoogtepunt, al grijpt drummer Jon Theodore het nummer vooral aan om te laten zien dat drumsolo’s eigenlijk nooit een leuk idee zijn. Legendarisch wordt Queens of the Stone Age dan ook niet: op het immer vredelievende Down The Rabbit Hole voelt de band zelfs een beetje als een vreemde eend in de bijt.

Het meezingmoment dat Homme – nooit te beroerd voor een stukje plichtmatige publieksparticipatie – in heeft gepland tijdens Make It With Chu valt enigszins in het water, niet in de laatste plaat omdat een flink deel van het publiek alweer langs het meer de nacht tegemoet gelopen is. Terwijl zij vast het konijnenhol in tuimelen, gaat Queens of the Stone Age ook nog één keer tot het gaatje. Met Little Sister en A Song for the Dead wordt de cirkel overtuigend rondgemaakt. Een avond om nooit meer te vergeten? Nee, Josh, daarvoor was Queens of the Stone Age simpelweg niet de juiste band op de juiste plaats. Niet helemaal jouw schuld natuurlijk, dus we beloven dat we jullie de rest van het weekend nog zullen onthouden. (DB)

Wie geen zin heeft in de rock van Homme en co, kan naar de fandag van de Londense zangeres/rapper IAMDDB (Fuzzy Lop, 0:00) . Althans, het lijkt wel of het haar fandag is: het is namelijk gewoon keigezellig in de Fuzzy Lop als Diana de Brito het podium betreedt. Er staan dedicated fans vooraan, iedereen is lief voor elkaar, en de ballonnen vliegen door de tent. Haar DJ is óf kneiterstoned of gewoon met zijn hoofd ergens anders, maar IAMDDB zelf is compleet in haar element door de sfeer die in de Fuzzy Lop hangt. Ze wijdt het podium in met wierook, steekt haar tong net zo vaak uit haar mond als er euforische publieksreacties zijn, en haar soulvolle r&b-hiphopcrossover past perfect bij het tijdstip. IAMDDB heeft de hits, en speelt ze prima uit – tijdens Shade ontploft de tent haast – maar vermaakt zich vooral vanavond. ‘Light a joint, eat some pussy, and love each other!’ is de boodschap die we meekrijgen. De lol zegeviert, maar de muziek staat niet helemaal bovenaan. We zeggen niet dat IAMDDB een bloedserieus moet worden – haar hedonistische laidback attitude is immers haar grootste charme – maar volgende keer een Melkwegshow van anderhalf uur met wat meer ruimte voor muziek en de tent afbreken, en we zijn voorgoed verslingerd. (DC)

Door Dirk Baart, Dave Coenen en Matthijs van Rumpt

Fotografie: Kamiel Scholten

Gezien: 29 juni 2018, Down The Rabbit Hole, Beuningen

Deel dit artikel

Meest gelezen artikelen

Word lid en kies je eigen cd-pakket. Nieuwe keuzes!
abo-actie

Word lid en kies je eigen cd-pakket. Nieuwe keuzes!

OOR deelt uit! Neem nu een halfjaar- (€34,-) of jaarabonnement (€66,95) op OOR en kies je eigen doldwaze cd-pakket uit. We ...
Simulation Theory
album
Muse

Simulation Theory

De tijd dat de internationale pers laaiend enthousiast stond te wachten op een nieuw album van Muse is al een ...
The Beatles (The White Album)
album
The Beatles

The Beatles (The White Album)

In februari 1968 trokken The Beatles naar Rishikesh in India om daar deel te nemen aan een cursus meditatie bij ...

Recensie: Down The Rabbit Hole dag 1: de krachtpatserij van QOTSA (concert) | OOR