Een uurtje nadat IJsland de Hotot afbrak met protestleuzen, is het nu aan de Britse beschermengel Loyle Carner deze weer aan elkaar te lijmen. Liefdevolle raps, op het nieuwste album zelfs wiegenliedjes, zijn de vorm van protest waarmee hij Down The Rabbit Hole een ander levenspad biedt. Niemand blijkt veilig voor de goudeerlijke ogen en sussende stem van de modelvader.
Het moet nog een beetje vollopen wanneer Benjamin Coyle-Larner op het zweverige In My Mind zelf meteen in zijn element is. Een brede glimlach, oprechte woorden en een geblokt hemd waar later een NEC-shirt onder verstopt blijkt te zitten. De brede mainstage voelt meteen klein, met de rapper en zijn vijfkoppige band intiem gecentreerd in het midden van het podium. Op de achtergrond geen poespas, dat staat hem ook niet.
Een beetje nerveus en onder de indruk lijkt de Londenaar af en toe wel, al is zo’n hoofdpodium hem zeker niet onbekend. Wellicht omdat de hoofdpersoon van zijn laatste album Hopefully! backstage meeluistert. Zijn zoontje. De nummers op deze plaat dwingen Carner om zich kwetsbaar op te stellen, zo blijkt op lyin: ‘Singing in front of people is scary man!’ De rapper die ooit kon leunen op de kalme beats, start het nummer nu als zanger met enkel een akoestische gitaar als begeleiding. Een beetje ingehouden zingt hij het refreintje, waardoor de inmiddels bomvolle Hotot juist collectief smelt.

Zo gaat de ideale schoonzoon voorop in een strijd die hij al jaren voert, tegen toxic masculinity en stoerdoenerij. Carner balanceert in Beuningen slim de meezingbare, bekende nummers als Ottolenghi en Damsefly met muziek waarin voor hemzelf die kern lijkt te liggen. Het prachtige About Time, of zijn eigen favoriet, Still. Het liedje waar hij zelf het meest onzeker over was, staat nu juist symbool voor de acceptatie van dat gevoel.
De blikken van de aanwezigen staan elk liedje iets meer op standje verliefd. Ook Carner zelf lijkt op het einde van About Time bijna te breken wanneer de stem van zijn zoontje zich een weg door de speakertorens baant. Op afsluiter A Lasting Place, een ode aan de vrouwen in Carners leven, jaagt de drummer het geheel nog richting een stroomversnelling, waardoor al die zoete woordjes nog eens extra scherp in het brein worden gegrift.
Het kan gewoon, het hoofdpodium van Down The Rabbit Hole bedwingen zonder dancebeats of bombarie. Ondanks dat we hem niet op slippertjes hebben kunnen betrappen, draait deze show geen seconde om flows of techniek, maar sluit de goedzak ons op in een veilige cocon. Een volbloed rapper is hij niet meer, en zingen vindt ‘ie eng, maar Loyle Carner laat hier prachtig zien hoe een mens mens zou moeten zijn.
Gezien: Down The Rabbit Hole, zo 20.30 (Hotot)
Fotografie: Hub Dautzenberg