‘The trumpet, an incredible brass invention, is the king of instruments. The more love in, the more warmth out.’ Met deze woorden omschrijft Flea in zijn autobiografie Acid For The Children de trompet, zijn eerste muzikale liefde. De expressieve basgitarist van Red Hot Chili Peppers keerde op het eerder dit jaar verschenen Honora terug naar de jazz, waarmee het voor hem allemaal begon. Geflankeerd door bassist Anna Butterss, toetsenist en saxofonist Josh Johnson, gitarist Jeff Parker en drummer Deantoni Parks begeeft hij zich in Paradiso op bekend terrein: “I remember the first time we played here with the Chili Peppers, I couldn’t believe it. I was so excited and I have to say I get that same feeling tonight.”
Tokkelend langs de repeterende klanken van Good Night Darius maakt Flea zich los van zijn omgeving. Wie hem eerder heeft gezien weet hoe hij op kan gaan in het moment, in de muziek. Toch oogt hij anders nu. Kwetsbaar, zelfs. Halverwege het nummer staat hij op, blaast met één hand aan de trompet een paar noten om vervolgens het publiek in zijn meditatieve toestand mee te nemen. Dat lukt zonder moeite. De trompet wordt weer omgewisseld voor de bas en met zijn rug naar het publiek wiegt hij heen en weer tot de laatste klanken. Applaus, een kort knikje richting de zaal en twee handen die de duivelshoorn, of waarschijnlijker het P-Funk-teken van inspiratiebron en goede vriend George Clinton vormen.


Op de setlist prijken weinig nummers, naar jazzstandaarden met een gemiddelde tijdsduur. Tijdens Traffic Lights – ruim over de tien minuten – gaat het tempo wat omhoog en zien we meer van Flea’s beweeglijke kant. Zijn ritmische dans wordt versterkt door psychedelische belichting, terwijl de silhouetten van de bandleden op het doek achter het podium prijken. Johnson – tevens bandleider en albumproducer – wisselt moeiteloos van toetsen naar saxofoon, waar bassist Butterss de contrabas voor een elektrische basgitaar omruilt. Laatstgenoemde blinkt uit tijdens Shred Of Hope, waarbij Flea een handgebaar maakt alsof hij wil zeggen: ‘Zien en horen jullie niet hoe goed dit is?’ Niet voor niets belde Flea Butterss een paar jaar geleden voor extra baslessen.
Aan het einde van een melancholisch praatje lijkt de hoofdmuzikant ineens te breken. ‘It’s a heavy day for me’, zegt hij zonder verder uit te wijden. De emotie is voelbaar en vlak na het optreden lezen we dat zijn zus, Karyn Balzary is overleden. Snel keert hij terug in transcendente staat. De groove in countryklassieker Wichita Lineman werkt bezwerend, de chaotische free jazz van het prachtige A Plea blijft tot het einde boeien. De lichten flikkeren, Butterss en Flea stuwen haast tegen elkaar aanleunend het optreden richting een hoogtepunt als het beste dan nog moet komen. Het jasje gaat uit en de frontman grijpt de microfoon. Praatzingend, schreeuwend: ‘You wanna be brave, you wanna be tough? Peace and love is the toughest, hardest thing you can do.’


De melodie van Frank Oceans Thinkin Bout You wordt zowel op trompet (dromerig) als basgitaar (intens) gespeeld. Even gaat de blik van Flea hulpeloos omhoog. Hij mag dan geen absolute jazzgrootheid zijn, met al zijn gevoel perst hij de muziek uit zijn lijf. En dat slingert alle kanten op. Zo staat de experimentele trompetpartij tijdens Maggot Brain in schril contrast met de gruwelijke distortion die even later uit zijn bas klinkt, om de toegift vervolgens met een heuse sing-a-long te eindigen. Love Love Love werd origineel ingezongen met een kinderkoor, vandaag valt ons die eer ten deel. En als je weet met welke pijn Flea de woorden moet hebben staan zingen, galmen ze nog extra lang na: ‘We’re alive / Just for a while / Soon we’ll die / And that will be great / So let’s love / Love everything away / Today.’
Gezien: 22 mei 2026 in Paradiso, Amsterdam
Fotografie: Daniël de Borger