concert

Het over-de-top feestje van Andrew W.K.

Het is een bont gezelschap. Drie gitaristen, een bassist, een drummer en een net iets te oude zangeres in een soort badpak (met string) en doorzichtige panty’s. Alsof ze zo uit een oude heavy metal band zijn gelopen, zo zien ze eruit. Andrew W.K. zelf is in het wit gekleed. Nog voordat hij op het podium staat gaat het publiek uit zijn dak. Als hongerige wolven zingen ze ‘It’s time to party’, het mantra uit het eerste nummer van W.K.’s debuutalbum I Get Wet, dat vanavond integraal gespeeld wordt. Laat het tweede nummer van dat album nou Party Hard zijn, de grootste hit van de entertainer uit New York. En zo kan het zijn dat Bitterzoet om even na 21.00 uur al in een grote, feestende massa verandert. De metalheads links vooraan gaan uit hun dak, de jonge kids in het midden raken verzeild in hun eerste moshpit en links en rechts gaan crowdsurfers de lucht in. Waanzin.

De bandleden hebben vanavond niet de moeilijkste taak overigens. Ieder nummer lijkt op het vorige en de zangeres doet niet veel meer dan haar frontman napraten en af en toe ‘Amsterdam’ schreeuwen. Dat is maar goed ook, want zingen kan ze niet. Andrew W.K. is een koning in het behagen van zijn publiek. I Love NYC wordt I Love Amsterdam en als hij zijn pizzagitaar tevoorschijn haalt mogen we het relikwie allemaal even aanraken. Alsof hij Jezus zelf is en het laatste stuk brood deelt met zijn apostelen. Eén keer kan hij rekenen op licht boe-geroep: als hij het hem aangereikte glas bier niet in één teug zijn mond inkrijgt. Dat valt dan toch weer een beetje tegen van de keizer der party.

Andrew W.K. is een cultfiguur, zoveel is duidelijk. Maar dat hij in Nederland zoveel fans had, dat wisten wij eigenlijk niet. Zeg maar eerlijk, hoeveel nummers van de beste man zou u mee kunnen zingen? Bitterzoet begroet vanavond echter ieder nummer met luid gejuich. She Is Beautiful, Party Til You Puke en Fun Night worden woord voor woord meegezongen door een nog altijd uitzinnig publiek. Het is zo’n groot feest dat je bijna vergeet dat je naar een artiest staat te kijken die eigenlijk steeds hetzelfde nummer staat te spelen, die nauwelijks kan zingen en die z’n keyboard vooral gebruikt om tegelijkertijd zoveel mogelijk toetsen in te drukken. Net op het moment dat het een klein beetje begint te vervelen komt er met het titelnummer en Don’t Stop Living In The Red een einde aan de integrale uitvoering van zijn succesalbum.

De fans weten wat er dan nog komt. Twee toegiften. Gevuld met nieuwer werk, zoals Victory Strikes Again, de opener van zijn minder succesvolle tweede album The Wolf (2006) en Totally Stupid. Na de eerste toegift heeft de nog steeds uitzinnige zaal nog altijd geen genoeg van het optreden. Ze hebben immers op internet gezien dat er nog een nummer moet komen. En dat ze dan allemaal het podium op mogen. Probleem: het kleine podiumpje staat met zeven muzikanten al propvol. Natuurlijk komt Andrew W.K. voor een tweede keer terug, om ook deze avond te laten eindigen in pure party madness. Klein podium of niet, we mogen er allemaal op. Missie geslaagd.

Fotografie: Niels Vinck

Gezien: 18 april 2012, Bitterzoet, Amsterdam

Deel dit artikel

Meest gelezen artikelen

De nieuwe OOR is uit! Bestel 'm nu in onze shop of lees digitaal
oor-shop

De nieuwe OOR is uit! Bestel ‘m nu in onze shop of lees digitaal

Nothing But Thieves, Keane, The Analogues, S10, Palaye Royal, Stanley Donwood & Thom Yorke, Jane’s Addiction, Mdou Moctar, Arooj Aftab ...
Win! Tickets voor de secret show van Eefje de Visser in Rotterdam
winactie
eefje de visser

Win! Tickets voor de secret show van Eefje de Visser in Rotterdam

Eefje de Visser bereidt zich voor op de festivalzomer met een unieke show op een nog geheime locatie in Rotterdam ...
'Pinkpop is gewoon meer popfestival dan rockfestival geworden'
interview

‘Pinkpop is gewoon meer popfestival dan rockfestival geworden’

Programmeur Rob Trommelen vindt dat Pinkpop vooral vrolijkheid moet oproepen. 'Als het te ingewikkeld wordt, gaat zo’n festival als een ...

Het over-de-top feestje van Andrew W.K.