concert

Elke ademstoot is een sensatie bij Big Thief in Paradiso

Big Thief is de beste band ter wereld. Het leek me netjes dit meteen aan het begin te vermelden, dan weet u een beetje wat u aan me heeft. Het indierockviertal heeft in de afgelopen vier jaar evenzoveel prachtplaten afgeleverd (vorig jaar zelfs twee – beide sleepten een welverdiende notitie in OOR’s Eindlijst in de wacht) en in de tussentijd had zangeres en liedjesschrijver Adrianne Lenker ook nog tijd voor een soloplaat die in kwaliteit weinig voor het oeuvre van haar band onderdoet.

In twee jaar tijd wist de band zich in Nederland op te werken van een stijfuitverkochte Ekko naar een stijfuitverkocht Paradiso. In het buitenland volgt de carrière een vergelijkbare lijn – een lijn met een steilheid waar je ‘u’ tegen zegt. Het verhaal van Big Thief is een succesverhaal dat bestaat uit heel veel spelen, heel veel schrijven en heel weinig thuis zijn. 

Big Thief is een genot om naar te kijken. Dat begint al bij de opstelling op het podium. Adrianne Lenker, Buck Meek (gitaar), Max Oleartchik (bas) en James Krivchenia (drums) staan dicht bij elkaar – haast op één lijn – alsof ze het podium en de onderlinge afstand zo klein mogelijk willen maken. Vanaf deze frontlinie slingeren ze hun fenomenale liedjes het publiek in en onderwijl kijken ze naar elkaar, lachen ze naar elkaar en zingen, soms versterkt en soms onversterkt, mee. 

Het is meteen raak. Terminal Paradise is nu niet meteen het liedje waarmee een band die zich vier jaar lang het snot voor de ogen geschreven, getourd en gespeeld heeft zijn zegetour in Paradiso begint – en toch wel. Meteen kun je een speld horen vallen en een spoelbak horen ruisen. Vanaf dat moment zitten we in een achtbaan en gaan we van hard naar zacht en terug naar hard. Een uitvoering van Real Love die de wenkbrauwen van het gezicht afschroeit wordt gevolgd door Orange, één van de kleinste liedjes uit het repertoire, dat voor een omgekeerd evenredig grote brok in de keel zorgt. 

Je hebt kloten als je favorieten als Paul en U.F.O.F. links laat liggen ten faveure van nieuwe liedjes. We telden er zo op het eerste gehoor vier – een vriendelijk folkliedje gezongen door gitarist Buck Meek meegerekend. Van al deze nieuwe nummers beklijfde het vuige Happiness nog het meest, maar ook een nog titelloos liedje waarmee Adrianne Lenker ons aan de hand meeneemt naar het Californië van de late jaren zestig versterkt de belofte dat ook plaat nummer vijf weer van een grandioze kwaliteit zal zijn. Alsof daar nog iemand aan twijfelde. 

Ook Not en, eerder op de avond, Shoulders verdienen een speciale vermelding. De hoogtepunten van laatste plaat Two Hands blijken ook in Paradiso dezelfde status te hebben. Schroeiend, intens en urgent snellen ze de zaal in. Gedragen door de prachtige stem van Lenker, geflankeerd door de precies goede invullingen van Meek en gestut door door de drums van Krivchenia. 

‘Intensiteit’, ‘urgentie’, het zijn woorden die vaker vallen in stukjes waarin Big Thief wordt besproken. Terecht, er spat een kracht van het podium die je zou verwachten bij een jonge punkband. Dit is muziek die gemaakt moet worden – er is alléén maar muziek. Geen opsmuk, op een kort bedankje en veel vriendelijke glimlachjes na. Als we halverwege het concert getrakteerd worden op de eerdergenoemde sololiedjes blijft de rest van de band gewoon op het podium. Zittend op een versterker of de grond luisteren ze naar hun vriendin, hun kameraad, die iets moois maakt. En net als wij applaudisseren ze aan het eind. 

De kracht van Big Thief, alles overziend, is het gevoel dat we al deze liedjes al kennen. Niet twee of drie jaar lang, maar ons hele leven. Tegelijkertijd is elke noot, elke ademstoot nieuw, spannend en noodzakelijk, alsof we de muziekgeschiedenis even zelf meemaken. Big Thief is een opwindende geruststelling, de geruststelling dat er simpelweg ergens op de wereld een héél erg goede band speelt, schrijft en zich een slag in de rondte werkt. De beste band. 

Fotografie: Willem Schalekamp

Gezien: 6 maart 2020 in Paradiso, Amsterdam.

Lees ook

Kan muziek zowel aards als bovenaards zijn? Jawel, bewijst de bezwerende indiefolkrock van Big Thief reeds vier albums lang. Alles – nou ja, veel – draait daarbij om de intrigerende stem van Adrianne Lenker. We spraken haar. Lees hier.

Deel dit artikel

Meest gelezen artikelen

Een showcase via Zoom: bijna weer het oude normaal
muziek in coronatijd

Een showcase via Zoom: bijna weer het oude normaal

Ook voor de popmuziek zijn het ongekende tijden. In dit blog signaleert en bespreekt OOR-columnist en mede-thuisblijver Hooijer de ontwikkelingen in ...
Billie Eilish deelt korte film over bodyshaming
nieuws

Billie Eilish deelt korte film over bodyshaming

Billie Eilish heeft de korte film gedeeld waarmee ze haar uitgestelde Where Do We Go Tour zou openen. De popster kleedt ...
Notes On A Conditional Form
album
The 1975

Notes On A Conditional Form

Het moge duidelijk zijn dat het ontstaan én de rappe verspreiding van het coronavirus een van de eerste grote, voor ...

Recensie: Elke ademstoot is een sensatie bij Big Thief in Paradiso (concert) | OOR