concert

Lowlands dag 2: het gelijk van Editors en Elbow

Met ons heuptasje modieus over de schouder gedrapeerd stapt Team OOR vol goede moed het terrein op voor de zaterdag van Lowlands. Ja er zijn weer wat stevige regenbuien voorspeld, maar we zijn niet van suiker en bovendien: het programma ziet er vandaag op het eerste gezicht nog afwisselender uit dan gisteren, toen het ook al zo’n mooie festivaldag was. Lowlands 2017, dag twee.

In een van zijn vele muziekreportages beschrijft journalist Leon Verdonschot hoe Frans Bauer dolgraag in de auto meezingt met zijn eigen muziek. Het is niet ondenkbaar dat Ronnie Flex (Bravo, 13:10 uur), die vanmiddag optreedt met zijn Deuxperience Band, dat ook wel eens doet. Er zijn namelijk maar weinig artiesten die zo nadrukkelijk fan zijn van hun eigen repertoire. In een interview in de OOR van deze maand verklaart de rapper zijn debuut De Nacht Is Nog Jong, Net Als Wij Voor Altijd al tot een classic, maar ook tijdens het optreden vanmiddag schalt Flex regelmatig de loftrompet over zijn eigen werk. Zo is Energie zijn favoriete nummer, vandaar dat hij het maar liefst twee keer speelt. Dat klinkt misschien arrogant, maar zo komt het niet over. Sterker nog, het is overduidelijk dat Flex oprecht blij is met zijn succes en dat zorgt voor een uitermate aanstekelijke show. Het indrukwekkende scala aan hits dat hij in korte tijd heeft vergaard – onder anderen Zusje, Drank En Drugs en Is Dit Over – komen allemaal voorbij en zorgen ervoor dat de in het begin nog wat slaperige Bravo al snel aan het dansen slaat. Tijdens het knallende Opgekomen breekt er zelfs een heuse circlepit uit. Met de afsluitende reprise van Energie doet Flex vervolgens vooral zichzelf een plezier, maar ach, dat is hem vanmiddag van harte gegund. (RvdZ)

Even eerlijk zijn: A Blaze Of Feather (Heineken, 13:15 uur) staat alleen maar op Lowlands omdat het Ben Howard als gitarist in de gelederen heeft en verder voornamelijk bestaat uit leden van diens tourband. De flightcases zijn niet eens overgespoten. Verder is de headliner van 2015 overigens goed verborgen. Zelfs de in grote getale aanwezige fans moeten zoeken: Howard zit verstopt tussen de versterkers, draagt een pet en maakt nauwelijks oogcontact met zijn bandgenoten. Het geluid van de groep leunt echter zozeer op de gitaarlijntjes die Howard al jaren geleden gepatenteerd had moeten hebben, dat hij toch altijd duidelijk aanwezig is. A Blaze Of Feather lijkt dan ook vooral voort te zijn gekomen uit Howards afkeer van zijn sterrenstatus en de daarbij behorende spotlight. Vanuit de schaduw verraadt een glimlach hoezeer hij de rasmuzikanten uit zijn omgeving de vrijheid gunt. Maar die pakken celliste India Bourne & co. niet echt. Hun fraaie folknummers zijn perfect om bij wakker te worden en meteen weer bij weg te dromen, maar ze blijven ook wel erg mooi tussen de lijntjes. Zo mooi dat de boel een beetje als een Keep Your Head Up-karaokeshow begint te klinken. Als Smith dan ook nog aankondigt dat deze show voorlopig de laatste is, weten we bijna zeker dat A Blaze Of Feather niet veel meer was dan een speelkwartier waarin nooit om de knikkers, maar slechts om spek en bonen werd gespeeld. (DB)

Het is tijd om even terug te kijken met De Grote 25 Jaar A Campingflight To Lowlands Paradise Greatest Hits Sing-Along (Alpha, 13:45 uur) in de Alpha. Artiesten die zelf ooit op Lowlands stonden coveren liedjes van ándere artiesten die ooit op Lowlands stonden. En dat levert een smorgasbord van festivalhits op. Marco Roelofs van de Heideroosjes zingt Song 2 van Blur, Marien Dorleijn van Moss zingt Creep van Radiohead en ga zo maar door. Dolf Jansen kwebbelt het geheel aan elkaar en doet dat uiteraard met zijn razendsnelle tempo, scherpe humor en politieke punches. Omdat bij alle nummers de tekst op de schermen meeloopt kan het overvolle Alpha-gebied uit volle borst aan de karaoke. Ondertussen regent het en schijnt tegelijkertijd de zon, terwijl op de schermen beelden uit de Lowlands-geschiedenis voorbij flitsen. Voor de die hard LL-gangers is het heerlijk herinneringen oprakelen, voor de mensen die recent pas richting Biddinghuizen trekken is het een mooie samenvatting van wat ze de afgelopen jaren hebben gemist. Vooral de beelden van het modderschuiven krijgen een boel enthousiaste reacties. Dolf Jansen brengt nog een gezongen ode aan wat overleden helden die ooit op de podia in de polder stonden, zo doet ie Ace of Spades van Lemmy Kilmisters Motörhead. Het hoogtepunt komt echter als de Jeugd van Tegenwoordig opdraaft. Als enige doen ze een nummer van zichzelf. Ga er dus gerust van uit dat veel mensen dit weekend nog onbewust Watskeburt? lopen te neuriën. (SG)

Geen tijd gevonden om een bezoekje te brengen aan de Britse branieschoppers van Shame en daarmee de grote verrassing van gisteren gemist? What a… Goed, u snapt het. Dan vandaag maar op herkansing bij hun stadsgenoten van HAUS (X-Ray, 14:30 uur). Die band bestaat uit vijf knapen die je in de Londense wijk Tottenham op iedere straathoek tegen zou kunnen komen. Jammer genoeg is het geluid van het kwintet precies zo te beschrijven. HAUS is zo’n band die muziek maken op een kunstopleiding geleerd lijkt te hebben: zo bezig met zijn imago en populariteit dat ze proberen in ieder muzikaal hokje te passen, zonder daar zelf iets aan toe te voegen. Gelijke delen rock, pop en electro en zo weinig om over naar haus te schrijven dat dooddoeners als ‘Who thinks Donald Trump is a dick?’ perfect in het plaatje passen. De band schiet voortvarend uit de startblokken en is bij vlagen nog best vermakelijk, maar al snel blijkt dat de belofte niet waargemaakt gaat worden. Hier en daar wordt nog wat gedanst, maar over een week zal niemand zich HAUS als hoogtepunt of überhaupt herinneren. No Shame. (DB)

Zweedse zangeressen, het lijkt wel een thema deze Lowlands. En dus mag Tove Lo (Bravo, 15:00 uur) niet ontbreken. Aan haar de taak om de Bravo wat broeieriger te maken. Geen moeite voor haar, want al met eerste nummer True Disaster krijgt ze iedereen goed in beweging. Hardop worden de zero fucks door het publiek meegezongen. Energiek springt ze in haar rode trainingsbroek over het podium, terwijl ze het ene catchy nummer aansteekt met de volgende. Say It, Influence, Thousand Miles, zelfs de mensen die denken dat ze niks van de zangeres kennen staan alle refreintjes mee te zingen. Bij Talking Body loopt de temperatuur verder op. Al bij de inloop hoorde je mensen her en der fluisteren dat ze regelmatig het publiek flasht bij dit nummer. Langzaam plaagt ze het publiek tijdens het liedje, door eerst haar jasje uit te doen, en vervolgens haar shirtje beetje bij beetje op te stropen. Tot ze bij de drop van de beat haar borsten laat zien en de Bravo ontploft. Het was niet per se nodig voor de sfeer, maar je hoort niemand klagen. Richting het einde krijgen we nog het aanstekelijke Cool Girl en natuurlijk sluit ze af met de knaller Habits. De Zweedse doet hier hele goede zaken voor haar fanschare. (SG)

De gemiddelde Lowlander is net een kat: bang voor regen en nog banger om nat te worden. Maar de regenbuien op zaterdag hebben ook een voordeel: het drijft mensen festivaltenten in waar ze acts zien die ze anders misschien zouden missen. Zoals Sampha (Heineken, 15:10 uur). Deze rechterhand van SBTRKT zong al mee op platen van Drake, Frank Ocean en Solange, maar op prachtdebuut Process bewijst hij ook op eigen benen te kunnen staan. Het is een veelzijdige, maar intieme plaat, en om die naar het podium te vertalen doet Sampha logischerwijs concessies. De krachtige slowburners worden dikker aangezet, waarbij drum en bas soms onaangenaam dringen om een plekje op de voorgrond. Tijdens Incomplete Kisses, Plastic 100°C en Under verliest de band zichzelf jammer genoeg. Hoogtepunt is No One Knows Me (But The Piano), met uiteraard een hoofdrol voor de piano. Sampha legt zijn ziel en zaligheid in het nummer. De radiohit wordt een tranentrekker, maar het blijkt onvoldoende om de tent stil te krijgen. (DK)

Vergeet de headliner van gisterenavond, de leukste band met twee x’en in de naam op Lowlands 2017 is Black Foxxes (India, 15:10 uur). Dit drietal maakt emotionele spierballenrock volgens bekend recept, maar voert dit met enorm veel passie uit op het podium. Zanger Mark Holley leidt aan de ziekte van Crohn en schreeuwt de gevoelens en frustraties die daarbij komen kijken met verve van zich af. Dat geeft een vrij standaard rockballad als I’m Not Well toch wat extra lading. Niet dat de band een ultra-zwaarmoedige show geeft, er wordt over het algemeen gewoon gerockt met een glimlach. Het slaat nog niet echt aan, maar vooraan staat toch al een redelijk kluitje fans met de vuisten in de lucht mee te zingen. Geef de band nog een paar jaartjes tijd om muzikaal wat door te groeien en dat worden er vast meer. (RvdZ)

De jonkies van Canshaker Pi (X-Ray, 16:00 uur) maken gruizige garagerock. Enig in hun soort zijn ze niet en toch ook weer wel. De Amsterdammers kregen namelijk de goedkeuring van Pavements Stephen Malkmus, die hen ook persoonlijk hielp het juiste geluid te vinden. Dat zit wel snor dus, maar behalve Bonox en Jals zijn de liedjes niet allemaal even bijzonder. Vaak leunen ze op één idee en een paar akkoorden, maar hey, als je dat goed doet is dat meer dan genoeg om mensen te laten crowdsurfen. De slepende zang van frontbroekie Willem Smit geeft de puntige slackerattitude net wat meer grunge. Canshaker Pi: in te huren voor al uw feesten en partijen. (DK)

Noord-Londenaar Skepta (Bravo, 16:50 uur) was aan het begin van deze eeuw een van de grondleggers van grime en is ten tijde van een soort tweede golf van dat genre populairder dan ooit. Twee jaar geleden stond de Brit nog in de X-Ray op zondagavond, nu is een prominentere plek voor hem weggelegd. En met reden, want de King of Grime steekt het vandaag wat lauwe Lowlands in vuur en vlam. Wat hopen we dat niet alleen de nieuwe generatie, die Lowlands dit jaar op lijkt te eisen, maar ook de oudere festivalbezoeker, die klaagt over het gebrek aan harde muziek en moshpits, aanwezig was. Skepta laat namelijk als geen ander zien hoe punk zich vandaag de dag in allerlei vormen kan manifesteren. Hij beweegt weinig, voorziet de grauwste garagebeats van rappe raps en vraagt om de haverklap om meer energy. En dat krijgt ‘ie: de Bravo verandert vanaf That’s Not Me en It Ain’t Safe in een bijna onophoudelijke draaikolk van Thrasher-truitjes, bum bags en mensenvlees. Zoals Skepta zelf zegt: ‘Ik ben vandaag de fitnessinstructeur.’ Als het kwik in de grime-gymzaal de veertig graden aantikt, splitsen de pitcellen zich op en ontstaat bij de snoeiharde hits Shutdown, Man en – nadat Skepta het podium verlaten heeft – Kendrick Lamars HUMBLE. een heuse wall of death.  Precies, zo eentje die je vroeger ook bij grote punkconcerten had. ‘Het is allemaal hetzelfde, maar dan in een andere vorm’, meent Skepta. En in vorm, dat was deze kersverse koning die Lowlands lit maakte. (DB)

Het is propvol op het podium als The Shins (Heineken, 17:00 uur) aantreden. ‘Ze hebben een partij zooi mee, de hele backstage ligt er vol mee!’, vertelt een vriendelijke bewaker. Niet vreemd, want zanger James Mercer heeft een flinke groep meegenomen. Op het podium ontbreekt het niet aan bandleden of muziekinstrumenten, al draait alles natuurlijk eigenlijk gewoon om Mercer zelf. Iets dat hij onderstreepte toen hij vanaf Port Of Morrow opeens zijn bandbezetting volledig omgooide. Het zijn voor veel aanwezigen details die er niet toe doen. Zij kennen de band waarschijnlijk vooral door de soundtrack van Garden State. Regisseur Zach Braff is een grote liefhebber en gebruikte twee nummers voor zijn film. Mercer weet dat natuurlijk ook, en dus begint hij met een heerlijk rauwe versie van Caring Is Creepy, de eerste van die twee. Vervolgens werkt hij zich verdienstelijk door nummers als Name For You, Kissing The Lipless, Saint Simon, Phantom Limb en Half A Million heen. Er is weinig interactie met de zaal, maar de echte fans gaan hoe dan ook los. De rest van het publiek wisselt om de zoveel tijd het staan af met zitten in het gras net buiten de tent. Zo is het hele concert degelijk, met een paar uitschieters. Zoals New Slang, het tweede nummer van de Garden State-soundtrack, dat met live viool nóg mooier is. Maar de grootste is Simple Song. Snerpende gitaar en melancholie in de stem, een compositie waarbij gitaarlagen haaks in elkaar geschoven lijken, botsen, en dan opeens weer samenkomen in lieflijke deuntjes. Een nummer dat vertraagt, versnelt en uitbarst, dit is James Mercer op zijn allersterkst. (SG)

Met nog maar één officieel uitgebracht nummer een hele tent inpakken, dat kunnen er maar weinig. Yungblud (Lima, 18:00 uur), de nog maar 19-jarige Dominic Harrison, flikt het zonder enige moeite. Eigenlijk heeft hij het publiek al mee zodra hij opkomt, nonchalant rammelend met een tamboerijn, in zijn veel te grote hoodie. Het spervuur aan heerlijk opgefokte Britse rock dat hij vervolgens op de tent afvuurt doet de rest. Bij de eerste twee nummers zit de sfeer er al goed in, maar bij single King Charles, gaat het hek pas echt van de dam. De onweerstaanbare hook van het nummer – ‘Honey, we want your moóóóney’ – wordt zelfs meegezongen door mensen die het nog nooit gehoord hebben en de tent gaat uit zijn dak alsof het nummer nu al een indieklassieker is. Dat zou het zomaar eens kunnen worden, want als de ontvangst op deze show enige indicatie is wordt Harrison waarschijnlijk een hele grote. Vanavond bleef het bij zes nummers in een klein half uur, maar van Yungblud gaan we nog véél meer horen. (RvdZ)

De dansvloer blijft nog even dicht, maar de deinsvloer is definitief geopend als Tycho (India, 18:15 uur) subtiel ten strijde trekt. De groep rond Scott Hansen maakte vorig jaar zijn albumtrilogie compleet met het voor een Grammy genomineerde Epoch en brengt die plaat nu in livebezetting naar Lowlands. Die bezetting bestaat niet alleen uit een viertal begaafde muzikanten, maar ook uit beelden die zo uit een documentaire van David Attenborough zouden kunnen komen. Als de beste man een lsd-trip op Lowlands aan het doormaken was, welteverstaan. Audio en video vullen elkaar in ieder geval uitstekend aan, wisselen stuivertje wat voor- en achtergrond betreft en verdiepen daarmee een niet bijster bijzondere set. De bubbels die daarbij voorbij komen vliegen worden overigens gewoon geblazen door iemand aan de zijkant van de tent, maar sluiten niettemin naadloos op de show aan. Ze wekken de schijn dat ze nooit uiteen zullen spatten en zweven de mierzoete melodie van Awake tegemoet. Op dat toppunt droomt het publiek, begeleid door Tycho’s soundtracks slash slaapliedjes, stiekem vast over de lange nacht die op hen wacht. (DB)

We trekken met een grote groep naar de Bravo voor de gouden stembanden van Hanna Reid van London Grammar (Bravo, 18:40 uur). Daar worden we getrakteerd op dromerige muziek die zo onder iedere willekeurige Sofia Coppola-film zou passen. Het podium is sfeervol verlicht, op het scherm achter Reid, Dan Rothman en Dominic Major zijn de lampjes van een stad in de verte te zien. Het is de ideale setting voor de stem van Reid. Gevoelig en warm maakt ze van anders waarschijnlijk doorsnee nummers als Hey Now en Big Picture prachtstukjes. Bij Waisting My Younger Years haalt ze genadeloos uit en als het publiek niet al zou staan zou ze ongetwijfeld een staande ovatie krijgen. Het ene moment zalvend, dan weer krachtig, maar het is altijd die stem van Reid die de muziek naar een hoger plan tilt. Bij Rooting For You zet ze er zelf nog even de spotlight op. Omdat het zo’n lastig nummer is om te zingen zegt ze dat ze er even bij gaat zitten. Vol overgave wringt ze haar stem vervolgens in wonderbaarlijke bochten, en zonder enige muziek als begeleiding krijgt ze de complete tent stil. Zo creëert ze het ene magische moment na het andere, met voor de meeste mensen monsterhit Strong als hoogtepunt. (SG)

Deze zomer was er uit het niets nieuw werk van The Bloody Beetroots (Heineken, 18:50 uur). My Name Is Thunder, een samenwerking met Jet (ja, echt, die Jet van Are You Gonna Be My Girl). Een ontzettend fout nummer, waarop de zanger van Jet zijn beste Angus Young imitatie doet over een beat die klinkt alsof Daft Punk teveel aan de Red Bull heeft gezeten, maar stiekem ook erg lekker. Dat kan je eigenlijk over het hele repertoire van de electrohouse formatie zeggen. Live slaat het vanzelfsprekend in als een bom, de tent ontploft direct bij de allereerste drop en stopt pas met hossen als de laatste noot gespeeld is. De combinatie van lompe gitaren en nog lompere beats is eigenlijk na een kwartiertje al doodvermoeiend, maar toch, een groter feest zul je dit weekend in de Heineken niet vinden. (RvdZ)

Tijd dan voor het kunstzinnig uurtje met Alt-J (Alpha, 19:35 uur). We vallen er in met Tesselate. Helemaal geen slechte start, want de heren Newman, Unger-Hamilton en Green zijn live erg kundig. Met een stoet aan luistervriendelijke popliedjes, muzikale experimenten en bizarre teksten in het repertoire zou het je zeggen dat het een goede zet is om ze op dit tijdstip in de grootste tent te zetten. Toch lijkt het optreden nooit echt op te vlammen. Veel nummers zijn vooral geschikt om achterover tegen de heuvel in het avondzonnetje tot je te nemen. Maar er is geen zon en de temperatuur is niet bijster hoog. Halverwege de show wordt de stroom weggaande mensen dan ook groter dan de binnenkomende. Met hun laatste album Relaxer verdeelden ze fans en critici en dat lijkt vanavond door te klinken. Bij nieuwer materiaal blijft het beduidend stiller dan bij nummers als Matilde enTaro, al doet In Cold Blood het nog behoorlijk. Binnen is een kern fans die enthousiast is, buiten staan verveeld kijkende mensen en een verdwaalde enkeling die onder invloed van verdovende middelen zachtjes heen en weer staat te wiegen. Het lijkt een geval van verkeerde plaats, verkeerde tijd. Volgende keer weer knus en intiem. (SG)

Het moet voor toevallige passanten een opmerkelijk gezicht zijn geweest; ongeveer honderd mensen die tijdens de show van Frank Carter & The Rattlesnakes (India, 20:00 uur) een rondje om de India heen rennen. Er is een vrij simpele verklaring voor: Frank Carter himself wilde de grootste circlepit ooit zien, dus dan krijgt hij de grootste circlepit ooit, eentje die om de ganse tent heen reikt. Bij iedere andere show zou dat meteen het hoogtepunt zijn, maar vanavond is het nog maar het topje van de ijsberg. Carter en zijn Rattlesnakes halen namelijk alles uit de kast om goed te maken dat ze hun show op Lowlands vorig jaar moesten afzeggen. Het gevolg is een spijkerharde punkshow van uitzonderlijk hoog niveau. Vanaf de allereerste seconde heerst er al totale gekte in de tent, die door de in een kekke broek met luipaarden-print gestoken frontman alleen maar meer wordt aangewakkerd. Carter schreeuwt de longen uit zijn lijf en manoeuvreert over het podium op een manier die de bandnaam eer aan doet: langzaam kronkelend, als een slang op zoek naar zijn prooi. De tent eet het hele optreden lang uit zijn hand, zo wordt tijdens het briljante slotnummer I Hate You en passant het crowdsurfrecord van Ty Segall gisteren verbroken. Carter geeft aan dat alle vrouwen in de tent tijdens dit nummer op een veilige manier kunnen crowdsurfen en dus gaan er moeiteloos minstens tien verschillende vrouwen tegelijkertijd de lucht in. Eigenlijk vat Carter het zelf in het begin van de show het beste samen: ‘Fucking hell, what a gig!’ (RvdZ)

Guy Garvey, charismatischer krijg je frontmannen niet. Hij is de dirigent van Elbow (Bravo, 20:40 uur) en als hij wil dat het publiek zwaait of meezingt, dan doen ze dat, met liefde en plezier. Voor hem. Hij hoeft het niet eens netjes te vragen. Zo staan duizenden nachtegaaltjes ‘you all have beautiful bottoms’ te zingen, om daar later ‘because of the preferred mode of transportation in this particular country’ aan toe te voegen. Onderbroekenlol misschien, maar verder speelt laatbloeier Elbow vooral een solide rockshow. Geen fratsen, geen stoerdoenerij, gewoon: Elbow. En soms vergeet je even de impact daarvan. Er zijn wat kleine veranderingen in de band: dit is de eerste Nederlandse show zonder oerdrummer Richard Jupp en er zijn nu twee violisten bij, die smaakvol meedoen (ook als koortje). Nieuw liedje Magnificant is schitterend en de oudere liedjes sprankelen stuk voor stuk. Alsof ze net geschreven zijn en de band er apetrots op is. Oprechte liefde voor de muziek, dat maakt deze band zo mooi. En dit optreden zo goed. (DK)

Er zijn maar weinige bands zo betrouwbaar als Editors (Alpha, 21:45 uur) als het om het geven van een festivalshow gaat. Nodig Tom Smith en zijn mannen uit en je weet wat je krijgt: een ijzersterke stadionrockshow met bijna alleen maar hits. Zo ook vanavond. De heren staan alweer voor de vijfde keer op Lowlands, maar gezien de uitpuilende Alpha – het is hard gaan regenen, maar het veld staat vol – is van Editors-moeheid nog geen sprake. Als de band opent met het nieuwe Cold is het publiek nog wat onwennig, maar zodra daarna Sugar en The Racing Rats uit de speakers knallen is de sfeer uitzinnig. Er zitten nog twee nieuwe nummers in de set, Hallelujah en Magazine, maar die worden vakkundig ingemetseld tussen de grootste hits. Van die hits blijken vooral Smokers Outside The Hospital Doors en A Ton Of Love nog altijd onverwoestbaar, maar eigenlijk is ieder ‘oud’ nummer waar de band vanavond mee aan komt zetten gewoon een hit. Zelfs een raar elektronisch nummer als Eat Raw Meat = Blood Drool, met een hele vreemde, haperende beat en een helemaal niet pakkend refrein, krijgt de ontvangst van een radiohit. Dat de setlist, op het drietal nieuwelingen na, nauwelijks afwijkt van shows die Editors de laatste paar jaar gaf in de AFAS Live en op Best Kept Secret, mag de pret niet drukken. Vernieuwing is natuurlijk leuk, deze set staat dermate als een huis dat wij ook niet zouden klagen als Editors hem weer ter gehore brengt op de vijftigste Lowlands. (RvdZ).

Niet iedereen had zin in de vijfde keer de band van Tom Smith, want het staat ramvol vbij Vince Staples (India, 21:50 uur), maker van een van de hiphop platen van het jaar. Hij viel voor het eerst op in de slipstream van Odd Future, maar laat nu op eigen kracht zijn spierballen rollen. Tien minuten voor de show gaat er al een confettikanon af in de ramvolle India. Die feeststemming wordt meteen uitbundig gevierd met twee partytracks van jewelste: BagBak en Ascension (met Gorillaz). Net als bij Solange gisteren zitten er veel maatschappijkritische referenties in, vaak ook specifiek voor de zwarte gemeenschap. In de eerste minuten snauwt hij al venijnig ‘Obama ain’t enough, we just get started. Tell the president to suck a dick, because we on now.’ Goede kans dat je deze boodschap mist als je de plaat niet kent. Maar de muziek spreekt voor zich. Gitzwarte bassen ronken door de tent, de ritmiek en messcherpe timing is groots. Het is een licht merkwaardig, minimalistisch spektakel, met een bescheiden Kanye-vibe. Staples staat er, met achter hem een giforanje lichtbak. That’s all, en het blijft een uur boeien. Ook als hij voor inktzwart of gortdroog gaat, zoals in oudjes Senõrita en Norf Norf. Vince Staples is de kroonprins van de hiphop, van de generatie na Kendrick dan. Met een warm gevoel gaan we de nacht in. En de regen is ook gestopt. (DK)

Door Dirk Baart, Sven Gerrets, Daan Krahmer en Reinier van der Zouw / Fotografie: Luuk Denekamp

Gezien: 19 augustus 2017, Lowlands, Biddinghuizen

Deel dit artikel

Meest gelezen artikelen

Word lid en kies je eigen cd-pakket. Nieuwe keuzes!
abo-actie

Word lid en kies je eigen cd-pakket. Nieuwe keuzes!

OOR deelt uit! Neem nu een halfjaar- (€34,-) of jaarabonnement (€66,95) op OOR en kies je eigen doldwaze cd-pakket uit. We ...
Live In Buenos Aires
album
Coldplay

Live In Buenos Aires

In 2016 vestigde ik mij als de zuurste popjournalist van Nederland door een negatief verslag te schrijven over een Coldplay-concert ...
Editors, Thom Yorke, Vampire Weekend en meer naar Down The Rabbit Hole
nieuws

Editors, Thom Yorke, Vampire Weekend en meer naar Down The Rabbit Hole

Down The Rabbit Hole heeft de eersten namen voor de zesde editie bekendgemaakt. Onder meer Editors (foto), Thom Yorke Tomorrow’s ...

Recensie: Lowlands dag 2: het gelijk van Editors en Elbow (concert) | OOR