concert

Muse zit vast in z’n eigen spelletje, blijkt in Ziggo Dome

De reguliere ‘stadionshow’ van Muse in het Nijmeegse Goffertpark is nog geen drie maanden geleden, maar voor Nederland heeft de Simulation Theory Tour een aardig extraatje in petto. Free game, zoals dat heet in computerspelletjesland, waar het enigmatische Britse drietal op hun gelijknamige album in vertoeft. Waar Matthew Bellamy, Chris Wolstenholme en Dom Howard het in Nijmegen nog moesten opnemen tegen triviale zaken als de laaghangende zon en lauwe reacties op de nieuwe plaat, kent hun visuele schouwspel vanavond in het ‘isolated system’ van de Ziggo Dome gunstiger omstandigheden. ‘Wie weet hebben ze in die relatief intieme setting, niet geplaagd door daglicht bovendien, toch wat meer verrassingen in petto’, zo luidde de cliffhanger van het OOR-verslag eind juni. Met dat vraagteken onder de arm toog OOR wederom naar de virtuele werkelijkheid van Muse, ditmaal in Amsterdam, voor een nabeschouwing.

‘We are caged in simulations’ luidt de openingsboodschap op het grote scherm, even voor negenen, in de uitverkochte Ziggo Dome. We hebben de Simulation Theory Tour dit jaar uiteraard op de voet gevolgd, al verandert er bar weinig op de setlist. Het leeuwendeel van de laatste plaat wordt gespeeld, strategisch afgewisseld met de publieksfavorieten van weleer, zo constateerde OOR reeds in Nijmegen. Debuut Showbiz ontbreekt helemaal, het massieve Origin Of Symmetry komt er als doorbraakplaat met één nummer (Plug In Baby) en twee flarden (New Born in de slotmedley, het eind van Micro Cuts in een vaste ‘jam’) ook bekaaid vanaf. En verder is het Murph wat de klok slaat. 

Murph? Ja, Murph. Zo heet het robotskelet dat als ‘creator’ de rode draad van de voorstelling vormt. Hij komt tot leven op het scherm en groeit gaandeweg uit tot de te kloppen eindbaas – waarom Murph zo boos is op Muse blijft overigens ook deze tweede keer dat we het zien een raadsel. Naast de nieuwe songs duikt hij op als drill sergeant voor Psycho, we zien ‘m op het immense LED-screen tijdens The 2nd Law en Matt zingt hem tijdens Take A Bow ‘burn in hell’ toe met z’n schedel in z’n hand. In het endspiel (de eerdergenoemde medley met Stockholm Syndrome, Assassin, Reapers, The Handler, New Born) is ie daar ineens in levenden lijve: een meterhoge opblaasbare Murph, rechtstreeks afstammend van Iron Maiden’s Eddie en AC/DC’s Rosie, die wild kauwend en klauwend probeert de drie players van deze muzikale multishooter van het podium te vegen. Het lukt Murph niet, na het eindsalvo van de medley verdwijnt hij in het donker, kennelijk verslagen. Game over, de goeien hebben gewonnen, rol de credits, terwijl Muse nog eenmaal een ereronde door de zaal maakt met het galopperende Knights Of Cydonia. Hoogst vermakelijk, al hebben we het deze zomer dus al eens eerder gezien.

De toegevoegde waarde van deze bonus night in de Ziggo Dome zit ‘m toch in de donkere kant van het verhaal, die in Nijmegen vervloog in de ondergaande zomerzon. De Simulation Theory Tour gebruikt lichtjes. Véél lichtjes. De bril van Matt Bellamy, z’n jasje, het ruimteschip-achtige gevaarte waarop de band speelt, de kráákheldere videomuur op de achtergrond; alles glittert en sprankelt en flitst en flikkert. Als de lichten doven, de schermen aanfloepen en Bellamy vanuit het B-podium middenop de vloer omhoog rijst, het omineuze Algorithm zingend, lijkt hij een kruising tussen Sonic The Hedgehog en Star-Lord uit Guardians Of The Galaxy. Dat soort jongensdromen boort Muse op Simulation Theory ook aan: fantasiewerelden uit de computergames en de science fiction van de jaren ‘80, de bouwstenen van de zich nog altijd ontwikkelende virtuele realiteit waarin de 21e eeuwse (jong)mens zo graag wegvlucht. Wie droomde er niet van om z’n spelcomputer of videorecorder in te worden gezogen om oog in oog te staan met Star-Lord The Hedgehog? Vanavond bij Muse kan het, alleen zijn zij dan zelf de superhelden.

En het liefst zien we ze ook gewoon met z’n drieën steigeren, stuiteren, knallen, aanvallen. Zoals Psycho er lekker in beukt, vanuit de oude vertrouwde power triangle die de grootste stadions ter wereld liet trillen. Of oerknaller Plug In Baby, dat vloer en tribunes voor het eerst echt in de benen krijgt. Maar vanaf seconde één krijgt ook de benauwde Ziggo Dome dat ándere handelsmerk van de Simulation Theory Tour voor de kiezen: dansers. Véél dansers. Steevast behangen met, uiteraard, véél lichtjes. De uitdossingen variëren van stormtrooper tot oproerpolitie, soms hangen ze als menselijke drones in de lucht, dan weer vechten ze met zaklantaarns als lightsabers, er is een choreografie met toeters en zelfs CO2-kanonnen (we vermoeden overigens dat Bellamy met z’n uithalen nóg meer CO2 uit stoot, dus geen koe die er naar loeit – en ook dat compenseert weer wat). Op symbolisch vlak klopt de gimmick wel, Bellamy voorspelde in OOR vorig jaar immers een toekomst waarin de echte mens zich steeds meer mengt in de gesimuleerde wereld. Maar je wordt na een uurtje toch wel behoorlijk kriegel van al dat musicalesque marcheergeweld om de hoofdpersonen heen. Bovendien laat de strak geregisseerde voorstelling geen ruimte voor spontaniteit of improvisatie. Iedere seconde staat in het draaiboek. En zo zit Muse tijdens deze tour opgesloten in z’n eigen simulatie. Alsof het zo heeft moeten zijn…

Ware het niet dat uitgerekend Amsterdam vanavond toch een verrassing krijgt voorgeschoteld. Met drie Engelse indoorshows voor de boeg (zou daar ergens een registratie van de concerten worden gemaakt?) blijft de semi-akoestische B-stage opstelling na het gloedvolle gospel-uitje Dig Down op z’n plek staan. Een minuut later ontploft het Muse-universum op twitter: The Void, een nooit eerder gespeelde sleuteltrack op Simulation Theory, beleeft z’n allereerste live-uitvoering. Het lijkt de zaal een beetje te ontgaan, want Simulation Theory hakte er simpelweg niet zo in als The Resistance of Drones en de veelheid aan nieuwe nummers is voor de die-not-so-hard een flinke kluif, ondanks de visuele overdaad. Niettemin gaat Amsterdam toch de boeken in dankzij deze heuse première. Kennelijk kun je ook in een futuristisch decor geschiedenis schrijven.  

Als de vertrouwde Hullaballoons na ruim twee uur boven de Amsterdamse hoofden zweven, heeft Muse in ieder geval bewezen dat het licht en donker-spel van de Simulation Theory Tour binnenskamers het best tot zijn recht komt. Qua symboliek en thematiek lijkt de band zoekende: inhoudelijk kan Simulation Theory ook na een jaar rijpen nog altijd meerdere kanten op en op het podium verzuipt het geniale brein van Matthew Bellamy zowat in de mogelijkheden. Zoveel avonturenfilms, zoveel spelletjes, zoveel dansers, zoveel lichtjes, zoveel geschiedenis, zoveel toekomst… Gelukkig leert diezelfde historie dat Muse al zoekende op z’n best is en uiteindelijk ook altijd iets zal vinden. Operatie Simulation Theory mag gelden als heel gewaagd en half geslaagd, maar zal de opmaat zijn naar wéér een ander level, ver achter de horizon. De contouren zijn nog niet zichtbaar. Wel, vanonder een donker wolkenpak, de lichtjes. Véél lichtjes. Het spel is nog lang niet uitgespeeld.

Fotografie: Ben Houdijk.

Deel dit artikel

Meest gelezen artikelen

OOR's Eindlijst 2019: Lana Del Rey maakt album van het jaar
eindlijst

OOR’s Eindlijst 2019: Lana Del Rey maakt album van het jaar

Norman Fucking Rockwell! van Lana Del Rey is door de verzamelde Nederlandse muziekcritici uitgeroepen tot het beste album van het ...
De 100 beste songs & tracks van 2019 (volgens OOR's Koen Poolman)
nieuws

De 100 beste songs & tracks van 2019 (volgens OOR’s Koen Poolman)

Volgende week maken we OOR's Eindijst bekend: de 20 beste albums van 2019. Als voorpret slingeren we alvast 2 x ...
Pink Floyd's 'Later Years': de derde incarnatie van de symfonische reus
achtergrond

Pink Floyd’s ‘Later Years’: de derde incarnatie van de symfonische reus

Goed nieuws en slecht nieuws: Pink Floyd leeft nog, maar niet lang meer, zo leren we uit de titel The ...

Recensie: Muse zit vast in z’n eigen spelletje, blijkt in Ziggo Dome (concert) | OOR