North Sea Jazz

Thundercat speelt als Super Saiyan op North Sea Jazz

Op de planeet Namek probeert superschurk Frieza de zeven Dragon Balls te verzamelen, zodat hij het eeuwige leven kan wensen. Dit lukt hem niet, en wat volgt is een groot gevecht tussen Frieza en de dappere strijders van planeet Aarde. Na meerdere mislukte pogingen hen te verslaan, is de superieure Frieza het zat. Uit boosheid vermoordt hij Krillin, de beste vriend van de machteloze Goku, de grootste strijder van de goedzakken. Goku, zowel een aardling als een Saiyan (een superstrijders-ras), flipt ‘m vervolgens volledig. Hij transformeert, zijn zwarte haren kleuren goud, zijn krachten nemen honderdduizend keer toe. In een epische eindstrijd verslaat Super Saiyan Goku uiteindelijk Frieza, en keert de vrede terug in het universum.

Fotografie Daniël de Borger (Melkweg, 2022)

Als er iemand is die zich kan identificeren met het bovenstaande avontuur van Goku, het hoofdpersonage uit Dragon Ball Z, dan is het wel Stephen Bruner. Thundercat, zoals wij hem kennen, is een uitgesproken otaku. Hij is gek op anime, gek op games, gek op alles wat gek en Japans is. Zoals wel vaker het geval is bij nerdy volk, zat hij in het verleden te veel op zijn kont. Hij had nogal wat overgewicht. Maar toen stierf in 2018 zijn Krillin; zijn goede vriend, de rapper Mac Miller. Thundercat was er kapot van. Hij ging nadenken over zijn eigen leven en gezondheid. En net als bij Goku brachten boosheid, angst en verdriet óók een transformatie teweeg in Thundercat. Hij werd fit. Hij verloor tientallen kilo’s. Hij verfde zijn zwarte dreads blond. En nieuwe plaat It Is What Is bleek zijn meest persoonlijke tot nu toe.

Op North Sea Jazz zien we dus een andere Thundercat dan op voorgaande edities. Eerst speelde Bruner als een Saiyan; sterk, maar niet almachtig. Maar vanavond staat hij er als een Super Saiyan. Hij zingt mooier dan ooit. Speelt beter dan ooit. Maar alle maniertjes die Thundercat tot Thundercat maken, zijn er nog. Na een heerlijk funky en soulvol Dragonball Durag staat hij tegenover een volle zaal in zichzelf te grinniken. ‘Ik blijf dit gewoon een grappig nummer vinden’, zegt Bruner. ‘Ik bedoel, hoe maf moet je zijn om aan iemand waar je een oogje op hebt te schrijven dat je lekker ruikt, ondanks dat je onder de kattenharen zit?’

Ook in dit opzicht is Thundercat net Goku, de held van Dragon Ball Z. Hij is schaamteloos. Hij maakt grappen die voor ongemakkelijkheden zorgen, maar heeft dat zelf niet echt door, want hij is gewoon zo. Een goofball. Ook is hij slordig. Tijdens Interstellar Love mist Bruner een overgangetje. Hij haalt er zijn schouders bij op, en speelt vervolgens een solo van zeker zeven minuten op zijn rode, glitterende basgitaar. Stiekem duurt die solo een beetje te lang, maar het is puur, Goku-esque machtsvertoon. Met een grijns op zijn gezicht laat Bruner zijn vingers op ongelooflijke snelheid over de fretten glijden. Hij produceert hiermee telkens een funky, waterig geluid dat je alleen maar aan hem kunt koppelen. Op basis van zijn uiterlijk kun je Thundercat aanzien voor die andere funky basmeester, Bootsy Collins. Maar aan zijn sound herken je hem meteen.

Voorheen wilde Thundercat nog wel eens té jazzy zijn. Te veel solo’s, te veel improvisatie. Hierdoor bleven zijn mooie liedjes amper overeind. Daar is vanavond gelukkig geen sprake van. Sterker nog; de liedjes komen live beter tot hun recht dan op plaat. Zo wordt Overseas, op het album slechts een interlude van anderhalve minuut, opgeblazen tot een volwaardige song, met begin, middenstuk en eind. En ook hierin weer die awkward humor. ‘Let’s meet up in the… bedroom’, zingt Bruner stellig, na daarvoor allerlei maffere locaties voor een wippie te hebben voorgesteld.

Je afvragen waar Thundercat in staat toe zou zijn als hij wat serieuzer in het leven zou staan, is iets voor saaie volwassenen. Steven Bruner is de enige muzikant die ik ken, die de otaku aanspreekt. Hij is een tikkeltje weird. Hij geeft shoutouts aan Dragon Ball Z, terwijl ik vermoed dat een groot deel van het publiek geen flauw idee heeft wat het is. Als mede-otaku zie ik hem als een vleesgeworden, zwarte Goku. In Super Saiyan-modus dus vanavond, want Thundercat speelt beter, sterker, sneller en meer als zichzelf dan ooit tevoren. Daar hebben we zijn vriend, Mac Miller, voor te danken. Zo zie je maar weer. Niemand sterft voor niets.

Gezien: 10 juli 2022 op North Sea Jazz (22.15 uur, Darling). Lees hier al onze recensies van North Sea Jazz.

De zomereditie van OOR is uit!

Bestel ‘m hier.

Deel dit artikel

Meest gelezen artikelen

Gratis vinyl bij een abonnement op <span class="oor">OOR</span> (vanaf 34 euro)!
abo-actie

Gratis vinyl bij een abonnement op OOR (vanaf 34 euro)!

OOR deelt uit! Neem een halfjaar- of jaarabonnement op OOR en kies je eigen cd-pakket. Met nieuwe lp's van Arcade ...
Hear Hear! laat oude Pukkelpop­tijden herleven
festival

Hear Hear! laat oude Pukkelpop­tijden herleven

'Goedemiddag Pukkelpop!' Zo verwelkomt presentator Luc Janssen opzettelijk de vroege oudere jongeren in de tent genaamd YEAH YEAH, een van ...
Pixies in Melkweg: het wachten en zweten waard
concert

Pixies in Melkweg: het wachten en zweten waard

Het duurt even, maar dan heb je ook wat. De twee concerten die Pixies deze week in de Melkweg geven ...

Recensie: Thundercat speelt als Super Saiyan op North Sea Jazz (North Sea Jazz) | OOR