Zangeres, songwriter en country-icoon Dolly Parton is vandaag overleden. Ze werd 80 jaar. Op dit moment is er nog geen officiële doodsoorzaak bekendgemaakt. Met Parton verdwijnt een van de laatste artiesten die groter durfde te zijn dan het leven zelf. Ze was een vrouw die van zelfspot een carrière maakte en van kwetsbaarheid een exportproduct.
In 1946 werd Dolly Rebecca Parton geboren in de Smoky Mountains in Tennessee, uit de armoede waaruit Nashville zijn hele countrymythologie zou bouwen. Het genre vond zijn toon in verhalen over verlies, geloof en honger – muziek die ontstond aan de randen van de VS, ver van de steden en de radio. Parton groeide op in precies dat landschap: een houten huis zonder elektriciteit, een gezin van twaalf kinderen, een wereld waarin zingen geen ambitie was maar een manier om te overleven.
Haar stem, suikerglazuur met een scheurtje erin, bracht haar naar de Grand Ole Opry. Jolene en I Will Always Love You, twee nummers van haar hand, vormden de blauwdruk voor wat later countrypop zou heten. Ze schreef honderden liedjes, maar wat haar blijvende invloed verklaart, ligt in haar persoonlijkheid. Parton was een van de eerste vrouwelijke artiesten die haar rechten behield, haar eigen bedrijf oprichtte en haar imago tot pantser smeedde: de blonde pruiken, de make-up, de glimlach die nooit brak.
āIt costs a lot of money to look this cheap,ā grapte ze ooit ā en in dat ene zinnetje vatte ze haar hele strategie samen. Zelfspot was haar schild Ć©n haar wapen: ze nam de vooroordelen van anderen voor eigen rekening en maakte ze onschadelijk met charme. Ze speelde voortdurend met het idee van nep en echt en van glamour als overlevingskunst. In een tijd waarin authenticiteit het hoogste goed was, koos Parton juist voor het theatrale, maar altijd met een knipoog die de illusie doorbrak.
PrivƩ bleef ze even ongrijpbaar als in haar liedjes. Sinds 1966 was ze getrouwd met Carl Dean (recent overleden) en ze hield haar huwelijk altijd zorgvuldig uit de schijnwerpers. Ze kreeg bewust nooit kinderen, maar sprak vaak over haar publiek als haar familie.
Wie haar alleen kent van de lach, mist de diepte van haar pen. In Jolene smeekt ze een andere vrouw haar geliefde niet af te pakken, zonder verwijt of rancune – een lied dat ondraaglijk menselijk is. Haar teksten waren direct, maar nooit eenvoudig: ze schreef over verlangen, twijfel en zelfbehoud met een scherpte die Nashville decennialang niet aandurfde. Het maakte haar tot een popfenomeen en, vreemd genoeg, een icoon voor outsiders, feministen, drag queens en indieartiesten. St. Vincent noemde haar ooit āde punkste vrouw in Nashvilleā, Phoebe Bridgers bezong haar in adoratie en Nick Cave prees haar vermogen om sentimentaliteit in te zetten tegen cynisme.
Toch was er iets onverklaarbaars aan haar aantrekkingskracht: Parton was geliefd bij zo ongeveer iedereen. Countryhaters, popliefhebbers, ironische millennials – allemaal vielen ze voor die mengeling van warmte, humor en zelfspot. Ze vertegenwoordigde een zeldzaam type beroemdheid: iemand die tegelijkertijd larger than life en volkomen benaderbaar was. Dat was de paradox van Parton: hoe meer ze verzon, hoe waarachtiger ze werd.
Parton wist alles tegelijk te zijn: artiest en ondernemer, sekssymbool en feminist, countrylegende en avant-popicoon. Een vrouw die de Amerikaanse droom speelde als een rol, en hem daarmee als enige geloofwaardig maakte. Ze noemde zichzelf goedkoop, maar bleek onbetaalbaar.
Foto: Timothy Wildey (CC)