In de speciale zomereditie van OOR vragen we 33 kenners, liefhebbers en visionairs naar hún favoriete plaathoes aller tijden. Vandaag: Carlijn Jacobs. Een bijna naakte Beyoncé op een glazen paard. Na publicaties in onder meer Vogue en The Face, betekende de spraakmakende hoesfoto voor Renaissance een internationale doorbraak.
Op de shortlist van Carlijn Jacobs staan maar liefst drie hoezen van Grace Jones: Nightclubbing, Slave To The Rhythm en Island Life – plus de hoes van The Who’s Tommy in de uitvoering van het London Symphony Orchestra. Maar toch wordt het Island Life, vanwege het beeld van Jean-Paul Goude, een van haar favoriete fotografen. We zien Jones in een fysiek onmogelijke, bijna surrealistische pose. Goude maakte van Jones foto’s in allerlei posities. Hij plukte stukjes uit die foto’s en componeerde zo het beoogde beeld, dat hij met de hand – pre-Photoshop – monteerde.
‘Haar lichaam, de kleuren, de kracht van haar lijf, ik vind het prachtig. En in 1985 was dit echt nog niet zo makkelijk als nu. Jones was met haar albumcovers haar tijd altijd ver vooruit. De concepten, de kleuren en ook het grafische aspect van de beelden vind ik pakkend, artistiek en powerful.’ Over de sessie met Beyoncé: ‘Ik heb gespard met haar creative director en we hebben allerlei verschillende ideeën uitgewerkt voor de shoot. Deze opzet was het meest iconisch. Uitdagende hoezen zijn tegenwoordig een trend. Hoe meer je opvalt, des te beter het is in deze industrie, waar elke dag zoveel content wordt gemaakt.’
Het succes van Renaissance heeft haar geen windeieren gelegd: ‘Na Beyoncé werd ik benaderd door veel andere artiesten, maar ik probeer zorgvuldig te kiezen. Ik werk ook vaak met artiesten die een samenwerking hebben met modemerken, zoals Rosalía en Sabrina Carpenter.’ Jacobs is geen hardcore popfotograaf, maar vooral actief in de mode, toch twee verschillende werelden: ‘Ik merk dat artiesten vaak extremer willen gaan, want ze weten dat dat nodig is om een publiek te bereiken. Toen ik bijvoorbeeld Rihanna fotografeerde, was het echt een samenwerking, zij kwam met leuke ideeën. Ik had een bord vol pasta voor haar neus gezet en in plaats van een vork te pakken begon ze gewoon met haar hand te eten. Zoiets doet een model toch minder snel. Een model kun je wel meer sturen, een artiest heeft een eigen imago, een idee over zichzelf.’