In de speciale zomereditie van OOR vragen we 33 kenners, liefhebbers en visionairs naar hún favoriete plaathoes aller tijden. Vandaag: Richard Janssen. Hij ontwikkelde zijn oog voor detail aan de filmacademie en D.I.Y. was zijn motto. Als zanger en gitarist van The Fatal Flowers (en later) Shine bemoeide hij zich intensief met de hoezen.
‘It looks like it sounds’, aldus Richard Janssen over zijn persoonlijke favoriet: een shirtloze Richard Hell in zwarte jeans, die een versleten jasje opent en de zin YOU MAKE ME ___ op zijn borst laat zien. Blank Generation (blank ook nadrukkelijk als spatie: iets wat nog niet ingevuld/bepaald is) is een plaat waar de urgentie van afspat, aldus Janssen.
‘Die hoes ontplofte zo’n beetje in mijn hoofd toen ik ’m voor het eerst zag. De muziek later ook, maar eerst de hoes. Ik heb deze plaat gekocht zonder ’m te luisteren, puur op basis van de cover. Ik dacht: dit is iemand die me iets te vertellen heeft. Het maakte op mij als puber gewoon waanzinnig veel indruk. En toen ik het eerste nummer hoorde, Blank Generation, kwam alles samen. Dat wás natuurlijk ook mijn generatie.’
Janssen herkent een reeks van ‘ik-heb-jullie-iets-te-vertellen hoezen’, die voor hem begint met de eerste Patti Smith uit 1975. ‘De beroemde foto van Robert Mapplethorpe, ze kijkt je aan en je denkt: die vrouw heeft een boodschap voor me. Nightclubbing van Grace Jones is ook een goed voorbeeld. En Dirty Mind van Prince. Wat is dat voor een gast? Ze kijken allemaal in de camera, wat eenvoudig lijkt maar het is tegelijkertijd de moeilijkste hoes om te maken. Want je moet wel kunnen uitstralen dat je wat te vertellen hebt.’
Janssen vervolgt: ‘Never Mind The Bollocks is misschien wel iconischer. Dat heeft te maken met de brutaliteit ervan. Een hoes moet intrigeren en er een beetje uitspringen. Wat totaal afwijkend was, was het prominente gebruik van de kleur geel, dat zag je helemaal niet in die tijd, heel wonderlijk. Wel hier en daar misschien een geel paardenbloemetje, maar niet op deze manier. Volgens mij komt het van het geel van Roy Lichtenstein. Ik heb dat later ook weer gebruikt voor de hoes van [Shine’s] Modern Popmusic.’