Terwijl Nederland gisteren werd bestookt met een 1 april-grap over Paradiso en een zogenaamd optreden van The Rolling Stones, duiken in Londen signalen op die lastiger als grap te framen zijn. Posters in de stad verwijzen naar The Cockroaches, een obscure alias uit de geschiedenis van de band.
De posters bevatten een QR-code die leidt naar een kale website met de tekst ‘Who the fuck are The Cockroaches’, gezet in dezelfde stijl als de beruchte ‘Who the fuck is Mick Jagger’-slogan. Op de site staat een aftellende klok die uitkomt op 11 april 2026 rond 13.40 uur, vermoedelijk het moment waarop duidelijk wordt wat hier speelt.
Wie verder kijkt, ziet meer aanwijzingen. Op de website staan beelden van een prikbord met oude concertkaartjes, vinylplaten – waaronder The Rise And Fall Of Ziggy Stardust And The Spiders From Mars – en studiomateriaal. De privacyverklaring van de site leidt direct naar Universal Music Group, het label van de Stones. Ook een WhatsApp-kanaal dat aan de campagne is gekoppeld verwijst naar het Londense adres van datzelfde bedrijf.
BBC 6 Music-presentator Matt Everitt legde die link eveneens en wees erop dat de band in de jaren zeventig en tachtig vaker onder de naam The Cockroaches optrad bij geheime shows. Op het WhatsApp-kanaal wordt gesproken over een ‘return after 49 years’, wat aansluit bij die periode, inclusief de inmiddels gedocumenteerde optredens in de El Mocambo-club in 1977.
Intussen wijzen ook andere signalen richting nieuw werk. Ronnie Wood liet in 2025 al weten dat een nieuw album klaar zou zijn voor 2026, terwijl producer Andrew Watt bevestigde dat er opnieuw met de band in de studio is gewerkt. Een inmiddels verwijderde oproep van een castingbureau voor een videoclip in Londen versterkt dat beeld.
Of het hier gaat om een campagne rond nieuw materiaal, een reeks kleine shows of een andere vorm van aankondiging, blijft onduidelijk. Maar de combinatie van historische verwijzingen, concrete data en betrokkenheid van Universal wijst op een zorgvuldig opgebouwde teaser… van iets.
Foto: Dimitri Hakke