Elke maand selecteren we de beste en belangrijkste albums van het moment. Een elftal niet te missen platen. Dit is de opstelling voor april. Gerangschikt op alfabet en voorzien van onderbouwing door onze recensenten.
THE HAUNTED YOUTH
BOYS CRY TOO

INDIE | Een melodieus drama in elf etappes, vol fraai in elkaar gevlochten gitaarriffs, emotionele fluisterzangpartijen, sfeerrijke synthesizernoten en agressieve uitbarstingen vol angstkreten – ziedaar het tweede album van The Haunted Youth (vehikel van Vlaming Joachim Liebens) in een notendop. ‘Angstaanjagend mooi.’
WESLEY JOSEPH
FOREVER ENDS SOMEDAY

POP | Dit debuut van de Brit Wesley Joseph is een eigenzinnig en zorgvuldig in elkaar gezette popplaat, die woont in een schemergebied tussen r&b, pop en hiphop. De naam Blood Orange dringt zich op: nog zo’n bedachtzame Engelsman die in iedere scheur in het beton een bloem kan laten groeien. ‘Uitzonderlijk goed.’
KNEECAP
FENIAN

HIPHOP | Je zou bijna vergeten dat het Ierse raptrio ook nog muziek maakt, maar Fenian is een ijzersterke reminder. En een serieuze: waar voorheen nog ruimte was voor meligheid worden nu vooral politieke boodschappen verspreid. Maar prekerig wordt ‘t niet, ‘daar zijn de teksten te gevat en de beats te opwindend voor’.
GIA MARGARET
SINGING

INDIE | Wie van ouderwets verfijnde indie houdt is bij de Amerikaanse Gia Margaret aan het juiste adres. Het wondermooie liedje Cellular Reverse (‘Kandidaat voor song van het jaar’) is exemplarisch voor dit indrukwekkende album vol ‘caleidoscopische, soms orkestrale arrangementen en gelaagde, abstracte klanktapijten’.
MEMORIALS
ALL CLOUDS BRING NOT RAIN

INDIE | ‘Stereolab’s evil twin’ is de bijnaam van het Britse m/v-duo Memorials en daar kunnen we ons iets bij voorstellen: ook op hun tweede reguliere album worden folky zangmelodieën weer aan een desoriënterende mix van krautrock, sixtiespop, avant-garde en zelfs progrock gekoppeld. ‘Toegankelijk maar ongrijpbaar.’
MEROL
LEVE DE FEEKS

POP | Spraakmakende muziek en scherpe observaties vormden altijd al de kern van MEROL, maar op het welhaast schreeuwend aan de man/vrouw gebrachte Leve De Feeks is het menens en keert ze zichzelf binnenstebuiten. Aan genrehoppen doet ze niet meer: hier klinkt slechts daverende electropunk. ‘Explosief en retecatchy.’
NAAZ
THE SKY KNOWS I EXIST
POP | De tweede volwaardige plaat van Naaz – Nederlandse popzangeres met Koerdische roots – bevat het lot van een megatalent: meer van het goede. Of nee: het wonderschone, het ongewone en het hoogst indrukwekkende. Muzikaal niet langer elektronisch en genrefluïde, maar rijkelijk geïnstrumenteerd en geworteld in tradities.
NEUROSIS
AN UNDYING LOVE FOR A BURNING WORLD

AVANT-GARDE | Ineens was ie er, een nieuwe Neurosis. En wat voor een. Met verse kracht Aaron Turner (Isis, Sumac) aan boord hebben de voortrekkers van de postmetal het oude vuur hervonden. Aangrijpende emoties, uitgerekte gitaarexplosies, industriële effecten, drones, duisternis – alles is er weer en alles doet het nog.
RAYE
THIS MUSIC MAY CONTAIN HOPE
POP | Raye veroverde in no-time alle grote festivalweides en popzalen, maar gaat dankzij dit tweede album nóg populairder worden. De plaat voelt door zijn muzikale scope en goed uitgewerkte ideeën eindeloos groots en ambitieus, en is ook nog eens van begin tot eind ijzersterk, boeiend en meeslepend. ‘Meesterwerk.’
REAL FARMER
TWO WRONGS DON’T MAKE A RIGHT

INDIE | Postpunk by numbers, denk je eerst. Maar na twee tracks vindt het Gronings-Haagse Real Farmer de juiste groef en begint het avontuur. Weerbarstig en intens blijft het, maar er is óók lucht, licht en een flinke muzikale spanwijdte. ‘Real Farmer laat horen hoeveel potentie er nog zit in een beproefd genre.’
STEVE FRENCH
PAINTED SEA, PAINTED STARS
INDIE | Door het derde album van Steve French, de band rond Amsterdammer Cees Paris, waait ‘een prettig briesje’: in zijn fraaie liedjes bespeuren we – naast indiepop, garagerock en lo-fi – nu ook Hawaiiaanse (!) klanken, synths, droge blazers, zoete strijkers en zelfs een ukelele. ‘Prettig ongepolijste diamant .’


