Een lied met een enigmatische titel als auatc moet toch haast wel van Bon Iver zijn? Ik zal het je nog sterker vertellen, het is als je ‘t mij vraagt een van zijn gaafste nummers. Het heeft een gouden melodie en een tekst die werkt op zowel emotioneel als maatschappelijk niveau. Het is opzwepend, doet haast denken aan gospel, maar dan doorspekt met die vervreemdende effecten en klanken waar Justin Vernon zo meesterlijk mee kan strooien.
Het is ook een van zijn minst bekende nummers, het staat niet op een album maar verscheen in 2020 als losse track. Wie het wil beluisteren is dus genoodzaakt een streamingdienst aan te slingeren. Laatst typte ik ze daar weer eens in, die vijf ogenschijnlijk willekeurige lettertjes, en ontdekte zo dat er flink wat coverversies bestaan van auatc. Ik telde er zo al zes, werd nieuwsgierig en zapte wat door de verschillende uitvoeringen heen.
Nu heb ik, net als vermoedelijk de meeste muziekliefhebbers, een haat- liefdeverhouding met covers. In de meeste gevallen riekt dat gepronk met andermans veren naar artistieke armoede of vocale interessantdoenerij. Maar soms geeft een artiest een interessante draai aan een nummer, waardoor het je op een heel andere manier raakt dan het origineel, of ontdekt iemand een schoonheid in een lied die de oorspronkelijke artiest er niet had uitgehaald.
Lucy Wainwright Roche hoorde in Robyns Call Your Girlfriend een hartverscheurende liefdesballade, Grease-hit You’re The One That I Want werd in handen van Lo-Fang een onheilspellend stalkerslied, Caroline Polachek toverde Breathless, die Sky Radio-draak van The Corrs, om in een heerlijk eigentijdse banger – voorbeelden te over.
Een van mijn allerlievelingste liedjes is van Sam Amidon; als hij in My Old Friend zingt over een verwaterde vriendschap lukt het me maar moeilijk om het droog te houden. Dat het een cover is, ontdekte ik pas toen ik hem live zag in Bitterzoet en hij het aankondigde als een song die hij geleend had van Tim McGraw. Met stomheid geslagen luisterde ik thuis de originele redneckversie van mijn lijflied, dat ineens zo plat klonk als een dubbeltje. Ik ben Amidon dankbaar dat hij de parel die in My Old Friend verscholen zit voor mij eruit heeft gehaald.
Maar goed, auatc dus. Ik flipperde door de verschillende versies en bleef hangen bij Ally Forsyth, een Schotse hobbymuzikant die een handvol EP’s uitbracht met vriendelijk kabbelende folk. Verder niet veel over de beste man te melden, behalve dus dat zijn versie van auatc van een zeer grote schoonheid is. Geen opsmuk, geen wilde ideeën, Forsyth brengt het nummer terug tot de essentie. Met slechts wat simpele instrumenten en een stem die doet denken aan James Taylor laat hij de compositie het werk doen en ontstaat er een tijdloos briljantje dat bij elke stemming past. Je zou bijna willen dat hij al het latere werk van Bon Iver op deze manier onder handen neemt, zo effectief als hij hier laat horen dat Justin Vernon, onder al die tierelantijnen, ook gewoon een van de beste liedjesschrijvers van onze tijd is.
Maar ook een van de grootste kunstenaars, besef ik als ik na tien keer Forsyth weer eens teruggrijp naar het origineel, waarop al die toegevoegde lagen toch weer zorgen voor kippenvel. Een artistiek hoogstandje, dat gek genoeg klinkt alsof het een cover is. Een cover van dat ene prachtige folkliedje van Ally Forsyth.