special

Dinosaurus op gitaar: Neil Young voor beginners

Deze week brengt Neil Young zijn ‘verloren’ album Homegrown uit, opgenomen in 1974/1975 en sindsdien op de plank blijven liggen. Een lost treasure waar fans al decennia op wachten. Voor wie nog helemaal aan de voet van de berg staat: hierbij een introductie in het reusachtige, meer dan vijftig albums tellende oeuvre van Dinosaur Sr.

BASISPAKKET

EVERYBODY KNOWS THIS IS NOWHERE (1969)

Hoewel Neil Young vaak vereenzelvigd wordt met de Amerikaanse rockmuziek, is hij van huis uit Canadees. Hij wordt geboren op 12 november 1945 in Toronto. Nadat zijn ouders zijn gescheiden groeit hij op bij zijn moeder in het dorpje Winnipeg. Als tiener speelt hij in enkele lokale bands. Geïnspireerd door mooie verhalen over The Byrds en andere westcoastbands trekt Neil in 1966 met een tweedehands lijkwagen de grens over richting Los Angeles. Daar richt hij samen met een andere zanger/gitarist, Stephen Stills, Buffalo Springfield op. Hun debuutsingle For What It’s Worth wordt een grote hit, maar de band valt al snel uit elkaar. Door zijn naamsbekendheid lukt het Neil wel een soloplaat op de markt te krijgen. Die gaat vrijwel onopgemerkt voorbij. Neil Young zelf is er evenmin blij mee en maakt al snel een opvolger. Hierop laat hij zich begeleiden door de in het clubcircuit rond L.A. redelijke bekende band The Rockets, die voor de gelegenheid wordt omgedoopt in Crazy Horse. Het blijkt een magische combinatie. De lange, opzwepende gitaarduels tussen Young en Danny Whitten in Down By The River en Cowgirl In The Sand spreken tot de verbeelding, op de planken en ook op de plaat. De roestbruine gitaarrock op Everybody Knows This Is Nowhere maakt indruk. En het geluid, zonder enige opsmuk, is volstrekt tijdloos.

AFTER THE GOLDRUSH (1970)

De carrière van Neil Young krijgt een enorme lift als hij zich in de zomer van 1969 voegt bij het succesvolle close harmony trio Crosby, Stills & Nash, waarmee hij optreedt tijdens het befaamde Woodstock festival. Hun album Déjà Vú verschijnt in het voorjaar van 1970 en groeit uit tot een popklassieker. Al te veel vertrouwen in het samenwerkingsverband lijkt Young echter niet te hebben. Hij kondigt aan zijn solocarrière gewoon voort te zetten en komt in het najaar van 1970 met After The Goldrush. Geen rockende gitaarplaat maar het werk van een singer-songwriter met akoestische gitaarliedjes als Tell Me Why en Only Love Can Break Your Heart en de pianoballades Birds en After The Goldrush. De fans van Crazy Horse worden tevreden gesteld met de robuuste rockers Southern Man en When You Dance I Can Really Love. Die dualiteit zal Young in de jaren daarna altijd blijven kenmerken.

HARVEST (1972)

De formule van After The Goldrush wordt herhaald op Harvest. De akoestische gitaarliedjes heten ditmaal Heart Of Gold, Old Man en The Needle And The Damage Done. De pianoballades zijn A Man Needs A Maid en There’s A World en de rockers heten Alabama en Words. Een herhalingsoefening, maar artistiek als commercieel een eclatant succes. Helemaal als Neil een wereldhit scoort met Heart Of Gold.

TONIGHT’S THE NIGHT (1975)

Het geluk lacht Neil Young maar kortstondig toe. Hij wordt geveld door een hernia, die hem maandenlang in bed houdt. Het kind dat geboren wordt uit zijn relatie met actrice Carrie Snodgress blijkt te lijden aan een ernstige hersenaandoening. En in de periferie rond Young doen drugs hun intrede. In 1972 overlijdt Crazy Horse-gitarist Danny Whitten aan een overdosis, nadat hij door Neil om zijn heroïnegebruik uit de band was gezet. Korte tijd later sterft roadie Bruce Berry, eveneens na een overdosis. Neil Young is volledig uit het veld geslagen. Op het live opgenomen Time Fades Away, een plaat vol nieuwe nummers, is de balans volledig zoek. Op de opvolger On The Beach klinkt hij als verdoofd. Alle misère vindt uiteindelijk zijn weerslag op Tonight’s The Night, een verzameling nummers die hij schrijft naar aanleiding van de gebeurtenissen en op een dronken avond opneemt met een stel bevriende muzikanten. Weinig albums in de popmuziek hebben zo’n intensiteit als Tonight’s The Night. Soms behoorlijk uneasy listening, maar van de eerste tot de laatste noot indringend en aangrijpend. Een plaat die je hartgrondig haat of diep in je hart sluit.

ZUMA (1975)

De carrière van Neil Young verloopt in de zeventig chaotisch. Platen worden aangekondigd en weer teruggetrokken. Tournees eindigen soms voortijdig. Het lijkt eerder bij te dragen dan afbreuk te doen aan zijn status. Op gezette tijden komt hij met een prima plaat op de proppen. Zoals het met Crazy Horse gemaakte Zuma, dat een waardige opvolger mag heten voor Everybody Knows This Is Nowhere. Lekkere stampende rockers als Don’t Cry No Tears en Drive Back worden afgewisseld met lange jams in Cortez The Killer. Als extraatje bevat het album het fraaie Through My Sails, van de nooit verschenen reünieplaat van Crosby, Stills, Nash & Young.

RUST NEVER SLEEPS (1979)

Na het rommelige American Stars ‘N’ Bars (wel met de klassieker Like A Hurricane) revancheert Young zich met Comes A Time, een countrygetinte plaat in de geest van After The Goldrush en vooral Harvest. Eind jaren zeventig is de voorhoede van de popmuziek echter inmiddels in de ban van punk en new wave. Neil Young realiseert zich dat de tijd is gekomen om de fakkel over te dragen. ‘It’s better to burn out than to fade away’, zingt hij in My My, Hey Hey, wat opgevat kan worden als zijn afscheidslied. Rust Never Sleeps vat Youngs succesjaren nog eens samen in één akoestische plaatkant en één elektrische met Crazy Horse. De klassieker My My, Hey Hey staat erop in twee uitvoeringen. Andere hoogtepunten zijn Pocahontas en Powderfinger.

FREEDOM (1989)

Gepland zal het ongetwijfeld niet zijn geweest, maar Rust Never Sleeps betekent voor velen een afscheid van Neil Young. In de jaren daarna laat zijn talent om meeslepende melodieën te schrijven hem ernstig in de steek. Later zou hij verklaren dat hij de zorg voor zijn kinderen belangrijker vond dan zijn carrière en daarom te weinig energie stak in de platen die hij contractueel verplicht was jaarlijks uit te brengen. Pas in 1989 weet hij met Rockin’ In The Free World weer eens alle aandacht op zich te richten. Het album Freedom bevat met Crime In The City, Eldorado en het al uit het midden van de jaren zeventig daterende Too Far Gone nog enkele juweeltjes.

HARVEST MOON (1992)

De comeback van Young wordt door de critici juichend onthaald en zijn nieuwe platen krijgen steevast goede recensies. Maar de vergelijking met zijn oude werk kunnen ze toch niet aan. Een uitzondering is Harvest Moon, gepresenteerd als de echte opvolger van Harvest en inderdaad van een vergelijkbare kwaliteit. Unknown Legend, From Hank To Hendrix en het titelnummer zijn welkome aanvullingen op de canon, waar welbeschouwd sinds 1992 niet echt meer iets is bijgekomen. Een van de verklaringen daarvoor is het overlijden van producer David Briggs in 1995. Hij stond Neil Young terzijde vanaf zijn allereerste soloplaat en zijn organische aanpak deed wonderen voor Neils liedjes. Het is opmerkelijk dat de maker sinds Harvest Moon dat geluid nooit meer zo te pakken heeft gekregen.

LATEN STAAN

THE LOST TAPES (1992)

Neil Youngs oeuvre is wisselvallig en soms zelfs chaotisch. Aan albums als Re-ac-tor, Trans, Landing On Water, Life, Broken Arrow en Are You Passionate? mis je niet zoveel. Maar een echte afrader is het in 1992 uitgebrachte The Lost Tapes. Simpelweg omdat het niet Neil Young is die je hoort. Hij verklaarde ooit zelf over dit album: ‘None of the vocal renditions are mine, none of the musical compositions embodied on the record were written by me.’

LIVE

LIVE AT MASSEY HALL 1971 (2007)

Neil Young lijkt in 1970 een gouden hand te hebben. In korte tijd schrijft hij vrijwel alle songs waarmee hij dat jaar en de jaren daarna furore zou maken. Tijdens de akoestische tournee die hij in februari 1971 doet in de VS en Canada speelt hij ze allemaal al. De hits van zijn succesalbum Harvest, dat pas een jaar later zou verschijnen, maar ook Journey Through The Past, Love In Mind en See The Sky About To Rain, die pas veel later het levenslicht zouden zien. Zelfs Bad Fog Of Loneliness, dat nooit op plaat zou verschijnen, blijkt een aardig nummer. Jarenlang was de concertregistratie van het concert op 19 januari 1971 in de Massey Hall in de Canadese hoofdstad Toronto een gewilde bootleg. Vorig jaar verscheen eindelijk een officiële versie, met als toegevoegde waarde een dvd met televisieopnamen van hetzelfde concert. Een absoluut hoogtepunt in het oeuvre van Neil Young. Weinig artiesten kunnen met zo weinig middelen – een stem en een gitaar of een piano – de emotionele spanning zo laten oplopen. En zelden was Neil Young zo goed in vorm als tijdens dit concert.

COMPILATIE

DECADE (1977)

Neil Young heeft er altijd een flinke productie op na gehouden. En sommige van zijn beste liedjes verschenen op moeilijk verkrijgbare platen. Vandaar dat hij halverwege de jaren zeventig een driedubbelalbum samenstelde met wat hij zelf als zijn beste nummers beschouwde. Daartussen zaten enkele tracks die zelfs niet eerder verschenen waren, zoals Winterlong, Love Is A Rose en Deep Forbidden Lake. Het voordelig geprijsde Decade is nog altijd het beste carrièreoverzicht en de perfecte introductie.

BOEKEN

SCOTT YOUNG: NEIL AND ME (1984)

Neils vader Scott Young was in eigen land een bekend sportjournalist en romanschrijver. Zijn bibliografie beslaat een hele pagina. In 1984 schreef hij Neil And Me, een integer portret van een vader en een beroemde zoon. Een interessant perspectief dat je in de popmuziek verder niet tegenkomt. Het boek werd in 1997 voor het laatst bijgewerkt. Scott overleed in 2005.

DE ECHO

Weinig groten uit de popmuziek hebben zo’n duidelijk aanwijsbare invloed gehad op latere generaties als Neil Young. Voor de grungegeneratie is hij de onbetwiste peetvader. Nirvana’s Kurt Cobain ging wel heel ver en citeerde in zijn afscheidsbrief My My, Hey Hey. Pearl Jam nam samen met Young het album Mirror Ball op. De bandleden van Dinosaur Jr noemen Neil Young ‘Dinosaur Sr’. Powderfinger vernoemde zich naar een van zijn nummers. Iets minder opvallend, maar toch duidelijk aanwijsbaar is Youngs invloed op Sonic Youth, Matthew Sweet, Bettie Serveert, Daryll-Ann en niet te vergeten Radiohead. En inderdaad, soms hoor je bij een kampvuur nog wel eens iemand Heart Of Gold of The Needle And The Damage Done zingen.

Deel dit artikel

Meest gelezen artikelen

Word nu lid van OOR en kies je eigen cd-pakket
abo-actie

Word nu lid van OOR en kies je eigen cd-pakket

OOR deelt uit! Neem een halfjaar- of jaarabonnement op OOR en kies je eigen cd-pakket. We hebben de keuze uit ...
Paradiso schrapt 60 banen: 'Het hek is van de dam'
muziek in coronatijd

Paradiso schrapt 60 banen: ‘Het hek is van de dam’

Ook voor de popmuziek zijn het ongekende tijden. In dit blog signaleert en bespreekt OOR-columnist en mede-thuisblijver Hooijer de ontwikkelingen in ...
Onze favoriete albums van de eerste helft 2020
special

Onze favoriete albums van de eerste helft 2020

2020 maakt er een modderboel van, maar hey, we zijn op de helft: 1 juli. Tijd voor ons traditionele ‘tussenstandje’ dus: de ...

Dinosaurus op gitaar: Neil Young voor beginners | OOR