concert

Whitesnake Wednesday op karakter

Op papier staat de show van Whitesnake in Poppodium 013 uitsluitend in het teken van feestelijkheden. De van oorsprong Britse hardrockband vierde onlangs zijn 40ste verjaardag. Ook mag succesalbum Slide It In uit 1984 dit jaar 35 kaarsjes uitblazen en verscheen er op 10 mei een nieuwe plaat (Flesh & Blood). En dan spelen de heren in Tilburg ook nog hun eerste show van de Europese tour. De praktijk blijkt weerbarstiger. Stemproblemen spelen de 67-jarige frontman David Coverdale parten. Gelukkig kan hij terugvallen op vijf zeer capabele muzikanten. Die staan ook vocaal hun mannetje, en weten samen met het publiek de jubelstemming vast te houden.

De band toont zich bij opkomst bijzonder energiek en lijkt opgehitst door introtune My Generation van The Who. Gitaristen Joel Hoekstra en Reb Beach benen het podium over en eisen tijdens heftige openingssongs Bad Boys en Slide It In hun solomomenten op. Drummer Tommy Aldridge – met 68 jaar de oudste van het stel – beweegt wild, draait met stokjes en schudt met zijn grijze bos krullen, maar laat geen steek vallen. Opvallend genoeg houden relatieve jonkies Michael Devin (bas, 44) en Michele Luppi (toetsen, 45) zich redelijk gedeisd. Ze geven Coverdale de ruimte. Die vraagt of de ramvolle zaal klaar is, swingt, schuifelt en wijst en laat geregeld de tekst op de achterkant van zijn zwarte bloes zien: make some f@ckin’ noise!!!

Tijdens de eerste nummers valt het niet eens op dat de zanger niet zo goed bij stem is. Alle leden behalve Aldridge zingen mee, met hoofdrollen voor Devin en Luppi. Dat doen ze bijvoorbeeld tijdens Gonna Be Alright, afkomstig van Flesh & Blood. De podiumaankleding is afgestemd op het artwork van die plaat, van backdrop tot zijpanelen, inclusief het rode WS-zegel. En als de band meer vocale ondersteuning behoeft, zoekt Coverdale de voorste rijen op en spoort ze aan te zingen en te klappen. De fans reageren enthousiast en krijgen nauwelijks de tijd om bij te komen. Whitesnake speelt de eerste zes songs zonder pauzes of praatjes. Pas als de groep de tweede single van het nieuwe album in zet (Trouble Is Your Middle Name), er blauwe en rode zwaailichten knipperen en er een politiesirene klinkt, grapt de frontman: ‘Oh my god, it’s the cops.’

Het spel klinkt geroutineerd, soepel, groovend en vurig. De nadruk van de set ligt op Flesh & Blood en het jubilerende Slide It In. Tussen twee nieuwe tracks door grijpen Hoekstra en Beach hun kans om zich al solerend in de kijker te spelen, begeleid door een grondtoon van Luppi en donderende drumovergangen. De solo’s houden wat lang aan, maar lopen fraai over in de poppy single Shut Up And Kiss Me. Coverdale laat dan al steeds meer zangwerk over aan zijn collega’s. Hij drinkt af en toe wat uit een blauwe beker en klinkt schor als hij het woord neemt. Hij bedankt de toeschouwers, ziet ‘veel mooie mensen’ vooraan, spreekt van ‘Whitesnake Wednesday’, vraagt of iedereen de nieuwe plaat al heeft en mompelt in een onderonsje met een crewfotograaf wat over de ontberingen van jetlags.

Tijdens Get Up krijgt hij kort de kans om te herstellen, wanneer Aldridge een drumsolo speelt. Dat doet hij eerst met twee stokken, maar nadat hij die in het publiek heeft gegooid, gaat hij met zijn handen en knuisten verder. Tot groot genoegen van de zaal. Die juicht en applaudisseert. De zanger doet daarna nog enkel pogingen om hoge noten te halen. Hij faalt jammerlijk, zonder aan enthousiasme in te boeten. De frontman presenteert zijn band, noemt Hoekstra ‘seks on two legs’ en zingt een stukje That’s Amore van Dean Martin als hij Luppi voorstelt.

Hij weet dan al dat hij op het publiek kan rekenen bij de laatste drie hits; Is This Love, Give Me All Your Love en Here I Go Again. Zingt hij wel, dan klinkt dat rauw en snerpend en niet erg fraai. Dat gebeurt vooral wanneer Whitesnake na een korte break terugkeert voor toegift Still Of The Night. Omdat tijdens de coupletten de gitaren steeds stoppen, valt extra op hoe slecht zijn stem eraan toe is. Toch blijft hij zich gedragen als een ware showman en professional, tot aan het einde. Pas dan maakt hij een gebaar waarbij hij zichzelf door zijn hoofd lijkt te schieten. Maar niet voordat hij het publiek ‘Be safe, be happy and don’t let anybody make you afraid heeft toegewenst, en zijn hand op zijn hart heeft gelegd. Met een lang en luid applaus tot gevolg. Gevierd en gewonnen, op karakter.

Fotografie: Jostijn Ligtvoet Fotografie

Gezien: 12 juni 2019, 013, Tilburg

Deel dit artikel

Meest gelezen artikelen

Lokerse Feesten: ogen en oren tekort
concert

Lokerse Feesten: ogen en oren tekort

Tien dagen werd er op het door luxe appartementen omringde parkeerterrein van de Grote Kaai midden in Lokeren gefeest. En ...
Erykah Badu breekt uit haar bubbel in 013
concert
Erykah Badu

Erykah Badu breekt uit haar bubbel in 013

22. Een angeliek getal in de spirituele wereld, een symbool voor gidsing en doelmatigheid. Ook is 22 de huidige leeftijd ...
This Is Not A Safe Place
album
Ride

This Is Not A Safe Place

Even de oude succesnummers oppoetsen, rondje om de wereld, cashen en weer terug naar moeder de vrouw. Zo ging het ...

Recensie: Whitesnake Wednesday op karakter (concert) | OOR