concert
Indie

Down The Rabbit Hole dag 3: Anohni e.a.

Op de laatste ochtend van Down The Rabbit Hole 2016 pakken veel mensen hun spullen om te vertrekken: de weersverwachting voorspelt opnieuw onweer. De bui is echter maar van korte duur. Naarmate de dag vordert blijft het leegstromen en is het relatief rustig op het festivalterrein. Zou het ook komen omdat een echte headliner ontbreekt vandaag? De gedroomde band om het slot van Anohni in te vullen is Tame Impala, met een perfecte hiaat in het tourschema voor Down The Rabbit Hole. Waarom staat de Australische psychpop-band er dan niet? Festivaldirecteur Eric van Eerdenburg zegt dat de band een weekend vrij wilde, in de wandelgangen van het konijnenhol horen we ‘te duur’. Lukt het Anohni en de andere acts om de grote spots met succes in te vullen?

De Ghanese high life-legende Pat Thomas (Hotot, 14.30)stond aan de wieg van de afrobeat. Zeker niet de minste artiest dus, die vandaag met zijn Kwashibu Area Band de main stage mag openen. Een groot geluidsprobleem gooit roet in het eten van de eerste twee nummers: van de muziek is nauwelijks iets te horen in de tent. Geen probleem voor The Golden Voice of Africa en begeleidingsband: deze mannen zijn de vrolijkheid zelve en blijven rustig doorspelen. Met hypnotiserende baslijnen, uitgebreide percussie en heerlijk zonnige Afrikaanse melodieën is ieder bandlid zijn instrument de meester. Het is niet moeilijk om voor te stellen hoe een publiek dat al dagen door de modder rolt daarop reageert: uitbundig, blij en energiek. De eerste rijen dansen tot hun heupen slijten, er ontstaat een flashmob en er gaat een opblaaskrokodil rond. Het maakt de band alleen nog maar gelukkiger, wat zorgt voor flink wat goede solo’s. Hoewel Pat Thomas – weer zo’n “legende” – vaak van het podium verdwijnt, is hij een van de beste artiesten in zijn genre. Zijn band verdient echter extra credits voor overgave en spel. Een prima opening voor een festivaldag, deze act. (DC)

Je kunt veel over Car Seat Headrest (Fuzzy Lop, 15.50) zeggen, vrolijk is hij in ieder geval niet. De moeite die het kost om te glimlachen of te communiceren met het publiek steekt Will Toledo liever in zijn gitaarspel of teksten. Dat werkt prima, want Toledo en band zetten een prikkelende show neer in de kleine tent. Zonder geluid lijkt het alsof je naar een bandwedstrijd op de middelbare school kijkt, zo jong is iedereen op de bühne. Extra bewonderenswaardig als blijkt dat de 23-jarige frontman al tien studio-albums op zijn naam heeft staan. De langzame opening valt wat zwaar (wat verwachtten we eigenlijk anders van iemand die zingt over drugs en depressie), waarna publieksfavorieten Fill In The Blank en Drunk Drivers al gauw voorbij komen. Het is niet altijd even makkelijk om te blijven staan bij de zwaarmoedige indie van Car Seat Headrest als de schaarse zonnestralen weer over het terrein vallen, maar een optreden met zulk sterk spel en dijken van nummers wil een doorgewinterde Rabbit Hole-bezoeker echt niet missen. (DC)

Nothing But Thieves (Hotot, 16:20) is het zoveelste bewijs dat het hard kan gaan in de muziekbusiness. Een jaar geleden stond de band nog in de piepkleine Charlie op Lowlands, nu mag de band het op het hoofdpodium van Down The Rabbit Hole doen. Net als De Staat hebben de Engelsen dit jaar in het voorprogramma van Muse gespeeld, en net als bij De Staat komt die ervaring vandaag goed naar voren. De leden van Nothing But Thieves paraderen zelfverzekerd over het podium met de kleine Conor Mason als middelpunt. De zanger trakteert ons op een uur aan zangacrobatiek á la Matt Bellamy. En dat doet ‘ie goed, al wordt het hoog tijd dat Nothing But Thieves er een paar knallers bij gaan schrijven. Radiohit Trip Switch doet het prima, maar de band vult de set met iets te veel generieke stadionrock. Tijdens afsluiter Ban All The Music (nog zo’n hit) ontstaat er pas écht vuur op het podium en dat hadden we graag iets eerder gezien. (JH)

Als België vanavond van Hongarije verliest, heb ik in ieder geval een geinige invalshoek voor m’n stuk over The Sore Losers (Fuzzy Lop, 17:40), denk ik onderweg naar de tent. Niet dus. De Rode Duivels maken goulash van hun tegenstander en ook op Down The Rabbit Hole overwinnen onze zuiderburen overtuigend. Drie van de vier Sore Losers dragen een leren jack bij opkomst, waardoor we bijna meteen weten waar we aan toe zijn: een hardrockshow uit het boekje. Stevige en strakke gitaarriffs, recht uit de catalogus van acts als Led Zeppelin (leg Blood Moon Shining maar eens naast When The Levee Breaks), een lekker cocky frontman en een moordend hoog tempo. Naast eigen werk komen er ook nog prima covers van Radar Love en Kick Out The Jams voorbij. Een lekkere oppepper voor de eindsprint van Down The Rabbit Hole. (JH)

Geen dutch disease vooraan bij Daughter (Teddy Widder, 19.10). De Londense band zou op papier niet boven de menigte uit kunnen komen, maar daar hoeven geen zorgen over te bestaan: het oplettende publiek blijft wijselijk stil bij de prachtige subtiele gitaarpop van het drietal (met een extra bandlid op toetsen en gitaar). Hun nieuwe album Not To Disappear klinkt wat minder organisch dan debuut If You Leave: de elektronische drums zijn een welkome afwisseling in de set, maar doen wel sterk denken aan het geluid van The xx. Zo klinkt de verlegen zangeres/gitariste Elena Tonra behoorlijk wat als Romy Madley-Croft, maar geeft ze een eigen persoonlijkheid aan Daughter door haar dankbare houding en verlegen gelach. Tijdens de nummers is Tonra echter een overtuigende ‘frontvrouw’: dan komen de teksten met overtuiging en de subtiele gitaarloopjes met grootste kracht. Besluiten met grote hit Youth en nieuwste uitschieter Fossa is een sterke zet. Daughter komt goed aan en blijft hangen in de vroege avond. (DC)

Nog een kruisje op onze Brexit-bingokaart: Suede (Hotot, 20:10) begint het optreden met Europe Is Our Playground. Terwijl de band het intro speelt, komt Brett Anderson rustig oplopen en zingt hij redelijk timide. Het blijkt het laatste rustige moment: tijdens opvolgers Trash en Animal Nitrate knalt Suede een wervelend uur aan greatest hits in. En wat zijn dat er toch een hoop. The Beautiful Ones, She’s In Fashion, Filmstar, het kan niet op. Het lijkt de heren niks uit te maken dat de Hotot lang niet vol staat, Suede gaat er helemaal voor. Anderson rent, springt, duikt op tussen het publiek; de frontman is in volledige showmodus. Down The Rabbit Hole krijgt een energieke les Britpopgeschiedenis van een stel veteranen dat vandaag niet te stoppen is. (JH)

En van de veteranen lopen we naar de jonkies. DMA’s (Fuzzy Lop, 21:20) is dan misschien een Australische band, maar alles aan debuutplaat Hill’s End schreeuwt Manchester. Het piepjonge zestal maakt Britrock die nergens subtiel is, maar vol zit met muren van gitaren en meezingbare refreinen. Dat meezingen gebeurt dan ook flink. De band lijkt zelf eventjes verbaasd wanneer Lay Down massaal meegebruld wordt en er vooraan zelfs een kleine pit ontstaat. Gelukkig schudden de heren die verbazing makkelijk van zich af: de leden van DMA’s lijken met hun petjes net van een voetbaltribune afgestapt en stralen een heerlijk soort onverschilligheid uit. Met de songs zit het ook wel goed: ballads So We Know en Delete steken knap in elkaar en rockers Too Soon en In The Moment zijn dik in orde. Veelbelovende band. (JH)

Zonder twijfel de meeste gewaagde headlinerboeking van het festival: ANOHNI (Hotot, 21.55) als afsluiter van Down The Rabbit Hole. Zelden werd een show zo spannend en dreigend gemaakt door een twintig minuten langzaam dansende Naomi Campbell op het scherm in de Hotot. Je voelt je al ongemakkelijk en alert voor de show met de passelijke titel HOPELESSNESS überhaupt begint. Wie een feestje verwacht komt keihard bedrogen uit. Anohni, geboren als Antony Hegarty en voorheen van Antony and The Johnsons, walst het publiek haast plat met een show die bijna een kunstinstallatie te noemen is, bomvol ethische, ecologische, feministische en politieke boodschappen. De Hotot zal er niet meer dan halfvol gevuld door zijn.

Trap krijgt een hele nieuwe lading wanneer gecombineerd met de boodschappen van Hegarty: de bombastische nummers klinken niet eens meer dystopisch maar apocalyptisch of sterker nog; als een wereld waarin narigheid en hopeloosheid de boventoon zijn gaan voeren. Twee muzikanten brengen de keys en beats, Anohni is volledig gehuld in zwart om de muziek te laten spreken en de vrouwen (vaak afkomstig uit minderheden) op de enorme visualwand achter haar een stem te geven die normaal ongehoord zou blijven. Werkelijk ieder nummer bevat een boodschap, overgebracht door het holle, zware stemgeluid van de frontvrouw. Die gekke weersomstandigheden dit weekend? Te wijten aan klimaatverandering natuurlijk, en dat komt door ons eigen gedrag, want wat maken die vier pietluttige graden extra graden op de thermometer ons nou uit? Je privacy? Die bestaat niet meer, door de drone-gekte van Obama en de arrestatie van waarheidsverdedigers als Edward Snowden. De doodstraf? ‘It’s the American Dream!’

Potsierlijk danst Anohni in haar volledig zwarte gewaad – zelfs haar gezicht is bedekt – als ze die zin uitspreekt. Het contrast, het zelfverwijt, de keiharde klap in je gezicht zorgen voor een enorme brok in de keel. Daar sta je dan, met je feeststemming en je goed gedrag met een biertje in de hand, nog wanhopig proberend te dansen op de producties die Hudson Mohawke en Oneoh Trix Point Never voor HOPELESSNESS verzorgden. Maar dat gaat niet meer lukken: om me heen staan mensen met tranen in de ogen, links voor me barst een meisje tijdens het derde nummer in huilen uit. Dit is geen feestje, dit is een waarschuwing om het systeem de maatschappij en de aarde niet te laten breken. Een waarschuwing die wordt verkondigd tijdens een intense show vol drama, met gezichten die je recht in de ogen aankijken en Anohni als artistiek medium. Dat is wel eens wat anders dan die circlepit bij De Staat of confettikanonnen bij Tame Impala. Anohni verlaat het podium zonder een dankwoord te hebben uitgesproken, na een performance van ongekende intensiteit – het zal een groot deel van de bezoekers met een zelfbewust en vreemd gevoel naar huis sturen. Anders dan een ontzettend gewaagde boeking en plaatsing kunnen we dit niet noemen. (DC)

Na de imponerende show van Anohni lopen we onderweg naar de uitgang toch nog bij Fun Lovin’ Criminals (Teddy Widder, 23:25) naar binnen. Een prima keuze, want Huey Morgan en co. maken er een feestje van. Een retrofeestje, dat wel. The Fun Lovin’ Criminal, Smoke ‘Em, King Of New York, Scooby Snacks: het grootste deel van de set komt van debuut Come Find Yourself. En twintig jaar na de release van die plaat stralen die Fun Lovin’ Criminals nog altijd een soort natuurlijke coolness uit. Morgan gooit er met een speelse glimlach een paar solo’s uit en Frank Benbini neemt een paar trekjes van een joint terwijl hij met één hand drumt. Allemaal geinig en, eerlijk is eerlijk, de band speelt gewoon uitstekend. De show verrast nergens, maar na een uur meezingen hervinden we de energie voor onze terugreis. Tot volgend jaar! (JH)

Door Dave Coenen en Joey Huisman / Fotografie: Luuk Denekamp

Gezien: 26 juni 2016, Down The Rabbit Hole, Beuningen

Deel dit artikel

Meest gelezen artikelen

nieuws
Hüsker Dü

Hüsker Dü-drummer Grant Hart overleden

Triest nieuws. Hüsker Dü, een van de grondleggers van de hardcorepunk, is zijn drummer en co-songwriter Grant Hart verloren. Hart ...
album
Prophets Of Rage

Prophets Of Rage

De verrassing van Pinkpop dit jaar? Dat een stelletje veteranen zonder een album uit unaniem werd gebombardeerd tot hoogtepunt van ...
album
Foo Fighters

Concrete And Gold

Greg Kurstin produceerde! Paul McCartney speelt mee als drummer! Shawn Stockman van Boyz II Men doet zangkoortjes! Nog veel meer ...