concert

Lokerse Feesten dag 4 & 5: ‘it must be love’

Ouwe jongens krentenbrood. Dag vier van Lokeren verschaft opnieuw een aantal oude helden een hoofdpodium. Het publiek (gemiddeld 45 plus) geniet met volle teugen bij de oude hits. Het is aan de artiesten om te snappen dat het niet hun nieuwe liedjes zijn waarom ze hier geboekt zijn.

John Watts lijkt dat in het begin van zijn set met wat hij de 2017-versie van Fischer-Z noemt nog niet helemaal te begrijpen. Hij vindt zijn nieuwe liedjes uiteraard minstens even goed dan het afgekloven oude spul, maar ja, daar komen helaas alleen zijn vier diehard-fans op af. Na een paar tracks doet het reggae-ritme van The Worker wonderen. Hij heeft een uitstekend groovende band bij en ook So Long, In England en Marliese gaan er in als paardenworst. En waar hij met zijn stem vroeger nog in de hogere regionen terecht kon, daar spelen ze de boel nu slim een toontje lager. Zijn oude hits werken als Pretty Paracetamol voor de massa.

Een paar tabletjes paracetamol zou je zo maar nodig kunnen hebben na de stevige set van Tjens Matic, het nieuwe rauw rockende gezelschap van Arno Hintjens (68). De naam verwijst naar zowel Tjens Couter als TC Matic, de bands waarmee Arno destijds in respectievelijk de jaren zeventig en tachtig furore maakte. Harder en ruiger ging het er zelfs in zijn jonge jaren niet aan toe. De groovy trein van jonge hond Laurens Smagghe (drums) en oudgediende Mirko Banovic (bas) dendert constant door. Het spel van gitarist Bruno Fevery (hij toerde al met Kyuss Lives en Arsenal) is vlijmscherp. Luid gierend slaat hij zich vol overgave in de tot op het bot uitgeklede blues- en rockschema’s van tracks van bovengenoemde bands die Arno op deze manier een tweede, derde of soms vierde leven verschaft. Milk Cow van Tjens Couter had in deze pure versie gisteren geschreven kunnen zijn. Hetzelfde geldt voor Que Pasa, Middle Class And Blue Eyes, The Parrot Brigade, Viva Boema en uiteraard Oh La La La, allemaal puur en vol gas gespeelde klassiekers uit het oeuvre van TC Matic. Arno klinkt ongeremd, omdat er in zijn ogen al zoveel braafheid in de wereld is. De tussen ieder nummer door zijn publiek al vloekend bedankende zanger (‘Merci, godverdomme’) is in België een ware volksheld. Niet zozeer omdat hij revolutie predikt, want op zich valt dat nog wel mee. Wel omdat hij het in Putain Putain voor elkaar krijgt een heel plein keihard ‘Ik heb een kleintje en het schiet verre’ te laten meebrullen. Een held dus ook voor klein geschapenen.

Er staan opvallend veel mannen met een rode fez vooraan voor het laatste optreden van de maandag. Madness is in da house. Hits wil dat oudere publiek horen, oude hits, want daar heeft het zin in. Zanger Suggs heeft er ook zin in, want hij slaat regelmatig een rood wijntje achterover en keuvelt over het hoe en waarom een liedje gemaakt werd. Embarrassment uit 1981 is er zo een, in het begin van de set. Maar daarna volgen ook heel veel liedjes uit de vooral in thuisland erg goed ontvangen laatste twee albums van de band. Helaas kent hier nagenoeg niemand die songs, wordt de vaart daarmee uit het optreden gehaald en is het lang wachten voor het kwartje van de jukebox opnieuw gevonden wordt. Op zich zitten er prachtige songs tussen die nieuwe tracks, zoals Blackbird, over die ontmoeting van Suggs en Amy Winehouse in Dean Street in Soho. Een mooi oprecht eerbetoon dat helaas niet binnen komt bij de wachtenden op One Step Beyond. De filmpjes op het scherm zijn ook fraai, zeker als die animaties van Monty Python-achtige kwaliteit zijn, maar het publiek wil eigenlijk gewoon met die Nightboat mee naar Cairo. Uiteindelijk brult iedereen Welcome To The House Of Fun mee en sluiten publiek en band elkaar alsnog in de armen. It Must Be Love.

Op dinsdag mag de winnaar van de nieuwe lichting van Studio Brussel aftrappen: Tamino. Antwerpse jongen van net twintig met een Vlaamse mama en Egyptische papa. Categorie supertalent. Bescheiden, zachtaardig en vol gevoelige liedjes waar hij met die ongelooflijke stem zo verschrikkelijk veel emotie in kan smijten. Hij komt solo op, maar laat zich later bijstaan door Tom Pintens (keys) en Ruben Vanhoutte (drums). Dat geeft zijn songs wat meer body, al is eigenlijk alleen dat gitaarspel en die stem meer dan genoeg. Het publiek in Lokeren wordt er even muisstil van.

Het eerste optreden tijdens deze tiendaagse dat met regen te kampen heeft is dat van Het Zesde Metaal. Zanger Wannes Cappelle gaat daar geweldig mee om en betrekt het publiek zo goed bij het optreden dat niemand erom maalt of nog een druppel voelt. Hij beschikt dan ook over een meesterlijke band, met daarin wederom Pintens, maar ook de van Roosbeef bekende Nederlandse drummer Tim van Oosten. Met dank aan Ennio Morricone voor de filmische gitaarpartijen van Filip Wauters in de opener start een dynamisch optreden vol prachtige, gevoelige, humor- en zinvolle, melodieus sterke liedjes in het West-Vlaams die toch bij iedereen binnenkomen. Of ze nu over die betreurde wielrenner uit Ploegsteert, de liefde of vluchtelingen gaan. Wannes vraagt zich oprecht af waar we mee bezig zijn als het duurder is ergens een muur te bouwen om ze te weren dan een dak te fabriceren om ze onderdak te verschaffen. Ook het eerbetoon aan de overleden Luc de Vos van Gorki is prachtig; diens lied Boze Wolven wordt schitterend voorzien van het hoge koortje uit Where Is My Mind? van Pixies. Het onwaarschijnlijk succesverhaal van deze band gaat voort.

Dat van de jonge Britse zanger/pianist Tom Odell ook, maar dat is niet zo zeer te danken aan de subtiliteit die hij in de studio soms aan zijn songs meegeeft. De nu 26-jarige Odell had ervoor kunnen kiezen een anderhalf hit wonder te blijven, maar hij koos voor schaalvergroting. Hij kan het nog wel, mooi piano spelen en emotie in zijn liedjes stoppen, hij staat er tegenwoordig ook even graag stampend bovenop of druk zwaaiend vooraan op de catwalk. Het gevolg: bombast, stampende discobeats van zijn veel te luide drummer en stadionkoortjes. Zelfs zijn hit Another Love krijgt een stadionbewerking die er niet om liegt, maar het mooie liedje niet ten goede komt. Odell scoort ermee bij een deel van het publiek, maar ondergetekende gelooft er niets meer van.

De dinsdagavond sterft in schoonheid. Als afsluiter fungeert de Amerikaanse zanger Ben Harper. Solo wel te verstaan, met een kruk, een partij (akoestische) gitaren en een piano, eenzaam op dat hele grote podium. Moeilijke opgave voor Harper, die feitelijk een theateroptreden brengt, maar dan voor een hoeveelheid mensen die in tien theaters past en eigenlijk voor een feestje komt. De liefhebbers gaan wat dichter staan, de rest zoekt warmere oorden op tijdens deze eerste herfstdag van het jaar. Ook Harper (47) moet warm draaien. Tijdens het tweede liedje schrikt het publiek wakker door de keiharde kreet ‘Fuck, let’s start all over again.’ Hij zet Deeper and Deeper van zijn laatste album Call It What It Is nogmaals in en nu gaat het goed. Er volgen nog veel mooie songs en slide gespeelde instrumentale beauties uit zijn inmiddels zeventien albums tellende oeuvre. Met zijn voltallige live band achter hem had hij de mensen op dat plein ongetwijfeld langer kunnen boeien met zijn bluesy songs. Het leven is hard, ook voor de aimabele Harper; Welcome back to the cruel world         

Fotografie: Harrij Stekel

Deel dit artikel

Meest gelezen artikelen

concert
Ryan Adams

Flitsende Ryan Adams kan geen flits verdragen

Bij de merch verkopen ze een linnen tas met de tekst ‘I love Ryan Adams because I love Satan’. Die ...
blog

Mijn 25 jaar Lowlands

25 jaar Lowlands – dat schreeuwt zo vlak voor de aftrap om een terugblik. Op mijn vakantieadres heb ik er ...
concert
Megadeth

De muzikale overtuiging van Megadeth

Naar aanleiding van het optreden dat Megadeth op zondag 6 augustus gaf als onderdeel van de Lokerse Feesten schreef OOR-collega ...