concert

Arcade Fire in Ahoy: tussen groots en grootheidswaanzin

In hun alom geroemde headlineset op Best Kept Secret 2017 leek het alsof Arcade Fire – na een paar jaar lang toeren met shows vol moeizame gimmicks als papier maché-maskers en dresscodes voor het publiek – zijn menselijkheid had teruggevonden. In Hilvarenbeek speelde de band zonder al te veel poespas, maar vol enthousiasme en oprecht speelplezier. Het leidde toen tot een spontane toegift en bandgek Will Butler die weer eens in een geluidsmast klom. De vlaag van arrogantie die de band soms om zich heen had hangen was nergens te bekennen. Toen een paar weken later de marketingmachine voor het toen nog te verschijnen Everything Now op volle toeren ging draaien, was die air echter weer onontkoombaar. Als we vanavond voor de show in Ahoy goed en wel is begonnen al vanaf een scherm worden toegesproken door een gezichtsloze ruimtecowboy die ons allerlei fictieve merken aanprijst, vrezen we dan ook het ergste. Is Arcade Fire zijn menselijkheid alweer verloren?

De opkomst is in ieder geval weer als vanouds larger than life. Het optreden wordt aangekondigd als een worstelwedstrijd, terwijl de lampen zo gepositioneerd staan zodat het lijkt alsof het publiek zich ook op een worstelmat bevindt. Gelukkig heeft de band hierin wel zelfspot, zo slaat het rijtje met gewonnen prijzen wat in dit intro benoemt de niet verzilverde Oscarnominatie voor de soundtrack van de film Her niet over. Waarna Arcade Fire vervolgens aftrapt met het titelnummer van Everything Now verdwijnen al onze zorgen als sneeuw voor de zon. Als de band dit heerlijke disco-epos direct opvolgt met klassieker Rebellion (Lies) en bandleider Win Butler die song opdraagt aan Eberhard van der Laan (‘I heard this was his favorite song’), staat het kippenvel overal metersdik op de armen.

Waar shows van Arcade Fire voorheen vrij afstandelijk aan konden voelen, is dat nu definitief uit de wereld geholpen. Oké, het gros van de negenkoppige band, zangeres Régine Chassange voorop, leeft op het podium in zijn eigen wereldje, maar de gebroeders Butler zoeken regelmatig contact met het publiek. Waar Win vroeger nog wel eens over kon komen alsof hij wel erg overtuigd was van zijn eigen kunnen, stelt hij zich vanavond bijzonder innemend op. Het is vooral mooi hoe hij het publiek aanmoedigt om na veel van de nummers nog even door te zingen terwijl de band al aan de opbouw van het volgende nummer begint, vooral het ge-ooohooohooohooo wat na een zinderend No Cars Go nog door de zaal waart is ijzingwekkend mooi.

Op een enkele uitglijer na – reggae-uitstapje Chemistry had gerust achterwege mogen blijven – werkt de band met verve en vol speelplezier een setlist af met nummers die stuk voor stuk inslaan als een bom. Tijdens het één-tweetje van het kleine Neon Bible en de bombastische orgelballad My Body Is A Cage is het onmogelijk niet geëmotioneerd te raken door wat Arcade Fire op het podium teweeg brengt. Ook is bij ieder nummer wel aan iets gedacht om het net een beetje extra gevoel of uitstraling te geven. Zo wordt het podium tijdens My Body Is A Cage omgeven door een, u raadt het nooit, kooi van lichtstralen. Zo lijkt Arcade Fire heel lang af te stevenen op zijn tweede weergaloze show op Nederlandse grond, en dat terwijl het vroeger lang niet altijd boterde tussen ons en de band.

Helaas neemt de magie in het tweede uur enigszins af. Het blokje met drie nummers van The Suburbs kabbelt op het spetterende Ready To Start na een beetje voort. Vooral The Sprawl II (Mountains Beyond Mountains) is wel eens met meer schwung gespeeld. Het helpt ook niet dat de beveiliging tijdens dat nummer al de noodzaak ziet om op een weinig vriendelijke wijze een pad te creëren in het publiek, terwijl Régine er pas een kleine tien minuten laten tijdens Reflektor gebruik van zal maken. Zo staat een deel van de zaal krampachtig tegen elkaar gedrukt en schuin naar het podium te turen, alleen maar zodat de zangeres een dansje met laserpointers kan doen op een klein podium in het midden van de zaal. Win gaat tijdens Afterlife en later tijdens We Don’t Deserve Love ook nog die kant op om op die verhoging een deel van de nummers te zingen, maar is beide keren binnen een minuut weer weg. Wie hier gelukkig van moet worden is niet helemaal duidelijk – contact met het publiek wordt in deze intermezzo’s compleet vermeden – en het haalt de vaart ook uit de show.

Tijdens de onvermijdelijke afsluiter Wake Up zien we gelukkig de Arcade Fire van het eerste uur weer terug. De energie die van het podium afstraalt brengt die in het publiek tot een kookpunt, waarna het in het rustige outro nog een keer heerlijk meezingen is. Als Win voordat hij het podium verlaat het publiek nog een keer aanmoedigt om als koor te fungeren en de voor het nummer kenmerkende ‘woohoohoohoo; nog een keer door de zaal schalt, moet het kippenvel je haast wel op de armen staan. Zo zagen we een band die zijn menselijkheid zeker nog heeft, maar frustrerend genoeg af en toe zijn best doet om dit te verbergen. Dan slaat de aan de muziek inherente grootsheid om tot grootsheidswaanzin. In deze vorm is Arcade Fire nog steeds een geweldige liveband, maar soms ook een frustrerende. Tot over een paar jaar weer in Hilvarenbeek?

Fotografie: Daniël de Borger

Gezien: 11 juni, Ahoy, Rotterdam

Deel dit artikel

Meest gelezen artikelen

Word lid en kies je eigen cd-pakket. Nu met nieuwe albums!
abo-actie

Word lid en kies je eigen cd-pakket. Nu met nieuwe albums!

OOR deelt uit! Neem nu een halfjaar- (€34,-) of jaarabonnement (€66,95) op OOR en kies je eigen doldwaze cd-pakket uit. We ...
Bottle It In
album
Kurt Vile

Bottle It In

Artistieke surplaces, Kurt Vile moet er niets van hebben. De zanger en gitarist uit Philadelphia zat in The War On ...
Car Seat Headrest
Club OOR
Car Seat Headrest

Car Seat Headrest

Club OOR presenteert Car Seat Headrest op 14 november in TivoliVredenburg (Utrecht). Ben je OOR-abonnee en wil je hier gratis ...

Recensie: Arcade Fire in Ahoy: tussen groots en grootheidswaanzin (concert) | OOR